Auteursarchief: edwin

Onbekend's avatar

Over edwin

Schrijver, journalist, fotograaf. Woon en werk sinds 1988 in en rond Barcelona.

De heilige dame van Barcelona

merceDit is Mercè. Ze staat onopvallend hoog boven de daken van de oude stad, op één straatje van de oude haven vandaan. (De mooie foto is niet van mij, trouwens.) Voluit heet ze Mare de Deu de la Mercè en ze staat hier, met een kindje op de arm, op de kerk met haar naam; één van de minder bekende basilieken tussen het geweld van de Sagrada Familia, de gothische kathedraal en Santa María del Mar. Vandaag, 24 september, is het de naamdag van Mercè en viert Barcelona feest. Althans, de stad viert vele dagen lang zijn stadsfeesten, maar vandaag is het hoogtepunt, en niet alleen omdat iedereen vrij is en alles gesloten. Toeristen lopen er op een dag als deze verrast en verloren bij; ze horen en zien veel muziek op straat, maar kunnen nergens kleren kopen.

merce2Mercè is de beschermheilige van Barcelona sinds ze in 1637 de stad van een sprinkhanenplaag verloste. Haar orde werd al ergens in de dertiende eeuw geboren, toen zij verscheen in de dromen van ene Pere Nolasc, een priester die in die droom werd opgeroepen een nieuwe orde te stichten voor alle christenen die gevangen waren genomen door de Moorse piraten op de Middellandse Zee. Vandaar werd de kerk, even later, ook zo dicht bij zee gebouwd.

Voor wie genoeg heeft van maagden en religie is er in het straatje met dezelfde naam, de Carrer de la Mercè, la_plataéén van de leukste en beste tapasbarretjes van Barcelona, het piepkleine La Plata met vier tafeltjes en waar de meest mensen buiten staan. Er is meestal maar keus uit vier of vijf hapjes, maar allen van grote kwaliteit. Bekendste fan: Bono van U2, die La Plata deze zomer ontdekte.

Op de fiets naar het werk…

costas del garraf

Goede voornemens moet je niet na Oud&Nieuw gaan uitvoeren, maar na de vakantie. Drie weken rust, fris (nou ja) weer beginnen en de levensstijl iets aanpassen. De geest is uitgerust, nu het lichaam goed verzorgen, bloeddruk en cholesterol verlagen. Vakantie voorbij, dus geen biertje(s) of wijn (zondag bij de paella een lekkere ontdekt, een betaalbare witte uit de Priorat met de witte garnacha-druif en een beetje macabeo) meer bij het middageten. Dat is een begin.

Nou nog sporten, maar het drukke leven laat weinig uurtjes over. Vandaar het goede voornemen, vandaag, eerste werkdag, direct maar uitgevoerd: op de fiets naar het werk. Althans, naar Barcelona. Precies 45 kilometer, in net iets minder dan twee uur (ja, straffe tegenwind uit het noorden), waarvan de eerste 15 langs de historische Costas del Garraf. Even gestopt om maar een foto te maken van de langste van de drie klimmetjes… Daarna over de drukke Autovía de Castelldefels, langs de spaarzame hoertjes, Barcelona in, douchen bij m’n meissie thuis, racefiets voor stadsfiets ruilen en als een jonge god op de redactie arriveren.

costas garrafVroeger, dat is tot 1993, was de snelweg met tunnels tussen Sitges en BCN er nog niet. Toen ging ál het verkeer over dit onlangs opgeknapte kustweggetje met zijn, ongeveer, 105 bochten. In stille nachten zonder verkeer, op de weg terug naar huis en met werkelijk alle bochten in het hoofd geprent, kon je er 11 minuten over doen; door de tunnels is 8 minuten, dus zoveel scheelt het ook niet. Maar ze zijn wel wat veiliger, die tunnels, en met een Teletac (een soort abonnement, je tocht langs de peperdure tol wordt automatisch afgeschreven, voor iets meer dan de helft van de prijs) hoef je ook nooit in de rij voor een tolhokje te gaan staan.

Maar die tunnels zijn niet voor de fiets, vanzelfsprekend. Dus over de Costa’s maar weer, net als vroeger. Ik hoop bijna elke ochtend. (En ’s avonds met fiets in de trein naar huis; ben niet helemáál gek geworden.)

