Tagarchief: fc barcelona

Bij dageraad zal ik zegevieren

plazacatalunya

Een miljoen mensen op straat is veel, héél erg veel. Urenlang stonden velen al te wachten op de niet eens zo vluchtige passage van de bus vol Barça-helden. Bijna vier uur duurde donderdagavond de rit over 8 kilometer vanuit de haven, over de Via Laietana, langs de Plaça de Catalunya (hierboven, op de foto van mijn collega Albert Bertran), via Aribau naar Còrsega, Avinguda de Sarrià en de lange Travessera de les Corts.

Het was de dag ook dat sommige journalisten ontdekten waarom FC Barcelona woensdagavond in het Stadio Olimpico in Rome een opmerkelijk korte warming-up van 10 minuten hield: de andere 10 had Guardiola in de kleedkamer nodig.

crowe

Toen alle spelers en assistenten binnen waren, ging het licht uit en een groot scherm aan. Daarop verscheen een indrukwekkende video van zeven minuten. De DVD, op verzoek van de trainer gemaakt door een vriend bij de Catalaanse TV, wisselde beelden van de film Gladiator af met die van álle spelers van de selectie. Het ene moment Russel Crowe vechtend in het Coliseum, het volgende moment Iniesta bezig aan zijn herstel van een blessure, Eto’o die scoort, Messi die dribbelt en Valdés die een bal miraculeus stopt.

Woorden, gesproken door de spelers, uit de laatste Nike-campagne voor Barça: ,,Wij zijn het middenveld, wij zijn onze precisie, wij zijn onze inspanning, wij zijn aanvallers die verdedigen…” etcétera, tot de slotzin: ,,Wij zijn één!” 

Keiharde muziek schalde door de kleedkamer, eerst van Gladiator zelf en als  slot het ontroerende Nessun dorma uit de opera Turandot. De tekst, de allerlaatste woorden, in het Italiaans, waren voor de spelers goed te volgen. All’alba vinceré! Bij dageraad zal ik zegevieren. Sommigen kwamen met tranen in de ogen uit de kleedkamer. Toen moesten ze nog voetballen.

Barça: Viva la vida!

portada

Belachelijk drukke dag vandaag, waarop we bovendien héél vroeg met de rest van de kant klaar moeten zijn, vóórdat de Champions League-finale tussen Barça en Manchester United begint. Dus sta ik het me vandaag toe gewoon het verhaal te reproduceren dat ik vandaag voor het AD heb geschreven. Maar daarvóór even de voorpagina van El Periódico vandaag. We zijn een beetje gestoord, in deze voetbalgekke dagen, en als inspiratie diende een opmerking van Pep Guardiola over dit Barcelona: ‘Johan Cruijff schilderde de Sixtijnse kapel en Rijkaard restaureerde hem…’

Als de UEFA het zou toestaan zou vanavond tijdens de warming-up voor de finale van de Champions League keihard Viva la vida van de Britse groep Coldplay uit de luidsprekers van het Olimpico in Rome klinken. ,,Ik placht de wereld te regeren, de angst in mijn vijands ogen te voelen,’’ zingt de groep. Niet op verzoek van de 67-jarige Sir Alex Ferguson, man uit de tijd van Bill Haley en Elvis Presley, maar van zijn drie decennia jongere collega Josep Guardiola.

Voetbal, kunst, muziek, literatuur, film, poëzie. Het komt allemaal samen in het hoofd van de Catalaan, 38 jaar geleden geboren in het dorpje Santpedor in het binnenland. De mythe, noemden zijn cynische criticasters hem vroeger. Het voetbal van zijn Barcelona, zonder enige twijfel het beste Barça ooit, heeft dit seizoen alle aan de kunst gerelateerde metaforen al uitgeput. Prachtige symfonie, meesterwerk, poëtisch samenspel. Et cetera.

Klik HIER voor de opstellingen.

Het gehele seizoen lang al laat Guardiola zijn spelers in de kleedkamer, vlak voor de wedstrijd, luisteren naar Viva la vida. Leef het leven, pluk de dag, geniet, want straks, zo zingt Coldplays Chris Martin later in het liedje, ontdek je ‘hoe mijn kastelen stonden op pilaren van zout en zand’.

Viva la vida. Het tekent een beetje de vrolijke ambiance die er dit seizoen in en rond Barcelona heerst. Frank Rijkaard hield ook van Coldplay, ging zelfs naar een concert in Barcelona, en Guardiola heeft altijd benadrukt dat hij voor een deel heeft voortgeborduurd op de erfenis van zijn mystieke voorganger. ,,Met de aanvallers beginnen te verdedigen, druk uitoefenen op de defensie van de tegenstander, dat heb ik van Frank overgenomen.’’

