Tagarchief: barcelona

Minder auto’s

diagonal

Vanochtend op de Diagonal, het bovenste deel van de 11 kilometer lange straat dwars door Barcelona. In Nederland staan er minder file’s, zeggen ze. Ook in Spanje is het verkeer afgenomen. Nu is het richting Barcelona alleen ’s morgens een grote drukte – hoewel de file’s nooit langer dan 5 of 6 kilometer zijn -, maar ook die intensiteit van het verkeer is afgenomen. De foto is van negen uur, het ergste is voorbij, je rijdt vanaf het zuiden eenvoudig de stad in. Volgens de gemeente rijden er op de Diagonal 5,4% minder auto’s dan een jaar geleden. Met de benzineprijzen heeft dat niets meer te maken: voor de 1,30 euro die ik in november nog voor een liter diesel bestaalde staan we nu weer gewoon op 0,88. Maar er worden bijna geen auto’s meer verkocht en de mensen kiezen voor goedkopere vervoersmiddelen om in de stad te komen.

Het feest gaat door

carnaval2

Eerste van de twee grote optochten door Sitges. Een koele, maar onbewolkte zondagavond, tienduizenden mensen rondom een steeds beter beveiligde route door het hele dorp. Elke praalwagen doet er zo’n vier uur over om de nog geen drie kilometer af te leggen en enkele jaren geleden leidde dat nogal eens tot problemen op het laatste deel van het sambodromo. De laatste wagens, vertrokken ver na middernacht, kwamen rond een uur of vier, vijf door de straat met de meeste kroegen, waar de dronkenschap inmiddels massaal had toegeslagen en de billen en borsten van de schaars geklede danseressen, carnaval4vaak gewone huismoeders van een jaar of 40, 50 en zelfs oma’s van 60 en 70, voortdurend werden betast. De vrouwen waren het zat, de gemeente zette hoge dranghekken neer en de politie stuurde tientallen extra manschappen.

Het nam het plezier op de eerste zondagavond niet weg. Was een gezelliger avond dan je als niet-carnavalvierder kunt verwachten. Veel discomuziek, heel veel dans en meer of minder geslaagde verkleedpartijen. Dinsdagavond is de tocht opnieuw, de Rua del Extermini, het rien non va plus, het gekkenhuis voordat op woensdag het carnaval wordt afgesloten en het vasten begint… Historisch: de treinen van een uur of vijf, zes ’s morgens van Sitges naar Barcelona, met de restanten van verklede mensen erin.

De trein van middernacht

sants

De laatste trein van Barcelona naar Sitges vertrekt om 00.15 uur vanaf het centrale station Sants. Ik neem hem af en toe, als laatste reddingsboei, wanneer het onverwacht laat is geworden in Barcelona. Een rustige, vrijwel nooit onaangename rit, zeker niet op de donderdagavond. Er is geen conducteur aan boord – die bestaan in Spanje in de treinen rond de grote steden niet meer, slechts heel sporadisch is er een kaartjescontrole op de stations -, maar er is ook nooit rotzooi, letterlijk noch figuurlijk. Doet me altijd denken aan een late avondrit van Den Haag HS naar Rotterdam CS; hoef ik verder niet over uit te weiden, de klaagzangen van passagiers, conducteurs en spoorpolitie van de NS zijn voldoende.

Feit is dat er in Spanje, over het algemeen, veel minder agressie heerst dan in Nederland. Minder opgefokt. Slechts in de laatste trein van vrijdag of zaterdag is het rumoerig, gaat de blowende jeugd naar de disco ergens aan de Costa Dorada om pas de volgende ochtend terug te keren. Dan ook zijn er twee mannen/vrouwen van een bewakingsdienst, plus herdershond, aan boord. Om het stel een beetje in toom te houden, en dat lukt meestal wel.

Niet dat alle treinreisjes perfect zijn, er is regelmatig vertraging, maar onveilig in de trein heb ik me als bijna dagelijkse reiziger nog nooit gevoeld. Het ziet er ook al anders uit, wachten na middernacht op het helder verlichte perron van Sants, met onder anderen drie meisjes die op weg gaan naar het carnaval in Sitges, dan op een tochtig, duister perron van Rotterdam-Alexander.

