Tagarchief: barcelona

Taxi! (en dat 11.000 keer)

Je hoeft maar even met een verveeld groepje van hen tussen de lange rijen wachtende taxi’s achter het centraal station van Sants te spreken en je bent in no time op de hoogte van de duizendenéén problemen van de taxichauffeurs in Barcelona. Nou klagen ze zoals elke groep arbeiders wel eens klaagt, en je moet niet elke klacht even serieus nemen, maar feit is dat ze één groot probleem hebben: ze zijn met veel te veel.

Barcelona kent liefst 11.000 van die geelzwarte taxi’s, zij die officieel geregistreerd staan en dus een licentie hebben van het Institut Metropolità del Taxi (IMET) en de regels van die overheidsinstantie moeten naleven. Er waren jaren dat dat er te weinig leken; tot twee jaar terug was het diep in de zaterdagnacht onmogelijk rond populaire uitgaansplaatsen als de Villa Olímpica een taxi te vinden, maar dat is veranderd. Nu is het weer zoals je alleen in films in New York ziet: je hoeft maar een hand op te steken en een taxi stopt voor je neus.

Het IMET verplichtte de licentiehouders namelijk om hun taxi twee shifts op de straat te hebben, dus twee keer negen of tien uur; met verschillende chauffeurs, vanzelfsprekend. Maar dat betekent dat er ineens een overschot aan taxi’s op straat is ontstaan, zeker in een periode van crisis waarin de mensen liever de goedkopere bus of metro pakken. Deze week zijn de chauffeurs, die nogal moeilijk te verenigen zijn, in gesprek met de IMET, om die enorme taxivloot te reduceren.

Bovendien zijn er nogal wat chauffeurs die het imago van het wereldje beschadigen, omdat ze vooral toeristen extra hoge prijzen aanrekenen, een stukkie omrijden, de meter uitzetten of gewoon de straten van Barcelona niet kennen. Let bijvoorbeeld goed op wanneer  je bij je 4- of 5-sterrenhotel door een taxi wordt opgepikt: de conciërge krijgt ‘smeergeld’ van 7 tot 10 euro per ritje dat hij regelt voor bepaalde taxicentrale’s, en de chauffeur rekent dat bedrag gewoon door aan de nietsvermoedende passagier. Voor wie de officiële tarieven wil weten, hierbij het staatje waarvan de chauffeurs niet mogen afwijken.

De voltooiing van de Sagrada Familia

Was er al een tijd niet geweest; althans had er niet meer bij stilgestaan – normaal fiets of rijdt je er snel langs, zonder dat één van de meest bezochte monumenten ter wereld je nog opvalt. Maar soms is het tijd voor een update. Aan de donkere kant van de Carrer Mallorca – inmiddels door werkzaamheden aan de fundering van de toekomstige tunnel van de AVE, de hogesnelheidstrein – voor bijna alle verkeer afgesloten -, is ineens dat wat de grootste deur van de Sagrada Familia moet worden zichtbaar geworden, de hoofdingang, de majestueuze entree van de tempel. De Puerta de la Gloria hangt half in de steigers en eromheen zijn al duidelijk de zeven immense pilaren zichtbaar die zowel de zeven zonden als de zeven deugden zullen herbergen. Volgens de originele plannen van Antoni Gaudí moet onder de straat door, dus bovenop de AVE-tunnel, een doorgang komen die de hel moet voorstellen, compleet met afbeeldingen van duivels en halfgoden. Omdat dit de hoofdingang naar het centrale schip van de kathedraal moet worden, had Gaudí er bovendien een enorme opgang voor bedacht, een soort plein dat langzaam hellend omhoog loopt en één straat verderop, de Carrer Valencia, moest beginnen.

