Categorie archief: mijn Barcelona

Het Amelisweerd van Barcelona

collserola1

Opgroeien in of rond Utrecht was bijna elke maand eens een zondagse boswandeling. Soestduinen, Austerlitz, het Henschotermeer, hoe al die vennen en bossen en duinen van vroeger ook mogen heten. (In 2007 werd ons heroïsche verzet 25 jaar eerder in Amelisweerd herdacht – dagenlang bivakkeerden we er en hingen we er in bomen, in afwachting van de ME en de onvermijdelijke ontruiming. Later, als automobilist, waren we blij dat we via een heuse snelweg, de A27, naar Amersfoort en daarvandaan het noorden en oosten van het land konden rijden. Voor de jonge lezers: vroeger moest je van Utrecht naar Amersfoort via Driebergen, over  een tweebaansweg…) De bossen dus. We kwamen er eens twee oerang-oetans tegen die even werden ‘uitgelaten’. Natuurlijk was de 8mm-film van papa net volgeschoten.

Barcelona staat niet bekend om zijn bossen, maar bovenaan de stad, aan de noordwestkant achter Tibidabo, ligt de enorme groene long van de metropool. Collserola is een beschermd park – al snoept oud-voorzitter van FC Barcelona en bouwondernemer Josep Lluis Núñez er aan alle kanten nog stukjes af voor nieuwe luxe woningen – dat liefst 13 kilometer lang en 6 kilometer breed is.

p1010525Zondag weer eens geweest. De natte winter heeft zijn werk goed gedaan, het Parc de Collserola is groener dan ooit. Je kunt er urenlang verdwijnen, op nog geen kwartier rijden van de stad, al moet je op sommige paden oppassen dat je niet door de mountainbikers wordt overreden. Verstopt in de bossen liggen leuke, ouderwetse restaurants in Catalaanse masia’s, talloze waterbronnen, enkele kleine kerkjes, een hondenkennel en zelfs een basisschool, Els Xiprers, waar mijn neefje ecologisch verantwoord onderwijs krijgt. Milieubewegingen en bewoners vechten al jarenlang tegen plannen om twee tunnels onder de berg door aan te leggen, voorlopig met succes.

Veel Nederlanders hebben er hun woning in één van de urbanizaciones van Sant Cugat del Vallès, die La Floresta of Les Planes heten. Ook Frank Rijkaard had er een tijd zijn (eerste) woning. Hij kwam er tot rust (zoals op onderstaande foto van mijn collega Jordi Cotrina), zei hij, hij kon er zijn hond ongestoord uitlaten en was er ver weg van de dagelijkse gekte van het Camp Nou. Totdat zijn Monique toch maar wat dichter bij het bruisende leven van de stad wilde wonen…

rijkaard-collserola

Dronkemansgeweld

p1010520

Twee uur ’s nachts, dichtbij de boulevard van Sitges. Die in het midden kon niet meer lopen, maar zijn twee steunpilaren hadden ook erg veel moeite een rechte koers te varen. Toeristen. Weet niet waar ze terecht zijn gekomen. Een andere guiri, zoals ze hier de, zeg maar, Europese buitenlanders noemen, kwam enkele uren later op straat mijn dochter en haar vriendje tegen. Of ze verliefd waren, vroeg hij in gebrekkig Spaans. Ja, zeiden ze. Even later besprong hij hen van achteren, zomaar, uit het niets, werkte de jongen tegen de grond, riep iets van fucking en shit en sloeg het vriendje van mijn dochter een tand uit zijn mond, met wortel en al. De vriendin van de brute buitenlander trok hem uiteindelijk van zijn slachtoffer af en nam hem mee naar het appartement of hotel of waar dan ook.

