Tagarchief: garraf

Mijn kustweg zonder auto’s

We waren met bijna 3.000 man en vrouw vandaag, de zestiende editie van de Pedalada Popular Ecológica Barcelona-Sitges. Op de racefiets, mountainbike en een enkele stadfiets (die bestaan hier nauwelijks, 80% van de Catalanen die een fiets heeft heeft een mountainbike) van het Camp Nou naar mijn dorp, zo ongeveer de omgekeerde weg die ik enkele keren per week op de fiets afleg. Ik heb er (nog) geen foto’s van, maar elk jaar weer op een mooie dag in november (het heeft nog nooit geregend sinds ik meedoe) is het indrukwekkend, die lange sliert van fietsers (el serpiente multicolor, is het vreselijke Spaanse cliché, ‘de veelkleurige slang’) die, op de laatste 15 kilometer van de route, over mijn mooie kustweg van de Garraf rijdt, tussen Castelldefels en Sitges.

En moet je normaal het gebrom van auto’s en vooral vrachtwagens van de steengroeves achter je horen, het genot van deze toertocht is dat de Costas del Garraf volledig is afgesloten voor de rest van het verkeer. Heerlijk zwoegen naar boven (twee korte klimmetjes, de tweede zelfs op het grote blad -waarom moeten mountainbikers altijd zo belachelijk licht omhoog?) en over de twee rijbanen met een aangename snelheid de lange daling, bochten afsnijdend en geen getoeter van achter.

Vreemd in een land dat de beste profrenners te wereld heeft, maar het blijft hier vechten voor erkenning en begrip voor de fietsers. Alsof je gestoord bent op je fiets te stappen en door de stad, het dorp of over de wegen te rijden met een fragiele tweewieler. Oppassen ook: vooral niet zaterdag- of zondagmorgen heel vroeg op pad gaan, grote kans dat dronken automobilisten je te laat opmerken.

Er is nog veel educatief werk te doen, zoals (applaus!) met dit bord dat sinds kort op enkele plaatsen langs mijn vaste route staat: de Spaanse verkeerswet schrijft voor dat een automobilist een fietser op minimaal 1,5 meter afstand moet inhalen. Ja maar, hebben veel mensen me gezegd de laatste weken, deze weg is te smal om die afstand in acht te nemen. Ze weten niet dat je, bij het inhalen van fietsers, de doorgetrokken streep mag overschrijden, mits er natuurlijk geen auto van de andere kant komt…

Advertenties

Dieselmotoren die hijgen in je nek

De camera trilt nogal, met elastiekjes vastgebonden op het stuur, bij zo’n 50 kilometer per uur. Het zijn maar een paar van de, ongeveer, 105 bochten van de Costas del Garraf, op mijn bijna dagelijkse tocht (nou ja, twee, drie keer per week) van huis naar het werk. Afdalingen zijn momenten van een beetje bijkomen van het klimmetje ervoor, maar ook van opperste concentratie op een weg die, dat wel, een stuk veiliger is geworden. Vangrails over de volle 15 kilometer (meestal van beton, in plaats van wat houten hekjes vroeger) en één lange doortrokken streep; inhalen is, in tegenstelling tot vroeger, de hele route lang verboden, ook op de korte rechte stukjes waar je vroeger een soort Russische roulette met de mogelijke plots opdoemende tegenliggers speelde. Trouwens, vanaf de fiets zie je pas goed hoe diep het aan de andere kant van de vangrail is…

steengroeve garrafDe andere grote plaag is gebleven, de steengroeve’s die niet alleen een diep litteken in het landschap achterlaten, maar ook deze smalle weg laten vollopen met vrachtwagens vol stenen, cementmolens en vooral veel ongeduld. Voordeel is wel dat je op de fiets in de afdalingen iets sneller dan die mastodonten gaat, maar de grote dieselmotoren in je nek horen hijgen blijft een onplezierige ervaring.

Op de fiets naar het werk…

costas del garraf

Goede voornemens moet je niet na Oud&Nieuw gaan uitvoeren, maar na de vakantie. Drie weken rust, fris (nou ja) weer beginnen en de levensstijl iets aanpassen. De geest is uitgerust, nu het lichaam goed verzorgen, bloeddruk en cholesterol verlagen. Vakantie voorbij, dus geen biertje(s) of wijn (zondag bij de paella een lekkere ontdekt, een betaalbare witte uit de Priorat met de witte garnacha-druif en een beetje macabeo) meer bij het middageten. Dat is een begin.