Van Louis van Gaal, de koppige trainer die Guardiola in zijn laatste Barça-jaren als speler meemaakte voordat hij naar Italië vertrok, erfde hij de tactische discipline. En van Johan Cruijff het romantisch verlangen naar aantrekkelijk voetbal.

,,Wij leken als speler al op elkaar,’’ zei Cruijff zondag in een interview in El Periódico. ,,Fysiek stelden we niet zoveel voor, maar we hadden allebei het geluk in teams te spelen die van de bal hielden. Zónder bal was het nooit wat met ons geworden.’’

Als trainer zijn beiden altijd van die bal blijven houden. Maar Pep is wat dat betreft nog extremer dan Johan. Moediger ook. In zijn tijd als Barça-trainer paste Cruijff zijn elftal altijd aan als hij tegen Real Madrid moest spelen. Guardiola niet, nooit. Ook morgen tegen het grootse ManUnited niet.

Of je nou een speler van een vroeger sterrenteam bent, of een journalist die Barça in zijn beste tijdperk, van 1990 tot nu, van dichtbij heeft meegemaakt, of de ervaren trainer van een tegenstander, voor iedereen staat het buiten kijf: het voetbal van dit Barça is het beste dat de club heeft laten zien. De twee duels tegen Chelsea waren geen getrouwe afspiegeling van het hele seizoen. In zeventien wedstrijden maakte de ploeg vier, vijf of zes doelpunten. Barça is sneller, gevarieerder, dodelijker maar ook defensief geslotener dan Cruijffs Dream Team.

Radio- en tv-stations hebben prijsvragen uitgeschreven om een bijnaam voor het team van Guardiola te bedenken. Dream Team II zou dit elftal tekort doen. Een ‘tweede deel’ was slechts bij de Godfather goed.

Guardiola doet altijd zijn best zijn spelers alle eer te geven. Geen grootspraak uit zijn mond. ,,Iedereen zou met deze ploeg triomferen,’’ roept hij steeds. Valse bescheidenheid. ,,Een 10 voor de trainer,’’ roepen zijn spelers.

Guardiola is vooral moderner dan Cruijff als trainer was. Hij combineert zijn intuïtie, die hij als speler al toonde en waarvan de veel snellere en nóg betere Xavi en Iniesta de natuurlijke erfgenamen zijn, aan een gedegen voorbereiding. Cruijff vertrouwde op de analyses van zijn trouwe assistent Tonny Bruins Slot, Guardiola heeft een enorm team achter zich: hij bereidt wedstrijden voor met uitgebreide video’s, samengevat door twee assistenten.

Hij laat zijn spelers zelfs vrije trappen en hoekschoppen instuderen, iets wat bij Barça nooit gebruikelijk was. En dan nog weet hij zijn eigen spelers te verrassen, zoals bij de 1-2 die zijn ploeg in Madrid scoorde. Bij een hoekschop stak de nemer ervan, Xavi, zijn hand op, met vijf vingers wijd in de lucht. Slechts twee andere spelers wisten wat dat betekende: Piqué zette het blok, aanvoerder Puyol, met rugnummer 5, scoorde met het hoofd zijn eerste doelpunt van het seizoen.

Truc tegen relschoppers

mossos

Ver na de viering door tienduizenden mensen van een prijs van FC Barcelona komen, meestal vanaf een uur of drie ’s nachts, de notoire relschoppers uit hun schulp kruipen om wat etalages in te gooien, auto’s te slopen en stadsmeubilair om zeep te helpen. Meer dan 50 arrestanten, zeggen de persbureau’s dan, en dat lijkt heel veel. Het valt allemaal wel mee: er worden er zo veel mogelijk opgepakt om elk indicent in de kiem te smoren. De Catalaanse politie, de Mossos, heeft daar zijn eigen secretas voor, zoals we ze noemen: de geheime agenten, mannen in burger die zo veel mogelijk op de mogelijke relschoppers moeten lijken. En wat is makkelijker om bij een Barça-feestje óók een blauwpaars shirt aan te doen?

(Voor de goede orde: op de foto staat de mogelijke relschopper in het midden; de twee agenten hebben een balkje voor hun hoofd, iets wat in Spanje alle kranten doen om latere herkenning van de ‘geheim agenten’ te voorkomen. Dus laten we die gewoonte, precies het tegenovergestelde van het Nederlandse gebruik om de verdachte onherkenbaar te maken, maar in stand houden, met excuus voor de wat primitieve zwarte balkjes.)