Heb het idee, misschien verkeerd, dat Spanjaarden minder drinken dan buitenlanders. Woorden als comazuipen bestaan hier ook niet. Het drinken is in ieder geval mínder geworden, dat is zeker. Sinds enkele jaren zijn er veel strengere alcoholcontroles. Vroeger pakte iedereen ongestraft de auto, wat hij of zij ook gedronken had. Nu rij je regelmatig in een fuik. Zoals ik vorig jaar, toevallig op de weg terug na het Koninginnedag-feest. Blazen, maar gelukkig bleef de meter op 0,11 steken, waar 0,25 (miligram per liter adem) in Spanje het maximum is.

fiets-plaza-espanyaMisschien dat die controles ook van invloed zijn geweest op het aantal ongelukken in Barcelona. Vorig jaar vielen er in de stad 31 doden in het verkeer, 28% minder dan de 43 in 2007. Er werd sowieso veel minder gereden door de stad, zowel op de motor als in de auto. Slechts de metro (+2,7%) en vanzelfsprekend de populaire fiets (+26%) toonden een stijging. Inmiddels verplaatsen zich elke werkdag bijna 109.000 mensen zich per fiets door Barcelona. (Zo, dat zijn wel veel verschillende onderwerpen voor één post…)

Olympisch wonen

villaolimpica

Voor de atleten was het ’t mooiste Olympische dorp dat er ooit geweest is. Niet om het soort appartementen waarin ze tijdelijk moesten wonen – die lijken altijd wel op elkaar – maar omdat de sporters meestal in gloednieuwe buitenwijken werden opgesloten, ver van alle vertier vandaan. In Barcelona ’92 zaten ze niet alleen vrij dicht bij het centrum van de stad – als je bent uitgesport wil je ook wel wat zien -, maar verbleven ze vooral aan het water, aan het strand van de Middellandse Zee. Omdat het die prachtige zomer van 1992 ook nog eens héél erg mooi weer was en de temperatuur midden in de nacht niet onder de 20 graden kwam, was de sfeer uitzonderlijk. Nooit zijn er ook op de Spelen zoveel condooms onder de sporters verspreid als toen…

Zoals vier jaar eerder in Seoul en afgelopen jaar, bijvoorbeeld, in Beijing moest dat Olympisch dorp later als nieuwe woonwijk voor de locals dienen. Lang leek het een mislukking te worden. De prijzen voor de flats van 60 tot 100 vierkante meter leken te hoog (omgerekend kostten ze toen iets van 200.000 euro, de minimumprijs), al waren het wel de eerste nieuwe woningen bijna aan het strand. Slechts in de oude visserswijk van Barceloneta en, aan de andere kant, in Poblenou woonden de mensen altijd bijna aan zee, al liep er tientallen jaren een spoorlijn en stond op het strand een krottenwijk, Somorrostro.

Het Olympisch dorp werd gebouwd in hetzelfde rechthoekige patroon van de Eixample, met enkele schuine straten (waaronder de Amsterdam-straat) om de eentonigheid te breken, maar de Barcelonezen liepen er niet echt warm voor. Ze waren bevreesd in een onderkoelde, levenloze Vinex-wijk terecht te komen. Bijna 20 jaar later bruist de Vila Olímpica nog altijd niet van leven, kost het moeite er leuke barretjes of restaurants te vinden, heeft het wel het grootste bioscoopcomplex met films in originele versie (Icaria Yelmo), maar blijkt het uitzonderlijk populair bij jonge gezinnen met kleine kinderen, waaronder veel expats. Op de groene binnenplaatsen organiseren die verjaardagsfeestjes en bespreken ze het komende schooljaar, het eerste van hun kinderen, die samen naar P-3, de eerste kleuterklas, zullen gaan.

Wat lezen de Catalanen?

st-jordi1

De gekte van Sant Jordi is weer voorbij, de Rambla was totaal onbegaanbaar gisteren, en behalve de duizenden zigeuners én bloemenwinkels die miljoenen rozen verkochten – tussen de 3 en 4 euro per roos was de meest gangbare prijs – deden vooral de boekwinkels goede zaken. Ze hadden allemaal hun collecties uit het magazijn gehaald om in de 400 boekenstalletjes op straat nóg dichter bij de kopers te kunnen zijn. Uitgevers hebben me al vaker gezegd, deze maanden, dat de crisis nauwelijks een nadelig effect op de boekenverkoop heeft; integendeel zelfs: de mensen stellen dure aankopen uit (géén TV, auto of verre vakantie) maar geven graag die 10 tot 20 euro voor een boek uit.