Toen Benidorm nog een schattig vissersdorpje was

benidorm 60

benidorm2000De boom op de foto zal wel eens precies dezelfde kunnen zijn. Er zit zo’n 50 jaar verschil tussen. Het Benidorm van begin jaren zestig en dat van enkele jaren geleden. De boom is gegroeid, het vroegere vissersdorp is geëxplodeerd. Las er vandaag een aardig verhaal over. Blijkt dat Benidorm de eerste gemeente in Spanje was die een heus stadsplan ontwikkelde, in april 1956. Generaal Franco wilde meer buitenlandse toeristen naar zijn dictatuur halen en Benidorm speelde daar als eerste op in. De toenmalige burgervader, Pedro Zaragoza, zag wel toekomst rond zijn witte stranden aan de Costa Blanca. Zoals de oudste foto’s bewijzen, ging Benidorm gelijk al voor de hoogbouw: zo veel mogelijk mensen cq toeristen per vierkante kilometer. Toen, in ’56, woonden er 2.787 mensen, nu herbergt Benidorm 100.000 inwoners, een groot deel van hen buitenlandse pensionado’s  (een raak woord, in Nederland verzonnen, want in Spanje zijn het jubilados).

Ik vind het afgrijselijk, het Benidorm van nu. Het heeft niets meer te maken met het idyllische dorpje dat schrijvers-dichters Ted Hughes en Sylvia Plath er tijdens hun huwelijksreis in 1956 aantroffen. Plath schrijft erover in haar verhaal Widow Magada, over het huis van de Spaanse weduwe waar zij verbleven, nadat zij na een urenlange reis door ‘woestijnachtige bergen’ in het vissersdorpje waren neergestreken.

benidorm 1958

“Widow Mangada’s house: pale, peach-brown stucco on the main Avenida running along the shore, facing the beach of reddish yellow sand, with all the gaily painted cabañas making amaze of bright blue wooden stills and small square patches of shadow. The continuous poise and splash of incoming waves mark a ragged white line of surf beyond with the morning sea blazes in the early sun, already high and hot at ten-thirty; the ocean is cerulean towards the horizon, vivid azure nearer shore, blue and sheened as peacock feathers. Out in the middle of the bay justs a rock island, slating up from the horizon line to form a sloped triangle of orange rock which takes the full glare of sun on its graigs in the morning and falls to purple shadow toward late afternoon.”

Die rots in de zee ligt er nog steeds. Daar houdt de vergelijking op. Vroeger zag je dus allemaal kleuren in Benidorm, nu alleen (grijs) beton.

benidorm2008

Brand, regen en Pablo Picasso

zicht vanuit horta

Horta de Sant Joan is het einde van Catalonië, diep in het zuidwesten. Mijn zwager komt er vandaan, ik ben er regelmatig geweest en heb er vooral genoten van Els Ports, de indrukwekkende bergen in de omgeving, een prachtig natuurgebied op de grens met de provincie Teruel. Rafa, die zwager, kent het gebied op zijn duimpje, dus zijn we er op de best verborgen plaatsen geweest. Er wonen nog geen 1.200 mensen, die in twee maanden tijd slachtoffer lijken te zijn geweest van twee van God’s plagen. horta brandEind juli werd het dorp drie dagen lang bedreigd door bosbranden; vijf brandweerlieden kwamen bij het blussen om het leven. En gisteren regende het nergens zo hard en zo veel als in Horta en omgeving. In de verbrande en dus door erosie gevoelige bossen viel binnen een uur tijd 105 mm regen, in Horta zelf bleef de teller op 74 mm steken. (In en rond Barcelona viel het uiteindelijk reuze mee; één hevige onweersbui met niet meer dan 10 mm neerslag.) Toch is het verder nietszeggende Horta niet zo’n dorpje dat alleen maar bekend wordt op dit soort min of meer tragische momenten.

