Tagarchief: nederland

Slapen als god in Nederland

Is ook leuk als je ‘ver weg’ woont en af en toe terugkomt in Nederland: ga je (soms) slapen in hotels waar je anders, als inwoner van het kleine Nederland, nooit zou zijn verbleven. Je kunt natuurlijk bij je ouders, broer of andere familie gaan logeren, wat natuurlijk altijd de beste en goedkoopste optie is, met de ouderwetse gezelligheid, het ontbijt aan de keukentafel, en waarbij je dan maar even moet vergeten dat de meeste mensen in Nederland in dit soort slaapsteden wonen waar je na zes uur ’s avonds zelfs geen eenzame hond meer over straat ziet lopen, maar waar het ook overdag heel erg stil kan zijn.

Maar soms gaat de (werk)dag en de gastronomische avond in Amsterdam of Rotterdam nog heel lang door en is het handig dáár te kunnen blijven in plaats van een gore nachttrein te nemen en van uitzichten te gaan genieten waar normaal gesproken alleen de toeristen zich nog maar voor interesseren.

Prachtig is het, in goed gezelschap vanzelfsprekend, te gaan slapen in Hotel Pincoffs van mijn oud-collega’s Karen en Edwin aan de Rotterdamse Stieltjesstraat, dichtbij het al sinds mensenheugenis gekraakte Poortgebouw, en vóór het sluiten van de gordijnen nog even een blik te werpen, vanuit comfortabele fauteuils, op de winderige Maas en het Noordereiland. Mensen die veel gereisd hebben weten wat een hotel écht moet hebben om je op je gemak te voelen…

Datzelfde gevoel overvalt me bij mijn vaste, jaarlijkse bezoek aan Ambassade Hotel in Amsterdam, waar ik altijd van de uitgeverij (Nieuw Amsterdam;  ja, sorry, even wat her en der reclame maken) mag overnachten. Heb er na talloze bezoeken nog nooit op dezelfde kamer geslapen en geen kamer is gelijk aan de anderen, in het rijtje herenhuizen waar je vanuit de ene kamer zicht heb op de Herengracht en uit de andere op de Singel. De mooiste? Helemaal bovenin, kamers met een trapje en onder één van de authentieke Amsterdamse daken.

Dan wordt Nederland toch wel een beetje leuk, ook al is het windkracht 9.

Nederlands dagje in Barcelona

salo de cronicas

Als je emigreert, écht emigreert, wil je meestal helemaal niets meer te maken hebben met Nederland. Misschien in een poging bij voorbaat alle mogelijke heimwee uit te bannen, maar toch ook een oprechte intentie om volledig in je nieuwe land te integreren. Bovendien was dat vrij eenvoudig, in 1988. Er bestond geen internet, je kon geen Nederlandse TV via de satelliet ontvangen… Slechts de telefoon of een duur vliegticket brachten je af en toe terug naar Nederland. Tien jaar moest ik niets van Nederland en hebben; hooguit in verband met het werk, meer niet. Toen kwam de televisie in huis, opdat de kinderen ook in hun vaders taal programma’s konden zien; ze hebben er nooit naar gekeken. Dus kijkt pa nu, als hij ’s avonds laat thuis is, naar Pauw&Witteman en de herhaling van DWDD van een Matthijs die nog niet zo beroemd en mediageniek was toen we eind jaren negentig lange en vooral goede diners in Barcelona vierden; hij is al lang niet meer geweest.

Vervolgens kwamen de goedkope vliegtickets, en kon je wat vaker naar Nederland. Toen kwam het Nederlandse vriendinnetje op nota bene een Koninginnedagviering in Barcelona aanwaaien. En nu zijn er ook wat aardige Nederlandse kennissen, mannen en vrouwen die bovendien allemaal zeker weten dat hun verblijf in en rond Barcelona definitief zal zijn.

