Auteursarchief: edwin

Onbekend's avatar

Over edwin

Schrijver, journalist, fotograaf. Woon en werk sinds 1988 in en rond Barcelona.

Eindelijk lente

strand

In Nederland zouden we misschien al gelijk in bikini en zwembroek liggen, maar dat durven de Spanjaarden nog niet in maart. Maar de eerste voorjaarsdag na een ongekend lange, koude, natte en winderige winter werd vandaag direkt gevierd. Sitges liep bomvol – ook al omdat er de ‘rally’ van 70 historische auto’s plaatsvond – en enkele mensen verlieten de boulevard en doken een uurtje het strand op. De terrasjes zaten vol met eters, alles was ineens wat vrolijker. Eindelijk.

Ruzie in de arena

josetomas1

Stierenvechten is een kwestie van smaak. Ik heb het niet over het vóór of tégen zijn, maar wélke stierenvechter het beste is. Je kunt het niet meten aan doelpunten en het aantal afgesneden oren en staarten is ook subjectief, want dat is een prijs die door het applaus van het publiek wordt bepaald. Toch, in een kleine wereld waar de meningen altijd verdeeld zijn is iedereen het er over eens dat José Tomás de grootste is; misschien nog niet die van aller tijden, maar wel van dit moment. Bij zijn nog jonge leven is hij al een mythe, één die wordt vergroot omdat hij bijna geen interviews geeft en hij slechts in de arena foto’s van zich laat maken. Ook trok hij zich enkele jaren terug, om onbekende redenen. Nu acteert hij weer. Dat hij op bovenstaande foto door een stier op de horens wordt genomen is niet omdat hij een kneus is. Alle stierenvechters zijn doodsbang voor de grote beesten van 500 kilo, maar binnen die grenzen van de angst is Tomás de moedigste. Niemand komt zo dicht bij de stier als hij.

josetomas2José Tomás is boos nu. Het is nog geen stierenvechtseizoen, maar het ministerie van Cultuur heeft een collega van hem een eremedialle gegeven voor de schone kunsten. Tomás heeft er ook één, van 2004, maar heeft die nu, samen met een ander, weer teruggegeven. Als het ministerie die medailles zo makkelijk weggeeft, dan hoeft hij hem niet meer, zegt hij. Want de laatste is gegaan naar Fran Rivera, zoon van een beroemde stierenvechter, Paquirri, die in de arena overleed en daarvoor getrouwd was geweest met een beroemde volkszangeres, Isabel Pantoja. Sommigen vinden Rivera wel goed, maar hij is vooral een ‘media-torero’, eentje die vaker in de roddelbladen dan voor een stier staat. Allemaal beroemde vriendinnetjes, van adellijke erfgename’s tot vroegere missen: geen man in Spanje die zo’n erotische aantrekkingskracht heeft als de torero (schrijf nooit toreador, dat is fout; het is torero of matador).

José Tomás vindt dat helemaal niets. Een stierenvechter moet zich tot zijn vak beperken, het bloedige en boeiende gevecht met de stier aangaan. Zoals hij. En zelfs al ben je pertinent tégen deze vorm van dierenmishandeling, bij het aanschouwen van José Tomás vergeet je het bloed en wordt je opgeslokt door de kunst en de passie.

Gips van cocaïne

SPAIN-CHILE-CRIME-DRUG-OFFBEATOpgepakt op het vliegveld van Barcelona: een 66-jarige Chileen, in een toestel afkomstig uit Santiago de Chile, met een gipsen poot. Politie maakte röntgenfoto’s, want je weet nooit, en de man had inderdaad een gebroken scheen- én kuitbeen. Maar omdat hij in vier bierblikjes en twee krukjes cocaïne had verstopt, werd het gips aan een nader onderzoek onderworpen. En wat bleek: in het gips was een flinke hoeveelheid cocaïne opgelost en vermengd. In totaal had de man 4.855 gram van het witte spul bij zich. De politie vermoedt dat hij zijn been opzettelijk heeft laten breken. Auw!

Barcelona, BCN, Barna of Barça?

Een kortje, naar aanleiding van een recente reactie, om een hardnekkig misverstand uit de weg te ruimen: de stad Barcelona, afgekort, heet Barna (of BCN, dat is in de mode, de code van het vliegveld). De afkorting Barça is die van de voetbalclub.

Nasynchroniseren

film2film3

 

 

 

 

 

 

 

 

Een Catalaanse regisseur ging laatst naar een bioscoop in Vilafranca del Penedès, het hart van de streek waar onder andere de bubbelende cava wordt gemaakt, en vroeg of er ook een film in Versión Original draaide, letterlijk vertaald de originele versie, op filmposters en -ladders aangegeven als V.O. subtitulada. De dame achter de kassa had geen idee wat hij bedoelde.

