Auteursarchief: edwin

Onbekend's avatar

Over edwin

Schrijver, journalist, fotograaf. Woon en werk sinds 1988 in en rond Barcelona.

Van arena tot winkelcentrum

Barcelona was ooit de enige stad ter wereld met drie stierenvechtarena’s, al werden niet overal tegelijk corridas gehouden. De eerste was El Torín, de historische arena die in 1834 aan de rand van de Barceloneta werd gebouwd, dichtbij het Estació de França. Het kritische publiek was echter al snel niet tevreden met de kwaliteit van de stieren en toen na een jaar de zoveelste corrida op een teleurstelling was uitgelopen en de stieren te tam zouden zijn geweest braken er hevige onlusten uit, waarbij enkele kloosters uit de omgeving werden verbrand. Het stadsbestuur besloot El Torín liefst 15 jaar op slot te doen. Na de heropening werden er nog tot 1923 gevechten georganiseerd; in 1946 werd de arena gesloopt.

Op dat moment bestonden er al twee andere, grotere arena’s. In 1900 opende Las Arenas de poorten aan de Plaça d’Espanya, en in 1916 volgde de Monumental, enkele kilometers verderop aan dezelfde Gran Vía. Toen die laatste de meeste stierengevechten kreeg – de Monumental functioneert tot en met dit jaar, tot het verbod op de corrida’s in Catalonië in 2012 van kracht wordt -, raakte ook Las Arenas een beetje in verval. Er werden ook andere dingen georganiseerd, zoals bokswedstrijden, en in 1977 vond er de allerlaatste corrida met kleine stieren plaats. Sindsdien stond de kolos leeg. Las Arenas mocht echter niet gesloopt worden, de gevel was tot monument verklaard: de arena is gebouwd in de architectonische stijl die hier de neomudejar heet, een revival van de Moorse architectuur die eind 19e, begin 20ste eeuw plaatsvond. Ook de arena Las Ventas in Madrid werd op die manier gebouwd.

Pas enkele jaren terug durfden zakenmensen het aan in Las Arenas een nieuw overdekt winkelcentrum te plannen. De bouw heeft een tijdje stilgelegen, vanwege de crisis, maar vrijdag vindt uiteindelijk de feestelijke opening plaats van één van de meest opvallende shopping malls van de stad, met de Fnac als grootste publiekstrekker. Het meest bijzondere aan de bouw was dat de hele arena meer dan een jaar lang boven de grond ‘zweefde’. De oorspronkelijke steunpilaren werden verwijderd en terwijl er nieuwe fundamenten werden aangelegd steunde de enorme gevel slechts op metalen steigers, zoals op de foto hierboven goed te zien is. Wonderwel stortte het zooitje nooit in en is er vanaf deze week een vijf verdiepingen hoog winkelcentrum, mét een prachtige wandelpromenade met uitzicht net onder het dak en enkele lagen parkeergarage onder de grond.

18 maart, en de zon scheen om de hoek

Een klein eerbetoon aan Mari, hier op de Brooklyn Bridge in 1996, toen ook de Twin Towers er nog stonden (achter de rug van de fotograaf). De tijd gaat snel. Onze kinderen zijn nu allebei officieel volwassen, meerderjarig. Vandaag precies negen jaar geleden verloren ze hun moeder en als het goed is zullen ze er allebei even bij stilstaan, één kort moment op de dag, in Sitges, in Londen, waar dan ook. Meer hoeft ook niet. Geen traan, slechts de mooie herinnering, een nostalgische glimlach. As time goes by. Tijd die vliegt, zal iedereen denken die haar kende  en opeens deze post ziet. “Jezus, negen jaar alweer…” En voor degenen die haar niet hebben gekend: Mari is de ‘schuldige’ van mijn Barcelona-gevoel.

Geen rouw meer, allang niet. Ze had gelijk, bij de keuze van het liedje waarmee ze toen afscheid wilde nemen: I hold your head deep in my arms / my fingertips they close your eyes / off you dream, my little child / there’s a sun around the bend. Pearl Jam heeft nog nooit zo ingetogen gezongen.

Die zon verscheen hier snel weer, om de hoek, maar even stilstaan bij wat was is nooit slecht. Al kun je dat ook een beetje overdrijven. Opvallend is elke maand weer deze rouwadvertentie in El Periódico en La Vanguardia. Manuel Martínez Calderón overleed bijna een jaar eerder dan Mari, had ook dezelfde tweede achternaam, Calderón, maar ze waren geen familie. Sindsdien, al bijna tien jaar lang, staat er élke 14e van de maand – dus níet alleen op zijn sterfdag, 14 mei – deze herinnering aan de eigenaar van het gelijknamige sloopbedrijf uit Barcelona. Siempre seremos cuatro, staat er bij, ‘we zullen altijd met zijn vieren zijn’. Het was de laatste wens van Manuel, die eeuwige rouwadvertentie. Gelukkig had Mari die wens niet.