Nou geeft dat, zoals inmiddels wel bekend is, een klein probleempje: was er in Gaudi’s tijd (zie de foto uit 1915) nog alle ruimte, nu ligt tegenover de Façade van de Glorie, op nog geen 20 meter, een huizenblok dat er redelijk nieuw uitziet maar, geloof ik, al in de jaren zeventig of tachtig werd gebouwd door de onvermijdelijke Núñez y Navarro (NyN), de vroegere voorzitter van FC Barcelona en zijn vrouw. Ik ben wel eens bij een paar bewoners op bezoek geweest die ooit zo’n flat kochten, want… het blok werd illegaal gebouwd. Immers, het bestemmingsplan gaf er die entree van de Sagrada Familia weer. Maar toen, jaren zeventig, tachtig, waren er nog nauwelijks toeristen en schoot de bouw van de kerk maar niet op, want die wordt slechts bekostigd met de entreegelden en de bijdragen van gelovigen. “Niemand verwachtte dat de Sagrada Familia ooit afgebouwd zou worden; hooguit ergens in het jaar 3000”, zei een kapster me die een salon op de eerste verdieping heeft. Nu zien ze de voltooiing, waarschijnlijk rond 2020, ineens naderen en vragen de bewoners zich af: moeten wij hier weg? Verkopen lukt ook niet echt, want niemand die veel geld voor zo’n ‘bedreigde’ flat wil neertellen. De gemeente heeft zich er nog niet over uitgesproken; een heikel probleem dat ver vooruit wordt geschoven, maar één ding lijkt wel duidelijk: de gloriepoort kan natuurlijk niet aan zo’n smal stoepje liggen…

Wat doe je als het regent in Barcelona?

Net twee verzopen Japanse toeristen tegengekomen – of waren het Koreanen? – die met een halfnatte plattegrond onder de paraplu op zoek waren naar het metrostation Girona. Het is vandaag – en al vaker, deze natte winter – één van de weinige plaatsen waar het droog is in Barcelona (als het tenminste niet ineens te hard regent, want dan lekken sommige stations ook). Wat te doen als je als toerist de sneeuw in de rest van Europa dacht te ontvluchten en nu aan de Mediterranee ook herfstachtig Hollands weer aantreft?

De musea in, naar Picasso, Miró, Tàpies of andere kunstenaars kijken, is de meest gehanteerde optie. Of winkelen. Maar als je kinderen hebt? Direkt naar Cosmocaixa! Is voor ouders met grut vanaf een jaar of acht één van de beste uitwegen om de regenachtige dag in Barcelona te redden, want je brengt er veel meer tijd door dan, bijvoorbeeld, het Aquarium aan de oude haven.

Cosmocaixa is het imposante Museum van de Wetenschap, op een steenworp afstand van het huis van Johan Cruijff, aan de sjieke ‘bovenkant’ van de stad dus, dat enkele jaren geleden grondig is verbouwd en enorm is uitgebreid. Er zijn tijdelijke tentoonstellingen, zoals nu Abracadabra, over de wereld van magie. En zoals bij alle tentoonstellingen is deze vooral interactief: zie de dames op de foto, even lang, maar in deze speciale kamer bedriegelijk verschillend.

Eén van de hoogtepunten in Cosmocaixa is het Bosque inundado, de reproductie van een ondergelopen stuk bos uit het Amazone-gebied, met een deel van de plaatselijke flora en fauna. Een bos van 1.000 vierkante meter groot. Een planetarium en het grote deel geweid aan de wetenschap, waar kinderen uren met experimenten bezig kunnen zijn, completeren het museum.

Enige nadeel is dat de Cosmocaixa een beetje uit de route ligt; de metro komt er niet eens in de buurt, maar de ondergrondse Ferrocarrils de la Generalitat, die hun centrale station onder de Plaça de Catalunya hebben, zijn een goed alternatief. Uitstappen op Avinguda Tibidabo en een stukje omhoog lopen langs prachtige woningen, waaronder het mysterieuze herenhuis uit bestseller De Schaduw van de wind en het fenomenale gebouw waarin het restaurant Asador de Aranda is gevestigd. Met de auto is het nog eenvoudiger: het museum ligt aan de Ronda de Dalt, afslag Avda Tibidabo.