Kijk naar de website van Horta de Sant Joan, dat vroeger Horta/Orta del Ebro heette, en je ziet rechtsboven een zin, in drie talen, van Pablo Picasso. “Alles wat ik weet heb ik in Horta geleerd,” is een uitspraak van de beroemdste Spaanse schilder uit de geschiedenis. Picasso, oorspronkelijk uit Málaga, verbleef er twee keer een langere periode, in de boerderij Tafetans van zijn goede vriend Manuel Pallarès. picasso ezelDe eerste keer was acht maanden lang in 1898, toen Picasso net 17 was, en tijdens de zomerhitte met vriend Manuel woonde hij wekenlang in de bossen en bergen. Ze sliepen er in een grot, hij leerde er het platteland en zijn mensen schilderen en zou er volgens zijn biografen een amoureuze ervaring met een zigeuner-herder hebben gehad. Die puberale mannenliefde bleek tijdelijk; Picasso zou later, vooral in Parijs, een enorme womanizer worden.

Nu doe je er al lang over om vanuit Barcelona in Horta te komen (al is de weg via Reus en Falset enkele jaren terug sterk verbeterd), maar eind 19e eeuw was het een tocht van meer dan een dag: met de trein naar Tortosa en vandaar op ezel en wagen langs de Ebro en door een steeds smaller wordend ravijn naar dit einde van de wereld. (Anno 2009 moet je nog steeds een hele dag uittrekken om er met openbaar vervoer te komen.)

picasso horta

In 1910 keerde een inmiddels beroemd geworden Picasso terug naar Horta. Zijn schilderstijl was veranderd, hij zat volop in het kubisme, zoals op het schilderij van de huizen van Horta  te zien is. Omdat dat tweede verblijf bijna een eeuw geleden is geweest, opent het Centre Picasso d’Orta, het kleine museum dat Horta aan de artiest wijdt, morgen een expositie over ‘Picasso: amics catalans de joventut’, ofwel zijn Catalaanse vrienden uit de jeugd. Een mooi excuus om het verre Horta eens te ontdekken, mits het niet in brand staat of er stortegens vallen.

De mysterieuze rijkdom van de Zara-baas

zara

Crisis? Niet bij Zara. Ondanks de economische recessie, die in thuisland Spanje meer dan ergens anders de consumenten raakt, presenteerde de modegigant gisteren opvallend positieve cijfers, die direct de Spaanse beurs naar het jaarlijkse hoogtepunt opdreven. Waarbij dus opnieuw de vraag rijst hoe hij het allemaal doet, Amancio Ortega, de mysterieuze eigenaar van Inditex, het moederbedrijf van Zara en enkele andere populaire kledingwinkels als Bershka, Stradivarius, Pull and Bear, Oysho en Massimo Dutti, die soms met zijn allen de meest centrale winkelstraten van Spaanse steden voor een groot deel in bezit nemen.  

Amancio_Ortega_presidente_ZaraBijna niemand kent hem, foto’s bestaan er nauwelijks, al is hij de laatste jaren wel iets meer dan voorheen en public gesignaleerd. Amancio Ortega was zelfs nergens te bekennen toen hij zijn bedrijf in mei 2001 naar de Spaanse beurs bracht en in enkele uren tijd het grootste fortuin van Spanje opbouwde. Ortega werd die dag de eerste biljonair (in peseta’s toen) van de Spaanse aandelenmarkt.

Het gaat, acht jaar later, nog altijd goed met de rijkste Spanjaard. Hij staat tiende op de wereldranglijst van Forbes van miljonairs, met een geschat vermogen van 14,3 miljard dollar. De Spaanse nummer twee op die lijst is ene Rosalía Mera met 2,6 miljard. Zij begon ooit thuis in Galicië met het ontwerpen van kleding en opende een eerste winkeltje met haar toenmalige echtgenoot… Amancio Ortega. Het stelde scheidde in 1986.

De beursgang van Inditex was het voorlopige hoogtepunt in het typische sprookje van de selfmade ondernemer: als 16-jarige werkte Ortega in een overhemdenwinkel in het Noord-Spaanse La Coruña. Met Rosalía zette hij een lingeriewinkel op. In 1975 wilde hij een meer complete kledingzaak beginnen onder de naam Zorba, maar bij het handelsregister zeiden ze hem dat die naam al geregistreerd stond. Ter plekke verzon hij een andere: Zara.