Strandloop

Ik heb het misschien wel vaker gezegd, maar één van de dingen die Barcelona van de meeste wereldsteden onderscheidt is dat je er zo vanuit het oude centrum naar het strand toe loopt. Rio de Janeiro, Sydney… er zijn weinig grote metropolen met een heus strand aan een ook nog blauwe zee. Een strand om te flaneren, om op een terrasje te eten maar ook om hard te lopen, wat hier steeds massaler gebeurt. Je hoeft maar even ergens tussen de Barceloneta en Diagonal Mar te gaan staan en de joggers snellen je voorbij, veel van hen op het oog ook toeristen die niet alleen door de stad willen slenteren.

Zelf loop ik al jaren niet meer hard, de foto is uit vervlogen, slanke tijden waarin ik ooit het snelst van mijn leven liep. Zal de 25 rondjes op een atletiekbaan in Straatsburg in 1987, met de helaas veel te vroeg overleden Volkskrant-collega Hans van Wissen in het kielzog, nooit meer vergeten. We liepen elke kilometer exact in 4.15, een voor ons bierdrinkers wonderbaarlijke tijd, met de regelmaat van een klok, tien kilometer lang, en een kleine eindsprint als toetje.

Maar dit klimaat hier (vandaag weer bijna 20º), die stralende zon en zee aan één kant van je gezicht nodigen volgens mij méér uit tot dit soort lichamelijke oefening dan een snijdende kou door je toch al door inspanning geteisterde longen. (Ik heb het natuurlijk even niet over een te hete zomer…) Laatst was de marathon van Barcelona, nu populairder dan ooit, sinds hij langs vele monumenten door het centrum voert: 15.000 deelnemers met vaak persoonlijke records. Een tip voor de liefhebbers voor volgend jaar, eind maart. Na New York, Londen en Rotterdam begint Barcelona ook onweerstaanbaar te worden om een marathon te lopen. En dan vooral twee weken eerder komen om langs het strand te trainen.

Vliegveldstaking gaat niet door

Korte update: de twee posts hieronder aangekondigde staking van personeel op de vliegvelden in Spanje gaat de komende maanden vrijwel zeker niet door. Beide partijen hebben een akkoord bereikt. Gewoon vliegen wanneer je wilt dus, tenzij je toch maar het zekere voor het onzekere wil nemen.

Waarom ze bij Barça zo mooi voeballen…

Ik schreef al eens eerder over het geheim achter de jeugdopleiding van FC Barcelona. Vorige week mochten we er ook, bij uitzondering, met de camera’s van de NOS langs. Hierboven de reportage. Nu blijken sommigen die voortdurende lof over het droomvoetbal van Barça een beetje zat te worden. Voor hen een deel uit de laatste column van Willem van Hanegem in het AD. Ik doe het met deze ene zin: “Ik vind het voetbal van Barcelona het mooiste en beste dat ik ooit van mijn hele leven gezien heb”. De Kromme dixit.

// “De kritiek op Barcelona neemt langzaam toe, ik merk gewoon dat er irritatie ontstaat over die ploeg. Niet over het spel, maar over de bijval die Barça in de hele wereld krijgt. Gek is dat toch. Ik geloof echt dat de woede van Arsène Wenger nadat hij met Arsenal in Camp Nou verloren had, met die irritatie te maken heeft.

De man maakte zich absoluut belachelijk en valt eigenlijk nooit meer serieus te nemen. Daar besteed ik verder geen woorden meer aan omdat Sjoerd Mossou het zaterdag in deze krant goed opschreef, de man is gewoon zuur en jaloers.

Ik vind het voetbal van Barcelona het mooiste en beste dat ik ooit van mijn hele leven gezien heb. De elftallen met Pelé, Cruijff en Maradona speelden echt niet beter of aantrekkelijker, nooit.

Ik kan er geen genoeg van krijgen. Het spel van die jongens beantwoordt in alles aan wat ik verlang van een wedstrijd; positiespel, snelheid, aanvallend, attractief en eigenlijk ook wel heel optimistisch voetbal.

Dat optimisme, daar gaat het om en het is in elke ploeg op welk niveau in te brengen. Daarom heb ik Guardiola hoog zitten, hij is daar als trainer/coach verantwoordelijk voor. Hoe kun je aan zulk voetbal en zo’n club een hekel krijgen? Dat het bijna niet te bestrijden is, moet je maar voor lief nemen.

En ik begrijp het dat een ploeg als Arsenal, normaal gesproken ook een aantrekkelijk spelend elftal, gedesillusioneerd afscheid neemt van de Champions League. Maar als je ze niet aankunt, moet je proberen zoals zij te spelen.”

