Auteursarchief: edwin

Onbekend's avatar

Over edwin

Schrijver, journalist, fotograaf. Woon en werk sinds 1988 in en rond Barcelona.

Marathon langs monumenten

maraton

Er was een tijd dat ik een beetje hardliep. We waren in topvorm, dronken nog niet zo veel bier en als we als verslaggever bij een groot atletiek- of zwemtoernooi toernooi waren liepen we er met een groepje altijd wat rondjes door een park, de straten of over een atletiekbaan. Vlak voor het WK Atletiek in Rome, 1987, ontdekte ik dat de Vivicittà werd gehouden, een populaire loop van 10 kilometer door de stad, langs zijn mooiste monumenten. De afstand bleek uiteindelijk iets van 12 km te zijn, maar het was meer dan de moeite waard. Door een Rome zonder auto’s renden we vanaf de start in Villa Borghese langs de Spaanse Trappen, de Fontona di Trevi, over het Piazza Navona, langs het paleis van Vittorio Emanuelle en het Coliseum, langs het historische Circo Massimo en via het Vaticaan naar de finish bij het Olympisch Stadion. Een wonderbaarlijke ervaring.

Barcelona heeft nu ook zoiets. De stad heeft sinds ruim 30 jaar zijn marathon, maar die begon altijd in Mataró, een stadje aan de kust, en liep in één rechte saaie lijn langs het strand en het spoor richting Barcelona, waar soms ook nog eens bovenop de Montjuïc moest worden gefinished. Slopend voor de benen en funest voor een goede tijd. Er was voor de lopers niets aan. Dus werd enkele jaren geleden besloten de marathon naar de stad te halen. Sindsdien is het aantal deelnemers sterk gegroeid, ook vanuit het buitenland. Morgen, zondag 1 maart, doen er 9.702 lopers mee. Dat is nog lang geen Rotterdam natuurlijk, maar ze krijgen wel iets anders dan de Erasmusbrug en de kubuswoningen te zien: het parkoers loopt langs het Camp Nou, de huizen Battló en Milà van Gaudí, de onvermijdelijke Sagrada Familia, de moderne Torre Agbar, de Olympische Haven, de Arc de Triomf en over de Rambla richting de finish bij de magische fonteinen van Montjuïc. Een grote winnaar is er bijna nooit, een goede tijd ook niet, maar voor de lopers is het een race vol afleiding. Ik doe niet mee.

Lijfwachten bij verkiezingen

lazkao

De drie mannen zijn militanten van de socialistische partij. Ze plakken posters op van hun leider Patxi López, zondag één van de twee grote kanshebbers bij de verkiezingen in het Baskenland. Naast deze mannen, net buiten de foto, staan twee lijfwachten. Toen ik naar hen toeliep om wat te vragen, sloegen ze alarm. Geen probleem! riep ik, ik ben journalist (wat voor sommigen dan wel juist weer een probleem is.) Ze vertelden dat ze zo door heel Baskenland rijden, in een busje zonder reclame van de partij, om overal in enkele minuten snel wat posters op te plakken voordat de aanhangers van de ‘gewapende strijd van de ETA’ hen opmerken, of gewoon nationalisten die niets moeten hebben van de ‘landelijke’ Spaanse partijen, de socialisten en de conservatieven van de Partido Popular. (Ze wilden trouwens geen foto’s, maar deze had ik daarvoor al van afstand genomen, en herkenbaar zijn ze niet…)

En nou was Lazkao, waar ik deze foto heb genomen, wel zeer ‘heet terrein’ voor de mannen. Maandag blies de ETA er hun net gerenoveerde partijkantoor op, waarbij geen gewonden vielen. Een jongeman die boven het kantoor woonde en wiens vader een socialistische wethouder was geweest, zag zijn flat behoorlijk beschadigd worden. lazkao2Woedend was hij, en hij toog een dag later met een grote hamer naar de plaatselijke Herriko Taberna, de bar waar de links radicale aberzales bijeenkomen en waarvan er zich één in elke stad en dorp bevindt. Hij sloopte het interieur, werd gearresteerd en moest uit het dorp vluchten om aan de wraak van zijn ‘politieke’ tegenstanders te ontsnappen. Leuk, verkiezingen.