In 1988 ging de toen ‘typisch Spaanse’ winkel de grens over. In 2001 bezat de Inditex-groep 1135 winkels in 33 landen, de meeste onder de naam Zara, nu zijn dat er al 4430 in 73 landen. Alleen al in het eerste semester van dit jaar opende het bedrijf 166 nieuwe winkels over de hele wereld. In mei 2001 werd in de Amsterdamse Kalverstraat het eerste filiaal in Nederland geopend en hoefden Nederlandse moeders en dochters niet per se meer naar Barcelona om er hun kleding te kopen bij Zara, de grote concurrent van H&M.

marcas_inditexOndanks zijn grote succes en zijn aanzien in de Spaanse economie, is Ortega (73 jaar nu) nooit op recepties, feestjes of bij andere sociale gelegenheden te zien. Het mysterie rond zijn persoon heeft zijn mythe alleen maar doen groeien. Buiten het eigen bedrijf, waar de werknemers hem beschrijven als een uiterst innemende man die nooit een stropdas draagt, is Ortega juist het tegenovergestelde: een alomtegenwoordige persoonlijkheid die altijd op de werkvloer van de centrale fabriek in La Coruña aanspreekbaar is. Aan niets is zijn puissante rijkdom af te zien.

 Oh ja, die cijfers van het eerste halfjaar van dit jaar (officieel van februari tot en met juli): een omzet van 4,8 miljard euro (waarvan nog altijd 35% in thuisland Spanje), een groei van 7% in vergelijking met 2008. Slechts de nettowinst, 375 miljoen, daalde iets, maar veel minder dan de analisten hadden verwacht. Dus zal Amancio Ortega weer een stukje rijker zijn geworden.

Weeralarm!

weeralarm1

Populair woord natuurlijk, sinds het KNMI er vorige maand helemaal naast zat met een schrikbarende voorspelling vol storm, regen, hagel en wind wat uiteindelijk een plaatselijk buitje zou blijken te zijn. Ook hier hebben we natuurlijk onze weeralarmen, en ook hier heb je de laatste jaren de indruk dat de meteorologen (én overheden) liever wat vaker zo’n alarm afgeven dan dat ze ná een hoosbui het verwijt krijgen het niet voorzien te hebben.

weeralarm2Morgen moet het gebeuren, vooral aan de kust, daar waar mijn garage bijna onder zeeniveau ligt en ook nog wel eens wil onderlopen met een halve liter regenwater.  Het Catalaans meteorologisch instituut (de in Nederland ook zo populaire buienradar vind je hier) zegt dat we plaatselijk zelfs 100 liter per vierkante meter kunnen verwachten. (Schrik niet, in Nederland hanteert het KNMI millimeter, maar dat komt op hetzelfde neer: 100 mm neerslag is 100 liter per vierkante meter…) De wolkbreuken kunnen tot meer dan 20 liter in een half uur leiden. Ter vergelijking: vorig jaar ging Schiphol een uur dicht omdat er 22 mm regen viel.

Jammer voor degenen (mijn trouwe lezer Peter, o.a.) die juist deze week hebben uitgekozen om een bezoekje aan Barcelona te brengen. Na maanden van droogte (de enige dag met regen sinds april was die van de aankomst van de Tour in de stad, begin juli), is deze week de herfst begonnen en ontlaadt de hemel al het opgeslagen verdampte zeewater. Spectaculaire wolken en bliksems geeft dat trouwens wel…

UPDATE: Bijna 16.00 uur. Een paar druppeletjes gevallen. Nu zeggen ze -althans, de meteoroloog van TV3- dat de problemen komende avond en vooral nacht gaan komen. Daarna: de zon!

Desolate leegte op het vliegveld

elprat3

Dit is een stukje over een waardeloze planning.

De laatste jaren klaagden we steeds vaker dat het vliegveld van Barcelona veel te klein was geworden. Ondanks de uitbreiding voor de Olympische Spelen in 1992, het jaar waarin er voor het eerst meer dan 10 miljoen reizigers in de terminal van El Prat kwamen, was de groei zó explosief, naar 32 miljoen in 2007 (dus 22 miljoen erbij in slechts 15 jaar), dat de terminal tussendoor steeds verder moest worden uitgebreid. Maar net nu na al die verbouwingen het oude vliegveld het (inmiddels dalende) aantal passagiers weer aankon, ging de nieuwe terminal T1 deze zomer open.

el prat2Nu deze week twee van de grootste gebruikers van het vliegveld, Vueling en Iberia, in navolging van Spanair naar die nieuwe T1 zijn verkast en daar inmiddels 70% van het dagelijkse vliegverkeer wordt afgehandeld, blijkt de oude T2 ineens vrijwel overbodig geworden. Desolaat was de aanblik vanmiddag, vooral in het oudere deel van Iberia en Clickair (foto boven) waar een rij van 40 incheck-balies niet meer wordt gebruikt. En het nieuwere deel van de oude T2, waar nu de KLM huist, heeft wel een meer glanzende vloer en feller licht, maar vrolijk word je ook daar niet. De weinige activiteit die er nog is zal ook goeddeels verdwijnen, want in oktober gaan KLM, AirFrance en hun partners van SkyTeam naar de nieuwe T1.

