
Goh, verrassende conclusie van het Catalaanse ministerie van Binnenlandse Zaken, waaronder het politiekorps van de Mossos d’Esquadra valt: Barcelona is geen onveilige stad, maar het aantal berovingen is “extreem hoog”, aldus de autoriteiten. Ja, dat weet iedereen, bewoner én toerist, al jaren. Allemaal zijn ze wel eens gerold of beroofd, de toeristen qua percentage wat meer dan de bewoners, want ze zijn nou eenmaal makkelijker slachtoffers. Volgens de laatste cijfers, vandaag door dat ministerie bekendgemaakt, betreffen liefst 70% van alle aangiftes in het oude centrum, dus rond de Rambla, kathedraal en de Barceloneta, wat ze ‘kleine berovingen’ noemen: zakkenrollen, tas afpakken of rugzakje op het strand ongemerkt bij je wegtrekken. Steeds meer zijn ook de hotels er slachtoffer van. Nieuwste truc: boeven stellen zich ín de hal voor als politieagenten en willen van de zojuist gearriveerde toeristen hun documenten zien; zodra die hun portefeuille trekken, wordt die afgepakt en verdwijnen de boeven.
En nou gaan ze er écht wat aan doen, zeggen de politieke bazen van de politiekorpsen. Wat? Meer ‘blauw op straat’. Of het werkt? Tuurlijk niet. Want dat blauw pakt al genoeg van die zakkenrollers op, sommigen inmiddels meer dan 70 keer, maar omdat het lichte delicten betreft kan de rechter hen niet opsluiten en staan ze de middag na hun aanhouding in de morgen weer op straat. Obers op terrassen, bewakers bij hotels: ze kennen allemaal de boeventronies, waarschuwen hun gasten, jagen de slechteriken weg, maar het helpt nauwelijks.
En het eerste wat de diefjes doen na hun vrijlating is doorgaan met het bestelen van toeristen, in de metro, op de Rambla, op het strand, in het hotel, overal. Barcelona begint er een steeds slechtere naam door te krijgen, maar weet maar niet hoe er af te komen.

Maar toch: verder was het redelijk pais en vree in de stad. Vier dagen en nachten feest en liefst 1,7 miljoen mensen op pad voor allerlei gratis evenementen (concerten, circus, theater, castellers en de voor toeristen verbijsterende maar tegelijk aantrekkelijke correfoc, de vuurrijke optocht van duivels en draken. (Tip voor als je eens naar de stadsfeesten van Barcelona of andere Catalaanse dorpsfeesten komt: voor de correfoc zijn lange mouwen en een hoedje van stro of dikke capuchon, een zonnebril en eventueel een zakdoek voor de mond noodzakelijk om de vonkenregen zonder pijnlijke brandwondjes van Lucifer te overleven.)
Dit is Mercè. Ze staat onopvallend hoog boven de daken van de oude stad, op één straatje van de oude haven vandaan. (De mooie foto is niet van mij, trouwens.) Voluit heet ze Mare de Deu de la Mercè en ze staat hier, met een kindje op de arm, op de kerk met haar naam; één van de minder bekende basilieken tussen het geweld van de Sagrada Familia, de gothische kathedraal en Santa María del Mar. Vandaag, 24 september, is het de naamdag van Mercè en viert Barcelona feest. Althans, de stad viert vele dagen lang zijn stadsfeesten, maar vandaag is het hoogtepunt, en niet alleen omdat iedereen vrij is en alles gesloten. Toeristen lopen er op een dag als deze verrast en verloren bij; ze horen en zien veel muziek op straat, maar kunnen nergens kleren kopen.
Mercè is de beschermheilige van Barcelona sinds ze in 1637 de stad van een sprinkhanenplaag verloste. Haar orde werd al ergens in de dertiende eeuw geboren, toen zij verscheen in de dromen van ene Pere Nolasc, een priester die in die droom werd opgeroepen een nieuwe orde te stichten voor alle christenen die gevangen waren genomen door de Moorse piraten op de Middellandse Zee. Vandaar werd de kerk, even later, ook zo dicht bij zee gebouwd.
één van de leukste en beste tapasbarretjes van Barcelona, het piepkleine La Plata met vier tafeltjes en waar de meest mensen buiten staan. Er is meestal maar keus uit vier of vijf hapjes, maar allen van grote kwaliteit. Bekendste fan: Bono van U2, die La Plata deze zomer ontdekte.