Tijd voor de calçotada

Had ‘m dit jaar gedaan, maar vandaag was het een mooie dag voor de calçotada: ouders over uit Nederland, een prachtige zon en bijna 20º in de tuin, de bouelvard vol met wandelaars, en de barbecue met mooie brandende kolen. Dus, calçots vooraf, en daarna lamskoteletjes met allioli, groenten van de grill, salade, butifarra, Argentijnse churrasco, en een lang etcetera. Maar het gaat om die calçots, natuurlijk. Ik won er ooit een journalistieke prijs mee, een vier pagina’s lange reportage over calçots in Valls, het stadje bij Tarragona waar deze net zo heerlijke als eenvoudige culinaire vondst vandaan komt. 

Weinigen kennen het, buiten Catalonië. De calçotada, fantastische maaltijd die je eigenlijk alleen tussen januari en eind maart kunt nuttigen. Want dan zijn de calçots vers en dik genoeg. Calçots? Het lijkt op een kruising tussen een prei en een lente-ui, maar is het geen van beide. Althans, het is wel een ui, eigenlijk, maar een vreemde, unieke. Het verhaal gaat dat een boer uit het stadje Valls het een eeuw geleden bij toeval ontdekte: zijn witte uien waren in de zomer uitgelopen, maar die uitlopers bleken een heerlijke, beetje zoete smaak te hebben als je ze op stevig vuur in de buitenlucht klaarmaakte.
Nu worden dus de uien gerooid en in speciale kurkdroge opslagplaatsen bewaard totdat er uitlopers komen. Die worden kort na de zomer geplant en hartje winter zijn het prachtige lange uien geworden: het witte en eetbare gedeelte zit onder de aarde, zoals bij al dit soort groenten.
Onmisbaar bij dit maal is wel de romesco-saus. Hierbij een snel recept voor flinke hoeveelheid: een hele bol knoflook en vijf rode tomaten in de oven; pellen en in een kom, samen met 100 gram kort geroosterderde amandelen en 30 gr gepelde hazelnoten. Alles samen, met één teentje verse knoflook, goed fijnmalen. 800 cl olijfolie (van de arbequina olijf, maar anderen mogen ook) langzaam toevoegen. Op het einde een half glas azijn en een lepel rode paprikapoeder toevoegen. (Nog natuurlijker en lekkerder dan die paprikapoeder is de ñora, een gedroogde paprika waar je na een tijdje weken in lauw water het ‘vlees’ van de binnenkant eruitschraapt.)
Daarin de gepelde calçots dippen en de vingers erbij aflikken.
Die calçots zijn het best van de barbecue. En nóg beter is het – maar dat is in Nederland bijna onmogelijk – als ze niet op houtskool maar op het vuur van de wijnranken worden klaargemaakt. Vlak voor de winter worden de wijnranken gekortwiekt en dat geeft een prachtig vuur voor de calçots, die van buiten lekker zwart en aangebrand moeten zijn. Je eet ze door de punt in één hand vast te houden en met de andere hand het centrale, gare deel eruit te trekken…

Vijf maanden stakingen op vliegvelden

Misschien wordt er vóór die tijd een akkoord bereikt tussen de strijdende partijen, maar om het zekere voor het onzekere te nemen bij het boeken van vluchten van en naar Spanje, dit voorjaar en komende zomer, is het handig bovenstaande kalender in acht te nemen. Op de rood gemarkeerde dagen wil het personeel van AENA in staking gaan. AENA is een overheidbedrijf dat deels geprivatiseerd gaat worden en absoluut alle commerciële vliegvelden in Spanje beheert. De stakingsdagen zijn niet willekeurig gekozen, maar vallen meestal samen met feestdagen en het begin en einde van vakanties, dus rond Pasen, op 1 mei en vooral vijf achtereenvolgende dagen rond het begin van de vakanties in juli en bij de wisseling van juli naar augustus. Nog ver weg, dat laatste, maar als je toch rond die tijd moet vliegen, kun je het beter ene paar dagen eerder of later doen.

Een beetje schrikken in het hotel

Omdat hij zo eenvoudig is, en dus heel leuk, van de Spaanse TV-zender Cuatro: een beetje slecht verlichte hotelgang, een klein meisje en een verborgen camera. Meer heb je niet nodig. En wat al die bioscoopfilms uiteindelijk met ons doen: we worden al bang van een onschuldig meisje in een nachtjapon:

Hoe hard mag ik nou rijden?