De jaarlijkse discussie rond de Kerstverlichting

Je kunt over alles discussiëren, dus is elk jaar weer de kerstverlichting in de straten van Barcelona reden voor pagina’s vol nieuws in de kranten, samen met het ontwerp van de kerststal die op het centrale Plaça Sant Jaume staat. Te duur, te goedkoop, te modern, te ouderwets, te schaars, te uitbundig; het is, samengevat, nooit goed. De cijfers zijn wel altijd leuk: dit jaar, verplicht door de crisis, doet de stad het rustig aan en wordt ‘maar’ 58 kilometer van de straten met kerstlampjes verplicht, waaronder verkeersaders als Aragó, op de foto. Helemaal donker kun je het natuurlijk ook niet laten, want dat nodigt de mensen minder uit tot consumeren, en dan worden de winkeliers weer boos. (Niet zelden zijn het daarom ook diezelfde winkeliers die extra verlichting voor hún straten betalen.) Er is zelfs een organisatie die niets beter te doen heeft en uitrekent wat in elke stad de kerstverlichting per inwoner kost. Piepkleine steden als Ceuta en Melilla zijn daarom het duurst, met meer dan 5 euro per hoofd van de bevolking aan kerstlampjes, terwijl Madrid rond de twee euro zit en Barcelona bij de goedkoopsten hoort, met slechts 40 cent aan lampjes per inwoner.

De krottenwijk in beeld

Mijn boek Het Barcelona-gevoel begint zo: “De deur van de rijdende trein kon open, maar in plaats van de zoete geur van een vakantieparadijs openbaarden zich langs de rails de resten van een onmenselijk huishouden. Eerst was er, kort na het traag binnenrijden van de stad, slechts een hoge muur geweest, tot er plots enorme gaten verschenen. Minutenlang duurde de schok. Onder daken van golfplaten brandden gloeilampen die ruimtes verlichtten die alles tegelijk waren: mensen aten er, sliepen er en wasten zich in een teil, want stromend water was er niet. Sommige openingen in de muur waren een toilet: billen hingen naar buiten en het waarschijnlijk schamele maal van de vorige dag viel twee meter naar beneden om er langs het spoor dagenlang te broeien in de augustuszon. De deur van de trein ging snel weer dicht, voordat een donkere tunnel de onschuldige reizigers, jonge strandgangers uit Utrecht, van hun verbazing verloste. Huizen aan de spoorlijn zijn nooit de mooiste, maar een oneindige krottenwijk, in Europa, op precies 1.500 kilometer van huis?”

Even verderop, in de proloog, vervolg ik zo: “Die onverwachte hel van troep en stront heette La Perona en daar stonden decennialang gedurende twee eindeloze kilometers aan de Ronda de Sant Martí liefst 3.000 barakken. Eind jaren tachtig raakten de gitanos hier hun precaire huizen kwijt. Eerder waren al de krotten verwijderd op de flanken van de Montjuïc, waar de vlam van de Olympische Spelen in 1992 licht over de obscure geschiedenis van de berg moest gaan werpen – in het kasteel bovenop fusileerde het regime ook zijn tegenstanders -, en was er ook een grote schoonmaak gehouden op de stranden van Barcelona die de vorige eeuw geen stranden waren. Ze werden bezet, bijna tot in het water aan toe, door de historische krotten van Somorrostro en Camp de la Bota.”

Waarom dit reproduceren? Vandaag opent in het Col·legi de Periodistes, onze Catalaanse beroepsvereniging van journalisten die in een kapitaal pand aan de Rambla de Catalunya, vlakbij de Plaça de Catalunya, huist, een fototentoonstelling van Esteve Lucerón over de krottenwijk La Perona. De ftorograaf was er voortdurend te vinden, tussen 1980 en ’89, de zigeuners vertouwden hem en hij kon er uiteindelijk zo’n 2.000 foto’s schieten. Een selectie is daarvan nu te zien. De aankondiging heeft me trouwens weer wat nieuws geleerd: La Perona heette zo omdat de krottenwijk in 1947 bezoek kreeg van Eva Perón.