V.O. staat voor de films die in hun oorspronkelijke taal worden vertoond, en dat is in Spanje, net als in Italië, Frankrijk en Duitsland, nogal een zeldzaamheid. Het is ook één van de oorzaken van de waardeloze kennis van het Engels van de meeste Spanjaarden. De meerderheid geeft er de voorkeur aan de films nagesynchroniseerd te bekijken, wat tot absurde situaties kan leiden. Zo is de stem van Javier Bardem, die in Vicky Cristina Barcelona van Woody Allen ook Engels spreekt én dus nagesynchroniseerd moet worden, niet die van Bardem zelf, een zware stem die alle Spanjaarden kennen. En daarnaast worden alle filmtitels ook nog eens vertaald, soms letterlijk (zoals op twee bovenstaande posters), maar soms bedoeld origineel. Eén van de ergste die ik me kan herinneren is After Hours, die in Spanje Jo, qué noche! ging heten: Jeetje, wat een nacht

De reden van het publiek om toch maar voor die vreselijke versión doblada te kiezen? Als ze de ondertitels moeten lezen, kunnen ze niet naar het beeld kijken en missen ze de helft van de film. Daarom wordt slechts 7% van alle films die in Spanje in de bioscoop worden vertoond ondertiteld. En zalen die deze films in originele staat programmeren zijn slechts te vinden in de allergrootste steden. Hoewel, in Madrid had je tot tien jaar geleden slechts één bioscoop die het aandurfde. In Barcelona, met veel buitenlanders die in de stad wonen, zijn zo’n zes bioscoop-complexen met V.O-films, in totaal zo’n 25 zalen. (Trouwens, ik wilde ooit in Milaan naar de film: niet één bioscoop met een originele ondertitelde versie.)

Ik kom op dit onderwerp door de wet die de Catalaanse regering gisteren uitvaardigde. Om de eigen taal te verdedigen tegen het oprukkende Spaans, wil zij dat minimaal de helft van de buitenlandse films niet in het Spaans maar ook in het Catalaans wordt nagesynchroniseerd. Waarom niet slechts Catalaans ondertitelen, dát is pas voortuitgang, is het tegenvoorstel dat uit de filmwereld komt.

Hollandse pot

eten

Niet alle Nederlanders die ergens in een buitenland zijn gaan wonen zweren hun gewoontes van vroeger af. Er schijnen er zelfs te zijn die het voor elkaar krijgen in Spanje gewoon vóór zeven uur ’s avonds warm te eten. Bij mij thuis is de belangrijkste warme maaltijd tussen twee en drie uur ’s middags. Zelf ben ik er bijna nooit, dus maak ik ’s morgens het eten voor de kinderen klaar en kunnen ze aan tafel (of aan het bureau met computer, of op bed, of op de grond…) zodra ze uit school komen. Nou had ik natuurlijk een foto kunnen maken van een paella, of een heerlijk stukje vis, of de eenvoudige arroz a la cubana maar juist déze, van vanochtend, vind ik zo grappig omdat mijn kinderen bijna niets hebben met Nederland. Ze zijn, 18 en 16 jaar geleden, in Barcelona geboren en kennen het land van hun vader van slechts sporadische bezoekjes. Toch willen ze graag één keer per twee weken, ongeveer, een bord met aardappelpuree, boontjes of spinazie en een stukje vlees, dit keer – stom toeval – een heuse gehaktbal… Met natuurlijk een flinke sloot jus erbij.

Boter is eigenlijk uit den boze wanneer je altijd met olijfolie kunt koken, maar kinderen blijken de smaak ervan op de één of andere manier toch lekker te vinden. Dus eten ze de vis niet alleen van de grill of uit de oven (meestal een dorada of lubina, een zeebaars), maar soms ook merluza (heek) in een botersausje. Vis trouwens die hen denk ik opvallend gezond houdt, want ziek zijn ze bijna nooit, al eten ze nauwelijks groente of fruit. Maar twee of drie keer per week een héél erg vers visje – nóóit gefrituurd – doet ook wonderen, blijkt.

Eet smakelijk.

Een Spaanse Sinterklaas

santmedir

Vandaag is het Sant Medir. De heilige leefde ergens in de vierde eeuw, of eigenlijk was het gewoon een boer. Hij woonde in de bergen net buiten Barcelona en werd slachtoffer van de vervolging van christenen in die tijd. Eeuwen later werd op de plaats waar hij woonde een klein kapelletje gebouwd, dat nog altijd overeind staat: de Ermita de Sant Medir ligt achter de Tibidabo-heuvel in het natuurpark Collserola, aan één van de vele prachtige wandelpaden die er in dat oneindige bos bestaan, op slechts 15 minuten rijden van de grote vervuilde stad.

Elk jaar op 3 maart staat de wijk Gràcia in Barcelona in het teken van Sant Medir: allerlei soorten wagens met paarden trekken er op uit om samen de tocht naar de kapel te maken en Sant Medir eer te bewijzen. Nou zijn er in Spanje katholieke feesten en pelgrimstochten genoeg natuurlijk (het aantal feestdagen is niet te tellen), maar het leuke van deze is dat vanaf die wagens tonnen met snoepgoed wordt gegooid. Een soort échte Spaanse Sinterklaas dus, alleen brengt hij geen kadootjes mee.