Hommage aan ETA-leden

baskenland2

Het is het opvallende, maar tegelijk gebruikelijke beeld in veel kleine steden en dorpen in het Baskenland. Op het meest centrale plein van het plaatsje hangt een meestal lange rij foto’s; al jarenlang. Het zijn inwoners van het betreffende dorp die veroordeeld zijn voor het plegen van aanslagen of het toebehoren aan commando’s van de ETA. De burgemeester van die stadjes is dan meestal iemand van de links radicale aberzales, die beschouwd worden als de politieke arm van de ETA; daarom worden de foto’s niet verwijderd.

Eén avond per week is er een optocht om die ‘politieke gevangenen’ te eren. Maar vooral ook om te pleiten voor hun terugkeer naar het Baskenland. Het is altijd de politiek van de Spaanse staat geweest om veroordeelde ETA-leden zo ver weg mogelijk in gevangenissen te plaatsen. Aanvankelijk was dat op de Canarische Eilanden, later Zuid- en Midden-Spanje. Dat was een extra straf, zodat familieleden hen niet zo vaak konden bezoeken.

Deze foto maakte ik dinsdag (laatste dag van het carnaval) in Mondragón, het stadje waar precies een jaar geleden een socialistische wethouder door de ETA werd vermoord. ‘Van hem kunnen we geen foto op straat hangen,’ beklaagt een partijgenoot zich. Het is de schizofrene situatie van het Baskenland, waar de meerderheid tegen het geweld is en hoopt op een definitieve wapenstilstand. (Het meer volledige verhaal hierover, zaterdag in het AD: Baskenland stemt tegen angst)

En ondanks alles blijft Baskenland een prachtige land, natuurlijk, met onder anderen het prachtige Guggenheim-museum dat het straatbeeld van Bilbao beheerst en gisteren in de avondzon prachtig schitterde:

baskenland6

Hitler bombardeert Baskenland

guernica

Weer een korte reis in verband met de regionale verkiezingen van zondag. Ook in Baskenland gaat gestemd worden. Piepklein landje eigenlijk, je rijdt binnen een uur van de ene grote naar de andere grote stad, waarvan er drie zijn, Bilbao, San Sebastian en Vitoria, waar de regering zetelt. Helaas is het prachtige, bergachtige Baskenland met zijn enorme stranden buiten Spanje vooral berucht om de ETA, die gisteren een partijkantoor  van de socialisten opblies om zich ook even met de verkiezingen te bemoeien.

De foto is een herinnering aan andere bommen: de begraafplaats van Guernica, of Gernika op zijn Baskisch. Op de vermelde datum kwam het Condor-legioen van Hitler overvliegen, met hulp van ook nog wat Italianen van Mussolini, om de rebelse opstandeling en latere dictator Francisco Franco een handje te helpen in de door hem ontketende Burgeroorlog. Zo’n 70% van Guernica werd verwoest, honderden mensen overleefden het massale bombardement niet. Guernica is nu één van de meest ‘radicale’ dorpen in het verzet tegen de Spaanse staat. Het bombardement inspireerde Picasso tot zijn beroemdste schilderij:

picasso_guernica2

Minder auto’s

diagonal

Vanochtend op de Diagonal, het bovenste deel van de 11 kilometer lange straat dwars door Barcelona. In Nederland staan er minder file’s, zeggen ze. Ook in Spanje is het verkeer afgenomen. Nu is het richting Barcelona alleen ’s morgens een grote drukte – hoewel de file’s nooit langer dan 5 of 6 kilometer zijn -, maar ook die intensiteit van het verkeer is afgenomen. De foto is van negen uur, het ergste is voorbij, je rijdt vanaf het zuiden eenvoudig de stad in. Volgens de gemeente rijden er op de Diagonal 5,4% minder auto’s dan een jaar geleden. Met de benzineprijzen heeft dat niets meer te maken: voor de 1,30 euro die ik in november nog voor een liter diesel bestaalde staan we nu weer gewoon op 0,88. Maar er worden bijna geen auto’s meer verkocht en de mensen kiezen voor goedkopere vervoersmiddelen om in de stad te komen.