In de steeds eenzamere T1 zullen dan slechts enkele prijsvechters overblijven, zoals EasyJet en Transavia. (Ryanair, dat nu op Girona en Reus vliegt, beide 100 km van Barcelona, wil al jarenlang naar El Prat komen, maar vindt de tarieven er te duur; zal me niet verbazen als die binnenkort worden verlaagd.) elprat2En al hebben de passagiers van de T2 het grote voordeel geen grote rijen voor de bagage-en andere controles aan te treffen, ze zullen ook schrikken van alle gesloten winkels en barretjes die ze er aantreffen. Binnenkort lopen de meeste huurcontracten af en veel ondernemers zullen concluderen, net als die van deze Caffè di Fiore in de vertrekhal, dat de T2 niet meer lonend is. Niet voor niets hebben de meeste van hen al één of meer zaken in de T1 geopend.

Nog even, en het niet eens zo oude vliegveld van Barcelona zal op dat van het Berlijnse Tempelhof gaan lijken, maar zonder diens historie en opvallende architectuur. Foute planning? Een levensduur van 15 jaar is wel erg kort voor een terminal. De berekeningen, van enkele jaren terug, waren dat de nieuwe T1 30 miljoen passagiers zou ontvangen en de oude T2 25 miljoen zou behouden. Als het zo doorgaat zullen dat er komend jaar 25 respectievelijk 5 miljoen zijn…

Het wrede lot van Moscatel, 540 kilo

toro_de_la_vega2

In Tordesillas, een dorp op een kruispunt van hoofdwegen in het Spaanse Castilië-Leon, zal morgen, zoals elke tweede dinsdag van september, het wreedste dorpsfeest van het land plaatsvinden. Zoals altijd is een eeuwenoude traditie het argument om een stier door de dorpelingen met lansen te laten belagen, zijn stoere lijf te doorklieven tot de dood erop volgt en aan degene die de doodsteek heeft gegeven zijn testikels en staart cadeau te doen, samen met een gouden insigne van de gemeente.

toro-de-la-vegaZoals elk jaar gingen zondag demonstranten in Tordesillas de straat op om te protesteren tegen de viering van de Toro de la Vega, ‘de stier van de vlakte’, maar tot nu toe hebben die jaarlijkse protesten nauwelijks succes gehad. Ook gisteren werden de demonstranten ontvangen door uitdagende dorpelingen die hun recht op het feest ter ere van hun Maagd verdedigden. Bovendien kregen ze geen toestemming om in het dorp zelf te demonstreren, maar moesten ze naar een stuk brakke grond in de buurt.

Na talloze reacties van Spaanse burgers, die het schouwspel op tv zagen, stelde de regionale overheid van Castilië-Leon vier jaar geleden ook dat het feest wel erg wreed was. De gemeente beloofde het iets ‘diervriendelijker’ te maken, maar dat is nog niet gebeurd. moscatelDus wordt morgenochtend de stier Moscatel, 540 kilo zwaar, een weiland in gejaagd, waar hij wordt gemarteld en uiteindelijk afgemaakt door de dorpelingen. Sindsdien zijn fotografen en cameraploegen echter niet meer welkom, en daarom bestaan er ook opvallend weinig foto’s van het plaatselijke festijn.

Dat woord ‘martelen’ is volgens de dorpelingen én de plaatselijke autoriteiten niet juist. Zelfs het TV-station Antena3 wist gisteren te melden dat het beest ‘met respect’ wordt behandeld en zelfs de kans heeft de massale achtervolging te overleven, als hij maar moedig en slim genoeg is. Het gebruik dateert uit de 16e eeuw en is een overblijfsel van de moslim-overheersing in de streek. Iedereen die een grote lans heeft mag Moscatel morgen in de weilanden rond het dorp achtervolgen en proberen met de lans te raken. Het beest zal al tientallen keren door scherpe punten zijn verwond voordat hij van uitputting ineenzijgt.