Minder vluchten Amsterdam-Barcelona

vueling1

Slecht nieuws voor de reizigers onder ons. Al waren de vluchten tussen Amsterdam en Barcelona de laatste jaren al wat duurder geworden – vooral door die hoge Schiphol-taxen – nog altijd werden de vier maatschappijen die de route aanboden gedwongen scherp te prijzen. Zelfs de KLM deed en doet mee in de race met de low cost-carriers Transavia, Vueling en Clickair. De laatste was een goedkope afscheiding van Iberia, dat zich vrijwel volledig vanuit Barcelona heeft teruggetrokken en vanaf het vliegveld van El Prat nog slechts naar Londen vliegt.

Maar met Vueling ging het niet echt goed en twee weken terug kwam het al eerder verwachte akkoord over een fusie met Clickair. Sinds deze week bieden beide maatschappijen hun vluchten op elkaars web aan. Hadden ze een tijd terug met zijn tweeën nog vijf of zes vluchten per dag op deze populaire route, nu houden ze het op drie. En ze hoeven elkaar niet meer te beconcurreren, zo is aan de prijzen te zien: ze bieden gewoon exact hetzelfde tarief aan.

Eixample of Manhattan?

eixample

Een plaatje, vanochtend, van één van de vele hoeken van de Eixample, de grootste wijk van Barcelona, die met dat schaakbordpatroon. Terrasje, drankje, muziek op, klein zonnetje en het leven is weer aangenaam. In mijn boek Het Barcelona-gevoel schreef ik al over dit wonderbaarlijke stratenpatroon, en vooral het ontwerp dankzij welke dit soort terrasjes mogelijk zijn. Hieronder een fragment uit het boek, over toen Ronald Koeman hier in 1989 voor het eerst neerstreek:

“Rond. Alles rond. Of in ieder geval niet scherp. Koeman kreeg die gedachte toen hij door de Eixample reed, wat vroeger de Ensanche heette, een magistraal stedebouwkundig plan van Ildefons Cerdà, een visionair voor zijn tijd, halverwege de negentiende eeuw. Dat ‘ronde gevoel’ komt van de hoeken van het gigantische schaakbord waarmee Cerdà de uitbreiding van Barcelona buiten de stadsmuren ontwierp en die de stad zou verbinden met de nabijgelegen dorpjes Sants, Les Corts, Gràcia, Sant Martí en Sant Andreu. Het meest opvallende: hij schiep brede straten om voor voldoende ruimte te zorgen voor de paardenkarren, alsof hij wist dat er in de volgende eeuw automobielen over het plaveisel, soms acht banen breed, zoals in de Carrer Aragó, zouden moeten rijden. En hij crëerde heel ruim opgezette tuinen aan de binnenkant van elk huizenblok, dat in Spanje een manzana (appel) heet en aanvankelijk niet hoger dan de begane grond en drie verdiepingen mocht zijn. Een beetje omhoog kijken in Barcelona onthult hoe de hogere verdiepingen er later op zijn gebouwd. Maar een werkelijk geniale vondst van Cerdà was om die blokken niet tot de hoek met de volgende straat te laten doorlopen, zoals bijvoorbeeld in het Newyorkse Manhattan het geval is, maar ze ‘af te ronden’, de hoek een flink stuk af te snijden: zo ontstond er meer ruimte op al die straathoeken, als kleine pleintjes in de vorm van een ruit.”

En hieronder twee luchtfoto’s, ter vergelijking. Eerst de Eixample:

eixample2

en vervolgens Manhattan:

manhattan

Natte winter, volle stuwmeren

sau11

Het is het verschil tussen een droge winter, vorig jaar, en de natte, die we nog steeds ondervinden. Het stuwmeer van Sau is de beste graadmeter van de droogte in Catalonië, een meer trouwens waar we in en rond Barcelona bijna al ons drinkwater vandaan halen. Precies een jaar geleden maakte ik een journalistieke tocht langs de rivier de Ter en zag het meer er onrustbarend leeg uit: de oude kerk van Sant Romà, een dorpje dat onder het water verdween toen de stuwdam eind jaren zestig werd aangelegd, stond niet alleen in volle glorie boven het water, maar aan zijn voet was het nog eens vijf meter diep om bij het water te komen. Het stuwmeer was, net als de meesten in Catalonië, slechts voor 23% gevuld. Bij 20% zou de alarmfase ingaan en het water gerantsoeneerd worden.

sau2In april dat jaar begon het, na twee jaar droogte, echter copieus te regenen. En zo gaat het al een jaar. Wonderbaarlijk hoe snel die ongelooflijke grote stuwmeren dan weer vollopen. Op de tweede foto, die ik nam vanaf de honderden meters hoge rotsen bij het wonderschone dorpje Tavertet, is nog slechts het puntje van de kerk te zien. Deze dagen is Sau op 90% van zijn capaciteit. En dan moet de dooi in de Pyreneeën nog beginnen, wat hectoliters extra water naar de rivieren en de stuwmeren zal brengen, want nergens in Europa ligt zoveel sneeuw als op sommige plaatsen in de Spaans-Franse bergketen. Deze week, trouwens, wordt opnieuw sneeuw verwacht.