Het feest gaat door

carnaval2

Eerste van de twee grote optochten door Sitges. Een koele, maar onbewolkte zondagavond, tienduizenden mensen rondom een steeds beter beveiligde route door het hele dorp. Elke praalwagen doet er zo’n vier uur over om de nog geen drie kilometer af te leggen en enkele jaren geleden leidde dat nogal eens tot problemen op het laatste deel van het sambodromo. De laatste wagens, vertrokken ver na middernacht, kwamen rond een uur of vier, vijf door de straat met de meeste kroegen, waar de dronkenschap inmiddels massaal had toegeslagen en de billen en borsten van de schaars geklede danseressen, carnaval4vaak gewone huismoeders van een jaar of 40, 50 en zelfs oma’s van 60 en 70, voortdurend werden betast. De vrouwen waren het zat, de gemeente zette hoge dranghekken neer en de politie stuurde tientallen extra manschappen.

Het nam het plezier op de eerste zondagavond niet weg. Was een gezelliger avond dan je als niet-carnavalvierder kunt verwachten. Veel discomuziek, heel veel dans en meer of minder geslaagde verkleedpartijen. Dinsdagavond is de tocht opnieuw, de Rua del Extermini, het rien non va plus, het gekkenhuis voordat op woensdag het carnaval wordt afgesloten en het vasten begint… Historisch: de treinen van een uur of vijf, zes ’s morgens van Sitges naar Barcelona, met de restanten van verklede mensen erin.

Het feest is weer begonnen

sitges-carnaval2

In Nederland is het voor onder de rivieren, in Spanje voor heel het land. Gevolg van het katholicisme. Maar binnen Spanje zijn er weer drie plaatsen waar het carnaval het beroemdst is, op Tenerife, in Cadiz en in mijn dorp, Sitges. Heeft trouwens helemaal niets te maken met boerenkapellen en zo. Vooral een kleurig feest met veel muziek, maar dan nog: je moet er van houden. Het begon donderdag, met de binnenkomst van koning Carnaval (geen alaaf of zo, maar een meestal origineel verkleed persoon en zijn hele hofhouding), vrijdag bezocht hij alle scholen en vanochtend de markt. Ook vanochtend werd een oude traditie in ere hersteld: een beddenrace. Jolig, niet meer dan dat. Het was gelukkig nog niet druk.

Dat wordt het zondag en vooral dinsdag. Beide dagen zijn de rua’s, de enorme, urenlange optochten. ’s Middags van de kinderen, zo’n 30 praalwagens, ’s avonds van de ouderen, met het dubbele aantal feestvierders. Het is de grootste gekte van het jaar. Z0’n 250.000 bezoekers uit Barcelona en omgeving komen op dinsdagavond naar de Rua del Extermini, het extatische slot dat tot ergens ’s morgens vroeg duurt. We zullen erover blijven berichten…

De trein van middernacht

sants

De laatste trein van Barcelona naar Sitges vertrekt om 00.15 uur vanaf het centrale station Sants. Ik neem hem af en toe, als laatste reddingsboei, wanneer het onverwacht laat is geworden in Barcelona. Een rustige, vrijwel nooit onaangename rit, zeker niet op de donderdagavond. Er is geen conducteur aan boord – die bestaan in Spanje in de treinen rond de grote steden niet meer, slechts heel sporadisch is er een kaartjescontrole op de stations -, maar er is ook nooit rotzooi, letterlijk noch figuurlijk. Doet me altijd denken aan een late avondrit van Den Haag HS naar Rotterdam CS; hoef ik verder niet over uit te weiden, de klaagzangen van passagiers, conducteurs en spoorpolitie van de NS zijn voldoende.

Feit is dat er in Spanje, over het algemeen, veel minder agressie heerst dan in Nederland. Minder opgefokt. Slechts in de laatste trein van vrijdag of zaterdag is het rumoerig, gaat de blowende jeugd naar de disco ergens aan de Costa Dorada om pas de volgende ochtend terug te keren. Dan ook zijn er twee mannen/vrouwen van een bewakingsdienst, plus herdershond, aan boord. Om het stel een beetje in toom te houden, en dat lukt meestal wel.