Een 10-rittenkaart Sitges-Barcelona kost 21 euro, 2,10 per rit van 45 kilometer, maar ’s avonds laat staan alle poortjes wijd open en betaalt geen hond. Misschien dat daarom niemand onaardig doet.

Authentieke tapas

tapas1

Tapas heb je overal in Spanje. En in Nederland. Overal ter wereld, van Tokio tot San Francisco. Sinds een jaar of tien is het eenvoudige woordje synoniem aan lekker eten. Vroeger was paella hét Spaanse gastronomische product, nu zijn dat de tapas geworden. Zet in Amsterdam tapas op de deur (of tapa’s) en je hebt kans op een vrij grote groep potentiële klanten. Net zoals de Chinezen in plaats van Babi Pangang nu hun Dim Sum promoten. Staat moderner.

Maar in die overvloed aan tapas moet je wel de juiste weg vinden. Zoals iedereen heb ik een favoriet in Barcelona. Geen geheim barretje, want er staat elke dag een flinke rij voor de deur, dus mag ik hem eenvoudig op een (dank jullie allemaal) steeds beter gelezen weblog zetten. Ben er zojuist weer een keer geweest, met een Spaanse vriendin uit Nederland.

Tapas24 ligt centraal, op Diputació, bijna op de hoek met Paseo de Gràcia. Aanvankelijk heette het Tapaç24, maar die ç deed het waarschijnlijk slecht op internet, want op veel toetsenborden buiten Spanje en Frankrijk bestaat de ç niet. De naam is een knipoog naar het moederrestaurant, Comerç24, straatnaam- en nummer van de zaak met 1 Michelin-ster.

tapas1-1Beide zijn van Carles Abellán, een leerling van meester Ferran Adrià. Tevreden met het succes van Comerç24 vond Abellán het tijd de authentieke tapa opnieuw uit te vinden. Geen moderne hapjes, maar veel klassiekers op de best mogelijke manier bereid. De netten hangen er vol met de meest verse en grote scharreleieren. Zoals de kenners zeggen: het belangrijkste in de goede keuken is het basisproduct.

Vandaag: alcachofas fritas (gefrituurde artisjokken), pinxos de alhucema (Marokkaanse spiesjes), biquini Tapaç24 (een dure tosti met eikeltjesham), patatas bravas (fijn gesneden, zachte saus) en calçots (een soort lente-ui, typisch Catalaans). Daar moest een foto bij en het meisje uit de bediening wilde even poseren, want ze staat ook op alle foto’s van de Japanners die in de zaak komen, zei ze.

Zo klein en knus is de zaak, dat je met andere mensen aan de bar of een tafel zit. Wij zaten met vijf mannen/vrouwen die een klein prijsje uit de toto aan het verzilveren waren. De twee mannen zagen dat ik onze rekening betaalde en zeiden dat ik stom was. Ik zei dat een echte heer geen toto nodig heeft om een dame te tracteren. De vrouwen lachten, één van de mannen werd boos. Spaanse macho in een klassiek overhemd. Weet niet of-ie het eten nog lekker vond.

Op bezoek bij God

muntanerVanmiddag een interview met Johan Cruijff gehad, voor het Audi-magazine. Behalve die ene prachtige Citroën-Maserati waar Cruijff ooit als jonge speler mee reed, ken ik hem alleen van zijn Mercedes-stationwagen, zijn halve leven lang. Maar in Nederland heeft hij een Audi staan, zegt hij.

Nu ging het gesprek niet over auto’s, maar over foto’s, beelden uit zijn leven. Onder anderen van zijn huis in Barcelona, op de flanken van de Tibidabo, een berg van ruim 500 meter hoog. Een luxe-wijk waar ook zijn Foundation huist. Daar hadden we afgesproken. Met de fiets omhoog: het is te doen, al denken veel mensen in Barcelona van niet. Het leukste is dan weer terug te fietsen, zo’n zeven kilometer bergaf door Muntaner, één van die ellenlange straten die van boven naar beneden lopen. (In Barcelona zeg je niet linksaf of rechtsaf, maar naar boven en naar beneden.) Jammer dat er stoplichten zijn onderweg.