Veldslag in de naam van de koning

Woensdag treffen FC Barcelona en Athletic de Bilbao elkaar in de bekerfinale, de Copa del Rey, de koningsbeker. Voor het eerst sinds 1984. En die laatste finale tussen beide was niet iets om trots op te zijn. De wedstrijd werd, voor de ogen van koning Juan Carlos en zijn gezin, besloten met één van de meest ordinaire vechtpartijen die ooit op een voetbalveld te zien zijn geweest. Diego Armando Maradona was het zat dat hij opnieuw door ‘slager’ Goicoechea werd opgejaagd: die had hem al eens maandenlang uitgeschakeld met een schandalige overtrededing, waarbij de Argentijn zijn scheen- en kuitbeen brak. Ook verwoestte ‘Goiko’ eens de knie van Schuster. Die voorgeschiedenis leidde tot de klappen en trappen die op bovenstaande video te zien zijn. Historisch is de karatetrap van Barça-verdediger Migueli. Hij werd net als vier anderen voor drie maanden geschorst. Athletic won trouwens, met 1-0.

Louis van Gaal in het Duits

Toen hij hier de Nederlandse kolonie het schaamrood op de kaken bezorgde, zeiden wij, in Barcelona, dat Louis van Gaal eigenlijk meer had van een Duitser dan van een Nederlander. Nu mag hij het, vrijwel zeker, bij Bayern München gaan proberen. Deed me denken aan de historische personferentie van Giovanni Trapattoni. Vanaf 1.30 komt de Italiaan écht op gang… Nu wachten op de eerste Duitse uitbarsting van onze Louis.

En dan toch ook nog maar even zijn allermooiste in Barcelona. Tu eres muy malo. Nunca positivo, siempre negativo… De inleiding van mijn kant bij de Wereld Draait Door kun je overslaan.

Kunstwerk op het grasveld

messi

Hij alleen, dat kleine manneke dat ooit groeihormonen nodig had om wat meer te groeien, het bescheiden joch dat zich vermaakt op een voetbalveld, het ongelooflijke talent dat héél veel van Maradona in zich heeft, die Lionel Messi, helemaal alleen, kwetsbaar en tegelijk onaantastbaar, laat de woede, frustratie, haat en misschien toch ook stille bewondering van de tribune van het Bernabéu-stadion over zich heen rollen.

De foto staat vandaag in de krant Público en is één van de mooiste, treffendste beelden van de historische zaterdagavond. Elk gezicht, elke geheven vinger is een eigen verhaal.

Niet op die tribune maar ervóór, achter de tengere rug van Messi, speelde zich 90 minuten lang voetbal in zijn meest pure vorm af, voetbal als vermaak, dat waarvoor het ooit bedacht is. Mannen die ongelooflijk plezier hebben op het veld. Real Madrid-FC Barcelona 2-6; het hadden er nog veel meer kunnen zijn. Kunstwerken zijn moeilijk te beschrijven, die moet je aanschouwen. Misschien dat één foto gewoon meer dan genoeg is.

Jammer voor ‘onze’ Guus

p1010476

De Champions League nadert zijn einde, het gekkenhuis dat voetbal heet wordt groter. Vanavond FC Barcelona-Chelsea, gisteren waren de persconferenties. Tientallen journalisten, vooral uit Spanje en Engeland (de crisis raakt ook de kranten, er wordt steeds minder gereisd – vroeger zat het halve Nederlandse journaille bij een wedstrijd als deze, nu waren we slechts met het AD, ik dus, en De Telegraaf), 24 TV-camera’s (rechtenhouder NOS is er wel altijd bij; nog geld genoeg bij de publieken) en twee trainers die die gekte bijzonder losjes ondergaan.

Op de foto Guus Hiddink; heeft al te veel meegemaakt om zich nog gek te laten maken. Daarvóór was Pep Guardiola aan de beurt, een nieuweling eigenlijk, 30 jaar jonger dan zijn Nederlandse tegenstander. Wij Nederlanders zoeken altijd graag ónze jongens (ja, we zijn één van de meest chauvinistische volkeren op aarde), dus zien we graag ónze Guus met zijn vroeger toch weinig populaire Chelsea van dat Barça-zonder-Nederlanders (voor het eerst sinds 1997) winnen. Morgen wordt het iets moeilijker; Van Persie (Arsenal) of Van der Sar (Manchester Utd)?

Mijn keus is duidelijk: in de 20 jaar dat ik hier woon heb ik Barça nog nooit zó oogstrelend mooi voetbal zien spelen als dit jaar. (De NOS, ook verblind door de ‘Engelse’ successen, is er te weinig bij geweest.) Het is het enige voetbal waarvoor je eigenlijk naar een stadion gaat. Het enige voetbal dat verdient te winnen.  Helaas weten we sinds 1974 dat niet altijd het mooiste voetbal ook daadwerkelijk wint.