Toen de snelweg van Barcelona naar Sitges werd geopend, ergens rond 1993, mocht je er 120 kilometer per uur rijden, maximaal. Maar er bestonden toen geen radars, dus reed je vooral in de stille avonduren met iets van 140 km/u naar huis. En dan ben je er zo. Jaren terug kwamen de wat ze hier ‘ecosocialisten’ noemen in de tripartito-regering, ofwel de ‘groenen’ van IC-V, en die kregen zowel het Catalaanse ministerie van Binnenlandse Zaken als dat van Milieu onder hun hoede. Onder BiZa valt ook Trànsit, het verkeer, en in een goed samenspel besloten beide departementen om de maximum snelheid op alle wegen in een kring van 20 km rond Barcelona tot 80 km/u terug te brengen: beter voor het milieu en beter voor de veiligheid.

Daar waren we al lang aan gewend, aan die 80 km/u (met onderweg drie vaste radars), al merkte ik wel dat ik er duidelijk langer over deed om thuis te komen; maar wat konden die paar minuten mij nou schelen. De vorig jaar gekozen nieuwe Catalaanse regering van de gematigd-nationalistische CiU had als één van zijn populaire programmapunten het opheffen van die 80 km/u-norm, en besloot dat zo snel mogelijk toe te passen en op de meeste plaatsen die 120 km/u opnieuw toe te staan, omdat die 80 km/u nou echt niet veel beter voor het milieu zou zijn en het sterk verminderde aantal verkeersslachtoffers echt niet van die lagere snelheden kwamen. (Opvallend trouwens: ook van het kabinet-Rutte was de eerste actie het oprekken van die maximum snelheid, naar 130 km/u op bepaalde plaatsen in Nederland; een erg ‘rechtse’ maatregel dus, de auto’s harder laten rijden.)

Dus reden we al een paar weken 120 km/u toen de centrale Spaanse regering in Madrid met een nieuwe tijdelijke maatregel kwam om te besparen op het oliegebruik in het land, want door de onrust in de Arabische wereld is dat zwarte goud hartstikke duur geworden. En een té hoge olierekening zou het trage herstel van de brakke Spaanse economie direct weer ongedaan maken. Dus mag er op alle snel- en autowegen in Spanje sinds gisteren niet meer harder dan 110 km/u worden gereden. Zo’n 6.000 verkeersborden zijn aangepast, maar de 250.000 euro die dat heeft gekost zijn een schijntje bij de 1,4 miljard die de regering denkt dat er aan benzineverbruik (de Euro-98 kost 1,45, de diesel rond de 1,32) wordt bespaard tot 30 juni, wanneer besloten wordt of de maatregel wordt verlengd.

Bedacht in Barcelona

“Be water, my friend.” De oude tekst van een filosofische Bruce Lee keerde enkele jaren geleden terug uit de vergetelheid en werd enorm populair, zeker in Spanje, toen BMW triomfeerde met een eenvoudig reclamespotje voor zijn X3 dar geïnspireerd was op die wijze woorden van de karateheld, uitgesproken in een interview. Woorden die deze week ook weer terugkwamen, toen een wethouder van Barcelona in Londen de tweede editie van het boek Pensado en Barcelona presenteerde, Bedacht in Barcelona, dat hier volledig te bekijken is.

Het boek is een opeensomming van de ‘goede ideeën’ die in Barcelona zijn bedacht en daarna een groot succes zijn geworden, in Spanje, in Europa of zelfs de rest van de wereld. Niet al die dingen zijn bij het grote publiek bekend, want er staan speciale projecten van ziekenhuizen of andere gespecialiseerde instellingen in die slechts in die wereld navolging hebben gekregen of bewondering hebben geoogst.

Maar er zijn natuurlijk ook meer ‘populaire’ zaken die in Barcelona zijn geboren, zoals de Munich-gympen, de vroegere zaalvoetbalschoentjes die een modieus streetwear-merk zijn geworden, of de met een Oscar bekroonde creaties in de prachtige film Pan’s Labyrinth. Er staat een ‘snoepjesrestaurant’ in, het Candy Restaurant dat door barcelonees Martí Guizé werd bedacht en in Tokio is geopend. Er staan enkele festivals in, of mijn vroegere collega’s, ontwerpers bij El Periódico die voor zichzelf begonnen bij Cases i Associats en inmiddels kranten over de hele wereld hebben (her)ontworpen, zoals De Pers in Nederland of The Independent in Londen. Nog een paar om af te sluiten, want het zijn er te veel om op te noemen: boven de elektrisch gemotoriseerde E-Bike van Monty, links een beroemde stoel, de Silla Bonamusa, van Figueres, één van de grootste fabrikanten van Europa van stoelen voor bijvoorbeeld congresgebouwen. Of, rechts (voor degenen die niet een stoel van een flesje bier kunnen onderscheiden) het populaire Moritz, een oude stadsbrouwerij die enkele jaren geleden nieuw leven in werd geblazen en nu een cool  biertje in het nachtleven van Barcelona is geworden. En nog prima te drinken ook.