En terwijl de nederige interviewer/fietser zich weer de stad in stortte, bleef God tevreden achter op zijn berg. Hij zag er goed uit, trouwens. Net terug van zijn jaarlijkse wintervakantie op Mauritius.

Explosie van fietsers

biciaccidente

Dat van die explosie in de kop van dit stukje houdt niet direkt verband met het beeld. Ik bedoel, deze fietster is niet ontploft, maar door een auto geschept op de Diagonal, met 10,3 kilometer de langste straat van Barcelona en die met het oudste én vervelendste fietspad van de stad, daar waar fiesters en voetgangers om een plaatsje op dezelfde ruimte strijden. Dat geeft nogal eens wat conflicten.

De explosie uit de kop betreft het aantal dagelijkse fietsers, dat in 8 jaar is gegroeid van 15.000 naar 85.000. En dat zijn de mensen die hun eigen fietsen gebruiken. Daarbij komen de liefst 184.000 abbonnee’s van Bicing, de openbare fiets van Barcelona. Ze stappen niet allemaal tegelijk op één van de 6.000 fietsen, die in totaal zo’n 35.000 keer per dag worden gebruikt, maar ze zorgen wel voor de nodige problemen. Soms zijn er geen fietsen bij één van de 400 stations, soms is zo’n stalling vol en vaak zijn de fietsen defect. Zó intensief is het gebruik dat elke fiets twee keer per maand gerepareerd moet worden.

Het mag allemaal niet deren. Barcelona heeft zich opgeworpen tot dé fietsstad in Zuid-Europa. Parijs heeft een al even succesvol systeem, de Vélib, en Rome volgt binnenkort. Las bicicletas son para el verano is een Spaanse kreet die critici lang hebben gebruikt. Fietsen zijn alleen voor de zomer. Onzin, natuurlijk, en helemaal in Barcelona, waar je ook nu in januari bijna nooit handschoenen aan hoeft.

En dan nog over die foto: het is opvallend hoe weinig ongelukken er met fietsers gebeuren ondanks die explosieve stijging. Iets meer dan 300 per jaar, en zonder ernstig gewonden of doden. Houden zo.

De foto hierboven

somorrostro23

Even een uitleg over de foto in de header. Ook dit was Barcelona, en niet eens zo lang geleden. Kijk naar de kleren van de twee mannen in het midden, lijkt op de jaren zestig. Op deze plaats komen nu elk jaar zo’n zes miljoen mensen zonnen en zich baden. Het is het strand van Barcelona. Althans, nu ligt er opgespoten zand, voorheen dus niet. Tot eind jaren zestig lag aan zee één van de grootste krottenwijken van de stad, het historische Somorrostro, aan de grens van de visserswijk Barceloneta. Voor wie de stad een beetje kent: op de plaats van deze foto ligt nu ongeveer de Olympische haven met zijn twee torenflats. Het was trouwens niet de enige krottenwijk. Op de Montjuïc was er een beruchte en ook bijna midden in de stad, La Perona, aan de spoorlijn. Ja. Barcelona is een beetje veranderd.

Huiselijk geweld bij Sagrada Familia

ESPAÑA-VIOLENCIA MACHISTA

Hij zit op de stoep, kijkt naar de fotograaf en zijn handen zijn besmeurd met bloed. Toevallig (?) dezelfde kleur die in onregelmatige strepen op zijn t-shirt figureert. Jesús María heet de man, maar zo heilig als die dubbele voornaam is hij niet. Hij heeft zojuist zijn Russische ex neergestoken, zes messteken in de hals die niet dodelijk bleken. Zij werd door drie omstanders gered, op een straathoek bij de Sagrada Familia. Een kantoorklerk bestreed de messetrekker met papieren, een gasinstalleur sloeg hem met een stok in de ribben en een Ecuatoriaanse arbeider sloot de gewonde vrouw in zijn auto op zodat de aanvaller niet meer bij haar kon. Dankzij die drie moedige mannen leeft zij nog en kon ‘Jezus Maria’ worden gearresteerd.