Vanuit een klein karretje naar het ziekenhuis

Het plaatje ziet er prachtig uit: vrolijk en romantisch stel in een grappig wagentje op een rustige straat op de Montjuïc, met de in de zon blakende stad op de achtergrond. Het plaatje wat ik zojuist zag – helaas geen foto kunnen maken – was minder idyllisch: een bestuurder van zo’n GoCar in een ambulance getild en zijn wagentje verfrommeld op de hoek van Passeig de Gràcia met Consell de Cent op een toch qua verkeer rustige zaterdag. Het lijkt me een onding, deze uitvinding om de stad te ontdekken. Het autootje heeft een GPS-systeem dat je automatisch langs de belangrijkste monumenten leidt, maar je moet dat doen tussen het gewone verkeer. De GoCar is echter zó laag, komt nog geen meter boven de straat uit, dat automobilisten en vooral buschauffeurs het ding soms amper zien. En als de bestuurder ook nog onbekend is met Barcelona en de instructies van zijn TomTom op het laatste moment opvolgt, krijg je gevaarlijk slingerende taferelen door de stad.

Nee, geef mij de fiets dan maar – ik heb het al vaker gezegd en geschreven. Er zijn inmiddels talloze bedrijfjes die toeristische fietstochten door Barcelona organiseren en dat blijkt zo’n succes dat één van de pioniers, Baja Bikes, die meestal op de opvallend oranje fietsen van Budget Bikes zijn tours uitvoert, inmiddels een heuse ‘multinational’ is geworden: Eric en Rigtmar hebben filialen in Madrid, Valencia, Sevilla, Londen en Rome geopend.

De vraag naar fietstours is in de zomer het laagst, waarschijnlijk omdat de meeste mensen het te warm vinden om drie uur lang te fietsen. Dan is de grappige, ook in Amsterdam rijdende Trixi een aardig alternatief. Redelijk nieuw in het straatbeeld zijn de steps, ogenschijnlijk ook al in georganiseerde tochten. Maar voor wie zich het minst wil vermoeien en in één dag zo véél mogelijk van Barcelona wil zien blijft de Bus Turístic de beste optie; het is ook de duurste, dat wel, én je moet op de Plaça de Catalunya soms in een lange rij gaan staan – pak die bus dus op allerlei plaatsen behalve daar…

Motoren en het knipperende stoplicht

motos ©Ricard Cugat

Een stukje statistieken, altijd leuk. De RACC (de Catalaanse ANWB zeg maar) presenteerde vandaag zijn studie naar motorongelukken in Barcelona. Ik heb er al eens terloops over geschreven, de enorme populariteitvan de motoren in Barcelona. Het is met Rome de Europese stad waar de motorische tweewieler het meest aanwezig is, mede beïnvloed natuurlijk door het weer: écht koud hebben de motorrijders het bijna nooit en de kans om nat te worden is ook niet groot.

Die studie dus, met heel wat cijfers. De belangrijkste, even kort: in Barcelona zelf staan 266.000 brommers, scooters en motoren geregistreerd (liefst 193.000 daarvan tót 125cc) en er rijden ook nog eens 55.000 van de omringende steden door de metropool, samen goed dus voor 321.000 brommers en motoren.motos2 (Dat het moeilijk is die netjes te parkeren, daar gaat de studie verder niet over.) Liefst 48% van al die motorrijders heeft trouwens meer dan 10 jaar ervaring. Degene met de minste ervaring zitten in een vrij nieuwe groep van bestuurders van moderne scooters van 125cc; sinds vier jaar mag je daarop rijden met een B-rijbewijs, mits je al twee jaar ervaring met de auto hebt. Maar door hun onervarenheid met de tweewieler, waarop ze dus nooit een examen hebben hoeven afleggen, is dát de groep die relatief gezien het meest bij ongelukken is betrokken.