Niet dat alle treinreisjes perfect zijn, er is regelmatig vertraging, maar onveilig in de trein heb ik me als bijna dagelijkse reiziger nog nooit gevoeld. Het ziet er ook al anders uit, wachten na middernacht op het helder verlichte perron van Sants, met onder anderen drie meisjes die op weg gaan naar het carnaval in Sitges, dan op een tochtig, duister perron van Rotterdam-Alexander.

Een 10-rittenkaart Sitges-Barcelona kost 21 euro, 2,10 per rit van 45 kilometer, maar ’s avonds laat staan alle poortjes wijd open en betaalt geen hond. Misschien dat daarom niemand onaardig doet.

Het laatste dorp van de wereld

riodolas

Het einde van de wereld kun je op veel plaatsen vinden, maar nergens zo veel als in Galicië. Gisteren was onze laatste dag van de korte trip en we sloten die af met een ‘typisch’ bezoek in Noordwest Spanje: aan een verlaten of bijna verlaten aldea, één van de heel veel dorpjes die vroeger vol met leven waren, met kinderen die op straat speelden en ezels en wagens getrokken door koeien die voor het transport zorgden, maar waar nu de stilte van de stenen overheerst.

Riodolas ligt verstopt in gitzwarte bergen in de provincie Ourense. Sinds enkele decennia wordt er leisteen gewonnen en de hele vallei lijkt opengebroken. Ergens rechtsboven op de foto, net niet zichtbaar, ligt Riodolas. Er zijn nog zo’n zeven huizen bewoond, allemaal gepensioneerde mensen. De jeugd is er vertrokken, al lang geleden.

In heel Galicië, dat slechts 2,78 miljoen inwoners heeft (94 per vierkante kilometer), zijn inmiddels 1.400 van die dorpjes volledig verlaten en in 750 anderen is er nog slechts één bewoner. Als hij of zij (meestal zij, de vrouwen leven ook hier langer  dan de mannen) overlijdt, is dat dorpje ook weer verlaten. Het is één van de regio’s in Europa die het snelst vergrijst, samen met enkele streken in Duitsland.

Mooi blijft het wel, die eenzaamheid op verre plekken. Voor een kort bezoekje, of een lang weekeinde. Maar niet om te leven.

Volle tafel

monforte

Wel eens in een Nederlands huis zomaar om een uur of zes ’s avonds binnengevallen? Bang dat de mensen net aan tafel zaten? Of je niet welkom gevoeld omdat ma of pa net in de keuken stond en ze bijna gingen eten? Hebben ze ooit gevraagd: blijf je ook eten? Hadden ze genoeg in huis? Niet net twee of drie karbonaadjes en de precieze hoeveelheid gekookte aardappelen en boontjes voor de mensen in huis? In Spanje is het meestal omgekeerd. Kom je op bezoek en wil je niet echt meeëten, gewoon even gedag zeggen, en dan toch eindig je aan een volle dis. Zoals gisteravond. Even, nog ruim vóór etenstijd, bij de schoonmoeder van de fotograaf langsgeweest, in Monforte de Lemos, een stadje diep in het binnenland van Galicië verstopt. Alleen even hallo zeggen, zei hij. Maar hij waarschuwde al: hoogstwaarschijnlijk ontkomen we niet aan het eten. Zeker niet. Binnen tien minuten stond er een enorme empanada gallega (een soort deeg gevuld met groenten en, in dit geval, konijn), chorizo en ham van het varken dat in het najaar was geslacht en vers sla met tomaten uit haar tuin op tafel. Of we ook nog tortilla wilden, en varkensribbetjes. Nee, dank u. Maar we moesten aandringen om NEE te zeggen, anders waren we er nog uren geweest. Ze is weduwe, maar de vriezer en de kasten waren bomvol. Voor haarzelf en al die mensen die langskomen, ook al is het onverwacht. Gastvrijheid, heet dat.