De meisjes worden, net als hun ‘collega’s’ uit Oost-Europa, door internationale maffia’s in de stad gestald. Daar moeten ze elke nacht een bepaald bedrag verdienen. Sommigen nemen de klant mee naar een goor pension, anderen hebben daar het geld niet voor en gebruiken de bij nacht gesloten Boqueria als afwerkplaats. Gesloten? Om vier, vijf uur ’s nachts komen al de eerste leveranciers van verse vis en groenten en die treffen regelmatig dit soort rottend vlees aan. Dat rottend slaat natuurlijk op de mannen, toeristen die ook ’s nachts nog in hun kleurige korte broek lopen en die broek, na het betalen van 20 tot 40 euro, even laten zakken en in een door maffiosi geëxploiteerd meisje stoppen. Ik hoop dat als één van de jongens op de foto een Nederlander is, dat zijn moeder of vriendin hem op dit blog of bij 







Barcelona schijnt er, qua regelgeving, niets aan te kunnen doen. In principe is zelfs het volldige blootlopen door de stad geoorloofd en er is één oudere man die er elke dag met genoegen van gebruik maakt, van die toestemming. In Sitges hebben ze wel de gemeentwet aangepast. Er hangen ook affiches om de toeristen erop te attenderen: buiten het strand, t-shirt aan. Degene die halfbloot door het dorp loopt wordt er door agenten op gewezen toch maar iets iets aan te trekken. Degene die dan alsnog weigert, kan een boete van 350 euro tegemoet zien. Is misschien, en helaas, de enige manier om een heel klein beetje beschaving bij te brengen.
Overigens vraag je je af wat nou wel en wat niet mag. De gemeente Carboneras gaf jaren geleden een bouwlicentie voor een hotel in de baai Algarrobico, aan de rand van het prachtige natuurgebied Cabo de Gata (mijn favoriete vakantieplek in Spanje). De bouwer kwakte de betonnen kolos gewoon óp het strand. Pas nadat Greenpeace in actie kwam, besloot de staat het hotel te onteigenen en af te breken, maar na een jarenlange juridische strijd heeft de overheid nu daarvan afgezien. Dus zal dit hotel, waarvan de bouw nu al jaren stilligt, misschien ooit eens ongestraft opengaan.
Dus rijd je nu van de ene opgebroken straat de andere in. En geen kleine zijweggetjes of zo, maar grote verkeersaders, zoals op de foto boven de Avinguda de Madrid, een grote toegangsweg tot het centrum vanuit het zuiden. Het bord zegt genoeg: de vijf banen, normaal al druk bereden, worden er nu ineens maar twee. Dat de rechterbaan zo leeg is, komt omdat veel bestuurders denken dat het nog steeds een busbaan is, maar die is tijdelijk opgeheven. Het zegt wel wat over hun discipline: ze proppen zich allemaal op één enkele baan.
Vandaag werden de cijfers van afgelopen jaar gepresenteerd: voor het eerst ontving de haven van Barcelona meer dan 2 miljoen passagiers van cruiseschepen. Dat zijn er bijna 5.500 per dag, dus minimaal twee van die gigantische schepen meren er elke dag aan. Soms passen ze niet allemaal op de Moll Adossat, de pier waar die drijvende hotels aanmeren en waarvandaan de toeristen – nog altijd een overgroot deel uit de Verenigde Staten – even de stad kunnen bezoeken, waar ze meestal dan binnen een half uur, onderaan de Rambla, al beroofd zijn.