Nou nog sporten, maar het drukke leven laat weinig uurtjes over. Vandaar het goede voornemen, vandaag, eerste werkdag, direct maar uitgevoerd: op de fiets naar het werk. Althans, naar Barcelona. Precies 45 kilometer, in net iets minder dan twee uur (ja, straffe tegenwind uit het noorden), waarvan de eerste 15 langs de historische Costas del Garraf. Even gestopt om maar een foto te maken van de langste van de drie klimmetjes… Daarna over de drukke Autovía de Castelldefels, langs de spaarzame hoertjes, Barcelona in, douchen bij m’n meissie thuis, racefiets voor stadsfiets ruilen en als een jonge god op de redactie arriveren.

costas garrafVroeger, dat is tot 1993, was de snelweg met tunnels tussen Sitges en BCN er nog niet. Toen ging ál het verkeer over dit onlangs opgeknapte kustweggetje met zijn, ongeveer, 105 bochten. In stille nachten zonder verkeer, op de weg terug naar huis en met werkelijk alle bochten in het hoofd geprent, kon je er 11 minuten over doen; door de tunnels is 8 minuten, dus zoveel scheelt het ook niet. Maar ze zijn wel wat veiliger, die tunnels, en met een Teletac (een soort abonnement, je tocht langs de peperdure tol wordt automatisch afgeschreven, voor iets meer dan de helft van de prijs) hoef je ook nooit in de rij voor een tolhokje te gaan staan.

Maar die tunnels zijn niet voor de fiets, vanzelfsprekend. Dus over de Costa’s maar weer, net als vroeger. Ik hoop bijna elke ochtend. (En ’s avonds met fiets in de trein naar huis; ben niet helemáál gek geworden.)

Boeddha op de berg

P1010897

Laatst in Nederland kwam ik veel verhalen over de opkomst van het boeddhisme tegen. Wij journalisten zijn ongelooflijk origineel altijd, dus als een keer de Dalai Lama op bezoek komt, dan pas gaan we massaal verhalen over de Nederlandse aanhangers van deze religie schrijven. Het waren verhalen over huiskamers, achterkamers en garages waar mensen mediteren, samenkomen, hun gevoel delen voor het erfgoed van Siddharta Gautama en ontdekken dat een godsdienst de ándere kan accepteren en dus niet altijd tot een oorlog hoeft te leiden. Siddharta ontdekte in het zuiden van Nepal de waarden van het leven in de bossen en onder een boom, tussen de armen en buiten de luxueze paleismuren.

P1010908Bij het lezen van die reportages ontdekte ik dat het een luxe is om op een half uur rijden van  huis, over een stoffig bergweggetje, een heuse stupa en een boeddhistisch klooster te vinden. Ik ben geen boeddhist, vind hun gedachtengoed wel bewonderenswaardig en erken dat deze stupa middenin het natuurpark van Garraf het middelpunt van een ongelooflijk rustgevende plaats is. Je bent er, in gedachten, ineens wel heel erg ver verwijderd van het lawaai van het dagelijkse leven. Alleen al de drie rondjes rond de stupa lopen is een vorm van rustgevende meditatie.

Tien jaar terug werd deze gemeenschap, de Sakya Tashi Ling, nog als een sekte beschouwd; westerlingen die het boeddhisme volgden en hun eigen huis verlieten om in een mooi klooster, het negentiende-eeuwse Palau Novella, te gaan wonen, dat was niet normaal. Nu is de groep volledig geaccecpeteerd en gerespecteerd, zelfs door de communistische burgemeester van het plaatsje Olivella die hen, als ware hij Mao, tien jaar terug nog uit zijn gemeente wilde verdrijven.

Vrijdagavond was er het jaarlijkse diner, met inmiddels meer dan 400 genodigden, waaronder politici, ondernemers, journalisten, advocaten, docenten en heel veel vertegenwoordigers van de andere religies. Soms vraag je je af of zo’n massaal diner wel bij het boeddhisme hoort, maar aan de andere kant is het wel het bewijs dat de westerse maatschappij steeds meer belangstelling voor zo’n filosofie heeft. Trouwens, aanvankelijk waren die diners volledig vegetarisch. Nu komt er ook vlees en vis op tafel, maar alcohol blijft uit den boze. Wel stonden er flessen wijn: een merlot en chardonnay uit Frankrijk die van de alcohol waren ontdaan. Niet te drinken. Of je moet van druivensap houden.

 P1010899