Over die ongelukken. Iedereen in Barcelona weet allang hoe de meeste daarvan ontstaan (en bijna allemaal in de Eixample): de motorrijders, altijd op de eerste rij, zien het groene voetgangerslicht knipperen – teken dat het bijna op rood springt – en trekken vast op. Maar van links of rechts komt op vrij hoge snelheid een auto die nog even door oranje rijdt (dat is gesynchroniseerd met het flikkerende voetgangerslicht). Boem, gewonde, dode, brommer of motor helemaal in de vernieling, bestuurder automobiel ongedeerd.

motos4 ©DannyCaminal

In 2007 vielen er in totaal 7.769 gewonden en doden onder motorrijders en passagiers in Barcelona, en ‘slechts’ 3.289 onder automobilisten en hun passagiers. Vorig jaar vielen er 30 doden onder de motorrijders. Een stuk of zes kruisingen zijn het gevaarlijkst, waarvan drie op de Diagonal en de rest op Aragó en de Gran Vía, niet toevallig de drie belangrijkste verkeersaders die door de stad lopen. Dat door rood licht rijden is daar één van de meest voorkomende oorzaken, maar ook geven motorrijders vaak geen richting aan en wisselen ze voortdurend van baan zonder achterom te kijken (of in de spiegel); vanuit de auto zie je ze allemaal zigzaggend aankomen en voorbijracen. Vanzelfsprekend hebben auto’s ook vaak schuld aan die ongevallen, maar de motorrijder komt er altijd het slechtst van af.

honda550cbIk zou graag, na 25 jaar, weer motorrijden, had als 17-jarige met proefrijbewijs al een toen stevige Honda 550. Maar deze cijfers overtuigen je ervan dat in Barcelona in ieder geval niet te doen. Ook de fiets is een kwetsbare tweewieler, maar je gaat er niet zo hard mee en valt dus ook minder hard. Bovendien kun je beter en sneller reageren. 

 

100.000 b…ezoekers

 

edwin bij de expo van dali

Bloggen is geen wedstrijd, maar een bescheiden poging wat interessante dingen op te schrijven. Je begint met misschien 24 toevallig passerende lezers in de eerste maand. Je mailt vrienden en kennissen. Je zet het weblogadres onderaan je mails. Anderen linken je. En dan gaat het groeien, als een teder plantje dat elke dag water, liefde en zon nodig heeft. Maar dan nog: de blogwereld staat bomvol van deze plantjes, iets wat P. F. Thomese een beetje boos maakt, en wat het nóg moeilijker maakte door bomen het bos te vinden.

Vandaag heeft Het Barcelona-gevoel de grens van 100.000 bezoekers doorbroken (niet per dag, hè, maar in totaal…). Daar moet ik dus vooral jullie, de lezers, blijvers en passanten, commentaristen en anonieme geïnteresseerden, voor bedanken. Moet ik wel eerlijk bekennen dat de cijfers niet geheel reëel zijn. Begin september had ik een post over de hoertjes die toeristen afwerken in de Boquería. En omdat gore foto’s het altijd goed doen, kwam er een bescheiden link op GeenStijl terecht; in een halve dag knalde de meter naar 40.000 extra bezoekers… 100.000Je moet erkennen dat dat blog een fenomeen is, al zijn er niet veel van die incidentele bezoekers van die ene dag bij Het Barcelona-gevoel blijven hangen. Niettemin: die 100.000 staan er, eind oktober.

Zo’n wordpress-blog geeft ook aan met wat voor een zoekopdrachten de mensen op je blog terecht komen. De populairste? Picasso en Guernica, waarschijnlijk van scholieren die met een werkstuk bezig zijn, of zo. Plus fotograaf Robert Capa. En schrijf je over het huis van Dirk Scheringa, dan blijkt dat ook een aardig lokkertje.

Dank. Nogmaals. Geeft moed om nog even door te gaan.

Hello! Goodbye!

prat t2 (c) joan cortadellas

Dienstmededeling, de laatste over dit onderwerp: sinds gisteren, 25 oktober, is ook de KLM verhuisd naar de nieuwe terminal T1 van El Prat, samen met zijn partners van SkyTeam: Air France, Alitalia, Air Europa en nog wat andere maatschappijen. Daar, in die T1, begin het nu gezellig druk te worden. Je zou iedereen nu bijna aanraden vooral met Transavia tussen Nederland en Barcelona te vliegen, ofwel AMS-BCN, want die maatschappij blijft als één van de weinigen, samen met EasyJet een hele serie vrijwel onbekende prijsvechters, vanaf de oude T2 vliegen. Als je de grote leegte, op de foto boven in de aankomsthal, en de vele gesloten winkels en barretjes voor lief neemt, is het prima vliegen. (TV-tip: ik zou hier géén Hello! Goodbye! opnemen…)