De oorsprong van Bacardí in Sitges

bacardi

Het beeld had niet op een betere plaats kunnen staan, aan de boulevard van Sitges, recht tegenover de Calle del Pecado, de Straat der Zonden, ofwel het straatje waar alle uitgaansbarretjes van het dorp op een rij zitten. Een straatje waar ongewtijfeld nog altijd heel veel cubalibres worden geschonken, de cola met Bacardí die we allemaal wel eens ontdekt hebben. (Ik ben gestopt het te drinken nadat de combinatie me ooit, behalve een stevige kater, gedurende twee weken de hik bezorgde.)  Het beeld, te herkennen aan de vleermuis aan de bovenkant, is deze week onthuld ter ere van Facundo Bacardí Massó, in 1814 geboren in Sitges. Het is trouwens een werk van kunstenaar Lorenzo Quinn, de zoon van acteur Anthony die al 15 jaar in Castelldefels woont.

Facundo Bacardí was de zoon van een wijnhandelaar uit Tarragona. Net zoals zoveel Catalanen besloot het gezin in 1830 naar Cuba te emigreren. In Santiago de Cuba bekwaamde hij zich in hetzelfde vak als zijn vader. In 1852 begon hij met rum te experimenteren en destilleerde het om er een zachtere smaak aan te geven. Na uiteindelijk de perfecte en tot dan onbekende formule te hebben gevonden, kocht Facundo in 1862 een distilleerderij en vestigde er de rumfabriek onder zijn eerste achternaam. Bijna 150 jaar later is het één van de grootste rum-fabrikanten ter wereld.

bacardi2Het logo, die vleermuis, heeft zijn eigen verhaal. In die opgekochte distilleerderij in Santiago huisde een kolonie vleermuizen onder het dak. Omdat weinig mensen in die tijd konden lezen, opperde Amalia, de vrouw van Facundo, een vleermuis als het opvallende beeldmerk van de Bacardí-rum te gebruiken.

Bij de onthulling van het monument in Sitges was Facundo L. Bacardí aanwezig, de huidige chairman van Bacardi Limited, tegenwoordig gevestigd in Florida.

Een treurige nationale feestdag

11-setembre-1714

Vreemde feestdag altijd, de Diada, de nationale feestdag van Catalonië, op 11 september (die trouwens pas sinds 1980 wordt gevierd). Een vreemde dag omdat er een nederlaag wordt herdacht, de val van Barcelona in 1714, en daarmee het einde van de Catalaanse rechten. Een beetje typisch Catalaans ook, om een treurige nederlaag te herdenken. Het is ook nooit een vrolijke feestdag, de Diada, altijd volgepropt met politiek, spanningen, fluitconcerten. Een strijd om wie er nou meer of minder Catalaans is. Geen echt volksfeest ook. Ik zou voorstellen Sant Jordi, op 23 april, tot nationale feestdag uit te roepen, want daar word je gewoon vrolijk van. Van de Diada niet. Weinig mensen die de straat opgaan om iets te vieren. Gewoon een mooie dag om nog eens naar het strand te gaan. En tot overmaat van ramp werd 11 september in 2001 ook nog eens wereldberoemd, maar niet door de Catalanen, maar door wat moslim-terroristen.

Voor wie een beetje van die Catalaanse geschiedenis in 1714 wil weten en niet een halve encyclopedie wil doorlezen, bij deze een fragment uit mijn boek, Het Barcelona-gevoel, over de Successie-oorlog van bijna drie eeuwen geleden en de oorsprong van de Diada.