Dus was er gisteren op straat niets van crisis te merken. Vandaag werd bekend dat Spanje voor het eerst meer dan 4 miljoen werklozen heeft (17% van de beroepsbevolking), maar op Sant Jordi leek iedereen vrolijk. In totaal verkochten de boekhandels in Catalonië voor zo’n 20 miljoen euro – hetzelfde als vorig jaar – wat voor hen 7,5% van de omzet van een heel jaar betekent.

En wat lezen de Catalanen/Spanjaarden? Beste verkoper was Stieg Larsson met de eerste twee boeken uit zijn Millenium-trilogie, gevolg door de priemgetallen van de jonge Italiaan Paolo Giordano (smaken zijn internationaal). De enkele jaren geleden overleden Zweed was, vanzelfsprekend, één van de weinige auteurs die géén handtekeningen in zijn boeken kwam zetten.

Dat deden wel de lokale/nationale bestsellers. In het Spaans was het net verschenen non fictie-verhaal van Javier Cercas over de mislukte staatsgreep van 23 februari 1981 (Anatomía de un instante, Anatomie van een ogenblik) de grootste hit, in het Catalaans een roman van radiopresentator en meditatiegoere Gaspar Hernández over kanker en geluk, El Silenci (De Stilte).

De neefjes van Herman Koch

Ook benieuwd hoe Michel en Rick, de twee neefjes uit de bestseller Het Diner van Herman Koch eruit zien? Hierbij een korte video: in december vond de  rechtszaak plaats tegen twee van de drie jongens die rond de Kerst van 2005 in Barcelona Rosario, een zwerfster/dakloze vrouw, bij een pinautomaat in brand staken, de moorzaak waarop Barcelona-fan en oud-inwoner Koch zich inspireerde bij het schrijven van Het Diner.

Het viel hem op, zegt hij, dat ze eruit zagen als jongens uit een goed milieu (nou ja, wát is goed?), en ze kwamen inderdaad uit Sarria-Sant Gervasi, één van de duurdere, sjiekere wijken van de stad. Als nette jongens zaten ze ook op de beklaagdenbank, maar dat was niet voldoende voor een lichte straf: beide 19-jarigen werden veroordeeld tot 17 jaar gevangenissstraf.

En hieronder de beelden van de veiligheidscamera die Koch, net als miljoenen Spanjaarden, rond die Kerst voortdurend op televisie zag herhaald, over hoe de onbezonnen, nachtelijke misdaad plaatsvond…

Een gevangenis als overbuur

modelo

Als de drie zakkenrollers van de post hieronder in voorarrest blijven in afwachting van de rechtszaak, moeten zij vrijwel zeker naar de Modelo-gevangenis. De plaats is uniek, in de eerste plaats omdat zij een beetje aan de Middeleeuwen doet denken. Gebouwd in 1904 verkeert de Modelo in bijna dezelfde staat als toen, een eeuw geleden, en zitten er met 1.800 man (geen vrouwen) drie keer zoveel gevangenen in als hygiënisch zou zijn.

Maar de gevangenis is vooral zo uniek omdat hij, op 100 meter van het centraals station van Sants, gewoon onderdeel vormt van de Eixample en slechts door gewone straten van de omwonenden wordt gescheiden. Omdat de meeste flats veel later zijn gebouwd dan de gevangenis, zijn die woningen allemaal veel hoger en hebben de mensen die op de derde verdieping of hoger wonen vrije inkijk op de binnenplaats van de Modelo en kunnen zij ook bij heel wat cellen naar binnen kijken. Zo is ooit een beroemde steenrijke ondernemer die vastzat, Javier de la Rosa, vanuit zo’n woning in zijn cel gefotografeerd.

modelo2

Logisch dat de meeste omwonenden liever iets anders aan de overkant zien, want een gevangenis als overbuur komt de waarde van de flat niet ten goede. Natuurlijk hebben zij allen hun flat gekocht terwijl ze wisten dat de Modelo vast onderdeel van het uitzicht was, maar de overheden beloven al tientallen jaren lang dat hij defintief uit het straatbeeld zal verdwijnen. Nu is de datum van 2013 geprikt om de Modelo leeg te halen en de gevangenen naar een nieuw complex buiten de stad over te brengen. Een deel van de gevangenis blijft, als monument, wel bestaan. Maar in plaats van muren en prikkeldraad komt er dan een parkje. (Het Olympisch dorp heet óók nog zijn eigen gevangenis, Wad-Ras, alleen voor vrouwen.)