prat t2a (c) edwin winkelsDe rijen, waar dan ook, zijn voorgoed verleden tijd. Het enige wachten is misschien bij de incheckbalie, als je dat al niet via internet hebt gedaan. Verder: geen rij bij de veiligheidscontrole, geen rij bij de kassa voor een koffie of een krantje, geen rij bij de WC (voor de vrouwen) en altijd meer dan genoeg plaats om te zitten (niet op die WC, maar bij de gates). Bovendien kun je nu de auto bijna voor de deur kwijt. Het enige risico is dat de veiligheidsbeambten zich zo stierlijk vervelen, dat ze iedereen extra gaan fouilleren. In 2010 gaan ze de T2 een beetje verbouwen. Voorlopig ontvangt die oude terminal vanaf nu jaarlijks iets meer dan 4 miljoen passagiers, terwijl de capaciteit 25 miljoen is…

UPDATE: Op verzoek van lezer Maurice bijgaand filmpje van La Vanguardia (aan de rechterkant van het scherm): vrouwen met een rok aan zouden zich in de nieuwe T1 onbehaaglijk voelen vanwege de bijna perfect spiegelende vloer van de terminal.

Experts in slechte tunnels graven

carmel metro (c) marta jordi

Trots laten de politici en de ingenieurs de immense tunnel zien. Hij is klaar. Nu moeten de rails nog worden gelegd en over 10 maanden is de Carmel eindelijk ook ondergronds bereikbaar. De Carmel is een volkswijk gelegen op en tussen twee van de zeven heuvels van Barcelona (echt, ook Barcelona ligt op zeven heuvels, al zijn ze niet zo beroemd als die van Rome – misschien iets voor een toekomstige post) en is een labyrinth van smalle en soms steile straatjes waar de stadsbussen onmogelijke draaien moeten maken. Jaren geleden werd er begonnen met het verlangen van de blauwe lijn 5 van de metro, maar technische fouten zorgden in januari 2005 voor een kleine ramp: Hundimiento_Carmelde tunnel slokte een heel huizenblok op. Er vielen, miraculeus, gewonden noch doden. Vijf andere woonblokken moesten ook worden afgebroken, 34 gezinnen verloren hun woning, 1.276 mensen uit 84 gebouwen moesten tijdelijk (sommigen twee jaar) ergens anders worden ondergebracht.

Dat ongeluk heeft sindsdien voor een tunnelpsychose in Barcelona gezorgd, terwijl de ingewanden van de stad al bijna een eeuw lang door tientallen verschillende tunnels worden doorkliefd. Het nu, bijna vijf jaar later, goed afronden van de tunnel onder de Carmel door is goed nieuws voor de politici, nu de lange tunnel van de AVE, de hogesnelheidslijn, onder de straten Provença en Mallorca en rakelings langs de fundamenten van de Sagrada Familia, op zoveel verzet stuit.

noord-zuidlijnOm iedereen een beetje gerust te stellen werd twee jaar terug ook een congres georganiseerd met tunnelexperts uit de hele wereld. Zeer overtuigend klonken de verhalen van de ingenieurs die verantwoordelijk waren voor een tunnel onder het historisch centrum van Köln en voor de Noord-Zuidlijn in Amsterdam. Beide mannen, de laatste een aardige ingenieur van de TU Delft, werden direct door Barcelona als onafhankelijke experts en adviseurs aangetrokken. Maar een goed verhaal blijkt één ding, de werkelijkheid kan totaal anders zijn. De tunnel in Köln verwoestte dit jaar de prachtige, monumentale bibliotheek van de stad, en de Noord-Zuidlijn is een miljardenramp die ongetwijfeld nog tien jaar lang delen van Amsterdam onbegaanbaar zal maken en meer huizen zal doen kraken dan die op de gehavende Vijzelgracht.