Een absurde aanslag

lluch

Geen moord is te rechtvaardigen, maar sommige aanslagen zijn nóg absurder en zinlozer dan anderen. Ernest Lluch was één van Spanje’s grootste, verstandige én meest aimabele intellectuelen. Geboren in 1937 in de buurt van Barcelona werd hij als docent aan de universiteit van Valencia herhaaldelijk gearresteerd in de tijd van Franco vanwege zijn anti-dictatoriale ideeën. Eenmaal in de democratie koos de charismatische eerste socialistische premier, Felipe González, hem als minister van Gezondheid en Consumptie in die eerste linkse regering, in 1982. Maar Lluch – spreek uit: Joek – was vooral een man van doceren, betrokken bij veel grote universiteiten in het land, en verliet de regering weer in 1986. Als Catalaan probeerde hij Spanje te verenigen zonder ook maar één moment het bestaan van die verschillende volken (Catalanen, Basken, Galiciërs) binnen het land te ontkennen. Hij veroordeelde alleen het feit dat sommigen, terroristen in dit geval, de autonomie via geweld probeerden te bewerkstelligen. Zó gematigd én overtuigend was Lluch, dat hij een pacifistische bedreiging voor die terroristen vormde.

Een vroege ochtend op 21 november 2000 liep Lluch in het halfduister naar zijn auto in de parkeergarage onder zijn flatgebouw aan de Avinguda de Xile, op 100 meter van het Camp Nou, het stadion van FC Barcelona, club waarvan hij een fanatiek supporter was (opvallend op de bovenstaande collage van de expositie: een plaatje van Johan Cruijff als aanvoerder van Barça). Twee pistoolschoten in zijn hoofd maakten een einde aan zijn leven. De ETA eiste de aanslag op. Niet vaak was de verontwaardiging over een aanslag in Spanje zó groot.

Deze week werd in Barcelona een expositie geopend over het leven en het werk van Lluch, te bezichtigen in het Palau Robert, een strak gebouw uit 1905 op de hoek van de Passeig de Gràcia en de Diagonal.

In Barcelona juichen ze voor Liverpool

periodico

Dit is de sportredactie van El Periódico, dinsdagavond laat. Mijn vroegere collega’s zaten de wedstrijd Liverpool-Real Madrid te kijken. Een vergelijk: hoe zouden de jongens én meiden op de onvolprezen redactie van AD Sportwereld reageren als Ajax vanavond een tegendoelpunt zou incasseren van Olympique Marseille? Sommigen zouden balen, anderen zou het niet veel uitmaken, weet ik. Of omgekeerd: wat zouden ze bij Telesport roepen als Feyenoord van een Europese tegenstander op zijn kop krijgt? ‘Niets nieuws onder de zon,’ waarschijnlijk.

In Barcelona en Madrid ligt het, zoals iedereen weet, iets gevoeliger. Barça en Real zijn niet alleen elkaars tegenstander in de Primera División, ook buiten de eigen landsgrenzen gunnen de supporters elkaar het licht niet in de ogen. Sommige spelers evenmin, trouwens. “Ik wil dat Barcelona altijd verliest,” zei Real-modeboy Guti laatst.

Onder sportjournalisten is het niet anders. Ik weet niet bij welk doelpunt van Liverpool de foto hierboven werd genomen (hij hangt nu op de sportredactie zelf, dit is een kopie ervan). De 1-0 van Torres, de 2-0 of 3-0 van Gerrard of de laatste van die Italiaan… Het maakt niet uit: elke treffer veroorzaakte ongetwijfeld dezelfde taferelen. En hoe meer de Koninklijke werd vernederd, hoe beter…

Een Barça zonder Nederlanders

Een beetje voetbal, zo na het weekeinde. Half Nederland richt zijn ogen dit seizoen op Real Madrid. Chauvinistisch als we zijn, hebben we alleen nog maar oog voor Robben, Sneijder, Huntelaar, Van der Vaart en de anderen. Wij voetbalkenners én inwoners van Barcelona weten wel beter. Ook al zijn de laatste Nederlanders hier afgelopen zomer vertrokken SPAIN SOCCER(Frank Rijkaard en Johan Neeskens), dit Barça speelt met afstand het mooiste voetbal in Europa. Gemiddeld meer dan drie doelpunten per wedstrijd, dat is nog eens waar voor je geld als je naar het (dure) Camp Nou gaat. Dit Barcelona moet kampioen worden natuurlijk, wat onder de Catalaanse coach Josep Guardiola de eerste titel sinds 1985 zónder Nederlandse trainer zou zijn. Johan Cruijff, Louis van Gaal (op de foto bij het kampioensfeest van 1998, met Patrick Kluivert) en Rijkaard waren de laatsten.