Overigens zitten in de Modelo slechts mannen in vóórrarrest, dat in Spanje altijd de maximale duur van 2 jaar in beslag neemt voordat er eens een rechtszaak plaatsvindt. Soms kan het zelfs tot 4 jaar worden verlengd…

85 tassen, 17 iPods, 2 camera’s…

zakkenroller

Hun werkterrein waren de perrons en de roltrappen van het treinstation van Sants en van de metrostations Sants-Estació, Passeig de Gràcia en Barceloneta. Geen toevallige keuzes. Het zijn de plaatsen waar elke dag duizenden toeristen staan te dringen, waarvan een groot deel nog altijd even achteloos, ontspannen en naïef als altijd, hoe vaak ze vooraf ook gewaarschuwd zijn dat Barcelona het grootste zakkenrollersparadijs op aarde is. Ik heb bijna nog nóóit een Nederlander gesproken die niét is beroofd; laatst weer twee vrienden die een koffer zagen verdwijnen toen zij op het vliegveld op hun huurauto stonden te wachten – ook al een favorite pleisterplaats van de boeven.

Eén van de meest actieve bende’s is nu opgepakt, die op die bovengenoemde stations het monopolie had. Althans, wat is opgepakt? Drie zitten er nog in de cel, de zes anderen zijn alweer vrij en hebben vandaag waarschijnlijk alweer toegeslagen. Want die negen arrestanten samen waren in totaal al 142 keer gearresteerd. Wat de Mossos, de Catalaanse politie, nu probeert te bewijzen is dat zij een georganiseerde bende vormden, waardoor er tegen hen hogere straffen kunnen worden geëist. Probleem is dat heel weinig beroofde toeristen nog aangifte doen als zij iets zijn kwijtgeraakt.

Daardoor zal het voor de politie ook niet eenvoudig zijn de in één van de huizen van de bende aangetroffen voorwerpen bij de rechtmatige eigenaar terug te bezorgen. In totaal lagen er 340 buitgemaakte hebbedingetjes, waaronder 85 tassen, koffers en rugzakken, 99 batterijladers, 1 laptop, 2 digitale camera’s, 15 USB-sticks, 28 (zonne)brillen, 17 iPods en 7 mobiele telefoons. U kunt zich nog altijd melden als u in de laatste maanden op één van die stations bent beroofd…

Valken in de Sagrada Familia

valkDe twee miljoen mensen die elk jaar de Sagrada Familia bezoeken, zijn niet de enige ‘bewoners’ van de tempel van Gaudí. Sinds enkele jaren huist er een stel slechtvalken, waarvan het vrouwtje vorige week vier kleintjes heeft gekregen. De gemeente Barcelona heeft een webcam geïnstalleerd bij het nest, waar live te zien is hoe die kleine valkjes worden gevoed, vanzelfsprekend met forse, dode duiven. De aanwezigheid van valken was vroeger heel gewoon in Barcelona, maar volgens een wet uit 1973 mochten roofvogels in de stad worden uitgeroeid. In 2005 is de stad een project gestart om de valken weer in de stad te introduceren, ook al omdat zij een ecologische hulp zijn om die enorme hoeveelheid duiven een beetje te bestrijden. Inmiddels zijn vier paartjes genesteld in de stad, allemaal op hoge punten waarvandaan de valken zich in duizelingwekkende vaart naar beneden kunnen storten en hun prooi in die val al kunnen doden. Goed kijken dus, bij een volgend bezoek aan de Sagrada Familia. De schatting is dat de vier kleine valkjes in de herfst zelfstandig kunnen uitvliegen.

