Barça: Viva la vida!

portada

Belachelijk drukke dag vandaag, waarop we bovendien héél vroeg met de rest van de kant klaar moeten zijn, vóórdat de Champions League-finale tussen Barça en Manchester United begint. Dus sta ik het me vandaag toe gewoon het verhaal te reproduceren dat ik vandaag voor het AD heb geschreven. Maar daarvóór even de voorpagina van El Periódico vandaag. We zijn een beetje gestoord, in deze voetbalgekke dagen, en als inspiratie diende een opmerking van Pep Guardiola over dit Barcelona: ‘Johan Cruijff schilderde de Sixtijnse kapel en Rijkaard restaureerde hem…’

Als de UEFA het zou toestaan zou vanavond tijdens de warming-up voor de finale van de Champions League keihard Viva la vida van de Britse groep Coldplay uit de luidsprekers van het Olimpico in Rome klinken. ,,Ik placht de wereld te regeren, de angst in mijn vijands ogen te voelen,’’ zingt de groep. Niet op verzoek van de 67-jarige Sir Alex Ferguson, man uit de tijd van Bill Haley en Elvis Presley, maar van zijn drie decennia jongere collega Josep Guardiola.

Voetbal, kunst, muziek, literatuur, film, poëzie. Het komt allemaal samen in het hoofd van de Catalaan, 38 jaar geleden geboren in het dorpje Santpedor in het binnenland. De mythe, noemden zijn cynische criticasters hem vroeger. Het voetbal van zijn Barcelona, zonder enige twijfel het beste Barça ooit, heeft dit seizoen alle aan de kunst gerelateerde metaforen al uitgeput. Prachtige symfonie, meesterwerk, poëtisch samenspel. Et cetera.

Klik HIER voor de opstellingen.

Het gehele seizoen lang al laat Guardiola zijn spelers in de kleedkamer, vlak voor de wedstrijd, luisteren naar Viva la vida. Leef het leven, pluk de dag, geniet, want straks, zo zingt Coldplays Chris Martin later in het liedje, ontdek je ‘hoe mijn kastelen stonden op pilaren van zout en zand’.

Viva la vida. Het tekent een beetje de vrolijke ambiance die er dit seizoen in en rond Barcelona heerst. Frank Rijkaard hield ook van Coldplay, ging zelfs naar een concert in Barcelona, en Guardiola heeft altijd benadrukt dat hij voor een deel heeft voortgeborduurd op de erfenis van zijn mystieke voorganger. ,,Met de aanvallers beginnen te verdedigen, druk uitoefenen op de defensie van de tegenstander, dat heb ik van Frank overgenomen.’’

Van Louis van Gaal, de koppige trainer die Guardiola in zijn laatste Barça-jaren als speler meemaakte voordat hij naar Italië vertrok, erfde hij de tactische discipline. En van Johan Cruijff het romantisch verlangen naar aantrekkelijk voetbal.

,,Wij leken als speler al op elkaar,’’ zei Cruijff zondag in een interview in El Periódico. ,,Fysiek stelden we niet zoveel voor, maar we hadden allebei het geluk in teams te spelen die van de bal hielden. Zónder bal was het nooit wat met ons geworden.’’

Als trainer zijn beiden altijd van die bal blijven houden. Maar Pep is wat dat betreft nog extremer dan Johan. Moediger ook. In zijn tijd als Barça-trainer paste Cruijff zijn elftal altijd aan als hij tegen Real Madrid moest spelen. Guardiola niet, nooit. Ook morgen tegen het grootse ManUnited niet.

Of je nou een speler van een vroeger sterrenteam bent, of een journalist die Barça in zijn beste tijdperk, van 1990 tot nu, van dichtbij heeft meegemaakt, of de ervaren trainer van een tegenstander, voor iedereen staat het buiten kijf: het voetbal van dit Barça is het beste dat de club heeft laten zien. De twee duels tegen Chelsea waren geen getrouwe afspiegeling van het hele seizoen. In zeventien wedstrijden maakte de ploeg vier, vijf of zes doelpunten. Barça is sneller, gevarieerder, dodelijker maar ook defensief geslotener dan Cruijffs Dream Team.

Radio- en tv-stations hebben prijsvragen uitgeschreven om een bijnaam voor het team van Guardiola te bedenken. Dream Team II zou dit elftal tekort doen. Een ‘tweede deel’ was slechts bij de Godfather goed.

Guardiola doet altijd zijn best zijn spelers alle eer te geven. Geen grootspraak uit zijn mond. ,,Iedereen zou met deze ploeg triomferen,’’ roept hij steeds. Valse bescheidenheid. ,,Een 10 voor de trainer,’’ roepen zijn spelers.

Guardiola is vooral moderner dan Cruijff als trainer was. Hij combineert zijn intuïtie, die hij als speler al toonde en waarvan de veel snellere en nóg betere Xavi en Iniesta de natuurlijke erfgenamen zijn, aan een gedegen voorbereiding. Cruijff vertrouwde op de analyses van zijn trouwe assistent Tonny Bruins Slot, Guardiola heeft een enorm team achter zich: hij bereidt wedstrijden voor met uitgebreide video’s, samengevat door twee assistenten.

Hij laat zijn spelers zelfs vrije trappen en hoekschoppen instuderen, iets wat bij Barça nooit gebruikelijk was. En dan nog weet hij zijn eigen spelers te verrassen, zoals bij de 1-2 die zijn ploeg in Madrid scoorde. Bij een hoekschop stak de nemer ervan, Xavi, zijn hand op, met vijf vingers wijd in de lucht. Slechts twee andere spelers wisten wat dat betekende: Piqué zette het blok, aanvoerder Puyol, met rugnummer 5, scoorde met het hoofd zijn eerste doelpunt van het seizoen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s