De Vrede van Münster maakte in 1648 een einde aan de Tachtigjare Oorlog. Ook de Catalanen haalden daardoor opgelucht adem. Sinds 1618 hadden zij last gehad van een andere oorlog, de Dertigjarige tussen Spanje en Frankrijk, die vaak Catalonië als strijdtoneel aan beide kanten van de Pyreneeën gebruikten en op dezelfde dag werd beëindigd. In 1640 waren de Catalanen alle bemoeienissen van buiten zat en landbouwers uit Girona begonnen een opstand, de Oorlog van de Maaiers (la Guerra dels Segadors; dat laatste woord is nog altijd de naam van het volkslied van Catalonië), die leidde tot de onthoofding van een Spaanse onderkoning op het strand van Barcelona en het uitroepen van de Catalaanse republiek, die vooral op de steun van de Fransen vertrouwde. Maar die grootmacht maakte al snel een einde aan bepaalde voorrechten van de Catalanen, die diep teleurgesteld raakten in de Franse ‘bezetter’. In het verdrag van Münster wist Catalonië wel zijn rechten te behouden en de officiële afgevaardigde, Josep Fontanella, keerde uit de Duitse stad terug met een boodschap: ‘Wij zouden ons aan de Nederlanders moeten spiegelen.’ Hij vond het bewonderenswaardig hoe een ander klein volk zich jarenlang zo dapper verweerd had tegen de Spanjaarden en uiteindelijk als één van de overwinnaars uit de strijd en de vredesonderhandelingen was gekomen.

senyera

Niettemin zouden de Catalanen zich de volgende eeuw behoorlijk bedrogen voelen door de Nederlanders én de Engelsen. Catalaanse schepen hadden de beide grootmachten van de zee bijgestaan om in 1704 Gibraltar op de Spanjaarden te veroveren. Op dat moment was de Spaanse Successie-oorlog aan de gang, waarin Europa’s twee grootste koningshuizen, de Bourbons uit Frankrijk en de Habsburgs uit Oostenrijk, om de vacante Spaanse troon streden. Nederland, Engeland en andere kleine staten, waaronder Catalonië, Portugal, Savoye en Pruisen, steunden de Oostenrijkse aartshertogen in hun aspiraties, want zij vreesden een te grote Spaans-Franse macht van Filips de Anjou, die als Filips V troonpretendent van de Bourbons was. In 1705 sloten de Catalanen in Genua een pact met Engelsen en Nederlanders waarin hen werd beloofd dat zij een eigen staat zouden behouden, die zelfs door een flink regiment van Engels-Nederlands-Oostenrijkse troepen verdedigd zou worden.

 De dood van de Oostenrijkse aartshertog Jozef I in 1711 en diens opvolging door Karel VI, die tot dan toe in Barcelona gezeteld was om daar de Bourbon Filips V buiten de deur te houden, zorgde echter voor een totale ommekeer in de houding van Engelsen en Nederlanders, die nu ineens de Oostenrijkse macht wilden beperken en er geen probleem mee hadden Spanje aan de Bourbons te schenken. Toen in 1713 de Vrede van Utrecht werd gesloten en alle kemphanen Europese en overzeese gebieden verdeelden, met Engeland als de grootste winnaar – die dag werd onder anderen Gibraltar definitief een Engelse kroonkolonie -, dachten de Catalanen nog altijd dat zij als eigen staat zouden blijven bestaan, door die grote Europese alliantie beschermd tegen de ongetwijfeld boze bedoelingen van Filips V om van het Iberisch schiereiland een volledig Spaanse eenheid te maken. In het geheim was echter al afgesproken dat de nieuwe koning van Spanje geen strobreed in de weg zou worden gelegd als hij Catalonië bij zijn rijk wilde voegen. rafael_casanova_4In 1713 en 1714 belegerde een gezamenlijke Frans-Spaanse troepenmacht van, op het hoogtepunt van het offensief, 40.000 soldaten 18 maanden lang de stad Barcelona, waar zo’n 5.500 Catalaanse mannen onder leiding van Antoni de Villarroel en Rafael de Casanova (bij zijn monument in Barcelona wordt altijd op 11 september door de politieke leiders én voetbalclubs als FC Barcelona en Espanyol een bloemenkrans gelegd) heroïsch verzet boden. De Engelsen, Nederlanders en Oostenrijkers waren allang vertrokken. Ruim 30.000 bommen die onophoudelijk op de stad vielen vernietigden éénderde van Barcelona en op 11 september 1714 viel de stad in handen van de vijand. Die dag hield de souvereine natie Catalonië voorgoed op te bestaan. De eigen wetten werden nietig verklaard en uitingen van Catalaanse taal en cultuur verboden. Bijna drie eeuwen na de zege van Filips V zijn de Bourbons nog altijd de koninklijke familie van Spanje.