Machtige reclame

p1010417

Het fenomeen is al jaren oud, maar trekt nog altijd de aandacht in de straten van Barcelona: enorme doeken, soms acht verdiepingen hoog, waarop duizelingwekkend grote reclame staat. Vervuiling van het straatbeeld? Ze zijn inderdaad niet allemaal even mooi, en het is voor sommigen nogal een shock om, zoals op deze foto op de achtergrond, náást het Casa Batlló van Gaudí het diepe decolleté van een langharige dame te zien, maar niets is toeval. Er zit een verhaal achter, gemeentepolitiek zelfs, plus natuurlijk veel geld en de belangen van fabrikanten en hun reclamebureau’s.

Zo’n doek mag je natuurlijk niet zomaar ophangen. Er is toestemming nodig van het gemeentelijke Institut de Paisatge Urbà, een bureau dat bepaalt wat wel en wat niet op straat te zien mag zijn, van neon-reclames tot de kleur van de prullebakken. Dat Institut vraagt ook geld, dat besteed wordt aan het renoveren van de gevel van een monumentaal gebouw ergens anders in de stad. (Op een witte strook onderaan het grote reclamedoek staat altijd waar het geld aan wordt besteed.) In 2006 haalde de gemeente op die manier 1,6 miljoen euro op.

fachadaDeze reclamedoeken hangen ook niet zomaar op elke willekeurige gevel. Het zijn altijd gebouwen in aanbouw of, liever nog, die waarvan de façade wordt gerestaureerd. Sterker nog: er zijn reclamebureau’s gespecialiseerd in het zoeken naar gevels in de stad die wel een opknapbeurt nodig hebben. Vervolgens komen zij met een voorstel bij de eigenaren van dat gebouw – wat ook verschillende bewoners kunnen zijn. Het bureau betaalt de volledige renovatie als het er de maanden dat de werkzaamheden duren er zo’n doek mag ophangen; en dat bureau wordt dan weer door de adverteerder betaald. Vanzelfsprekend zoeken ze niet een flatgebouw ergens in een achterafstraatje: het doek moet voor zoveel mogelijk mensen te zien zijn, zoals deze (helemaal bovenaan) op de hoek van de drukke calle Aragó en de Passeig de Gràcia, of op de kleine foto bij de haven van Barcelona.

De metro als meter van de beschaving

metro-barcelona

Vandaag regende het weer eens, en omdat ik er hier toch nooit op ben voorbereid en dús nooit een regenjasje bij me heb, de fiets maar laten staan en met de metro richting Barceloneta, voor een leuke lunchafspraak. Vind nog altijd dat, waar je ter wereld ook bent, de metro het beste vervoermiddel is om een (grote) stad te doorkruisen en bekijken. Oké, je zit onder de grond en je ziet niets, maar tegelijk zie je een heleboel, de mensen, de inwoners, het dagelijkse leven onder de stad. Ook kun je aan de metro de beschaving van de stad aflezen. Jarenlang, tot de fiets kwam bovendrijven, is de metro mijn dagelijkse drug in Barcelona geweest.

metro1Natuurlijk hadden Londen (1863) en New York (1868) als eerste een ondergronds netwerk van openbaar vervoer, maar mediterrane steden als Athene (1869) en Istanboel (1874) zaten die metropolen op hun hielen. Een lange reeks steden volgde, waaronder Parijs (1900), Madrid (1919) en Barcelona (1924). Ik weet niet of het komt doordat al die steden al zolang gewend zijn zich ondergronds te verplaatsen dat de bewoners hun metro redelijk respecteren. Natuurlijk bestaan er overal graffiti’s en vandalisme, maar nergens ter wereld heb ik de metrowagons zo goor en mishandeld gezien als op de paar miserabele lijnen die enkele wijken in Rotterdam (1968) en Amsterdam (1977)  met elkaar verbinden. En nergens heb ik me zo unheimisch gevoeld als op sommige stations of op bepaalde uren van de dag (avond) in de twee Nederlandse metro’s.

Zelfs met de kinderen ooit op weg naar de dierentuin van de Bronx in New York, met ons als enige blanken in de wagon, voelde ik me veiliger dan bij het naderen van station Wibautstraat in A’dam. Het verbaast me niet dat de ingewanden van de oude stad zelf zich met water en bewegende gronden verzetten tegen de Noord-Zuidlijn.