tijgermugBarcelona zit vol met Nederlanders. Gisteren was hún dag, al kon je niet overal tegelijk zijn. De Kring van het Nederlands Bedrijfsleven in Barcelona sloot de viering van het 40-jarige jubileum af met een ontvangst door burgemeester Jordi Hereu. Dat had eigenlijk in de oude Philips-fabriek in de Zona Franca moeten gebeuren; dat is inmiddels een bibliotheek geworden, maar in de botanische tuinen erachter, in 1960 ontworpen door mevrouw Van der Harst, de echtgenote van de toenmalige Philips-directeur, heerst een plaag van tijgermuggen. Je wordt er gek gestoken, er zijn er zelfs tientallen in het medisch centrum gevlogen (op de foto, eentje die ik op een folder aantrof), dus werd de ontmoeting naar het gemeentehuis verplaatst, naar de historische maar slecht verlichte Saló de Cróniques (foto boven), met een vloer van zwart marmer en een gouden achtergrond gemaakte schilderingen van Josep Maria Sert uit 1928 die de Catalaanse reizen naar het Oosten in de 15e eeuw voorstellen. De Consul-Generaal liet, tussen de lofuitingen door, Hereu fijntjes weten dat het verdomd druk is op het consulaat nu zo’n 10% van alle Nederlanders die Barcelona bezoekt beroofd wordt; het is deze zómer hét thema in Barcelona, het zakkenrollersparadijs van Europa.

Even verderop, Via Laietana, dezelfde tijd, vierde Bavaria de 125ste verjaardag van Abdij de Koningshoeven, gecombineerd met de presentatie van een nieuw Trappe-biertje, Isid’Or. Bavaria, van mijn bijna naamgenoten Swinkels, probeert de Spaanse markt te veroveren en doet dat vanuit Barcelona. palau filharmonischEn bijna aan de overkant, in het majestueuze maar door corruptie geplaagde (dat verhaal zal ik nog wel eens vertellen) Palau de la Música, opende het Rotterdams Philharmonisch Orkest officieel het seizoen. Het was de reden dat de burgemeester na zijn lange toespraak niet met de leden van de Kring kon naborrelen: de volledige Catalaanse burgerij wachtte om het Palau een hart onder de riem te steken; dirigent Yannick Nézet-Séguin deed dat, onder anderen, met een mooie Negende van Mahler.

Het extreem-rechtse Nederland

P1010754

Wat is er met je land aan de hand? Het was de meest gehoorde vraag vorige week in Barcelona, nadat Nederland al de voorlopige resultaten van de Europese verkiezingen bekend had gemaakt. “Extreem rechts wint in Nederland,” kopten de Spaanse krant en het TV-journaal. In Nederland werd er, op zijn beurt, weer lacherig om gedaan. Hoe konden de Spanjaarden ons nou als extreem-rechts beschouwen?

Of Geert Wilders nou extreem-rechts of héél erg rechts is, dat maakt nauwelijks iets uit. Zijn denkbeelden, waarvoor dus 20% van de bevolking iets voelt, zouden door ons, Nederlanders, gewoon als extreem-rechts, xenofoob en zelfs fascistisch worden bestempeld als Wilders geen Limburger maar een Italiaan, Spanjool, Brit of Fransman was geweest. Om maar niet van een Duitse versie van ‘onze Geert’ te spreken.

P1010767

Maar die PVV-overwinning is niet wat mij zo verwondert. Het is die totale onvolwassenheid of willekeur wat stemgedrag betreft. Wat drie jaar terug nog massaal op Ossenaar Marijnissen en zijn SP stemt heult nu met de volledige overkant van het politieke bestel. De wekelijkse peilingen die worden gepubliceerd geven dat beeld ook weer. Een partij kan in twee weken tien zetels winnen of verliezen, alles en iedereen schommelt heen en weer, afhankelijk van wat die op televisie heeft gezegd, van wat de ander in het parlement heeft geroepen en van wat de derde voor een luchtbel als wetsvoorstel heeft gepresenteerd.

Anderen zullen het een volwassen democratie noemen. Voor mij, en de buitenwereld, lijken de stembriefjes in Nederland vluchtiger dan WC-papier.

Back to the roots

P1010697Ze zijn in Barcelona geboren, hebben een beetje moeite om Utrecht goed uit te spreken (dat hebben de Uteregters zelf ook, dus dat is geen probleem), maar af en toe moet papa een beetje nostalgisch doen en dan neemt hij ze mee naar de stad waar de eerste 20 jaar van zijn leven zich afspeelden. En omdat er heel veel winkels zijn om kleren te kopen vinden ze het nog leuk ook.

Utereg me statsie verandert gelukkig weinig op de meest authentieke plaatsen. Op de achtergrond van de foto de cafeetjes op het Wed en links om de hoek één van de leukste terrasjes als de zon een beetje schijnt, die van De Zaak, waar je vroeger de brandweer kon zien en horen uitrijden.

Dat zo’n centrum met Dom en grachten en Vismarkt gewoon goed is toont hoe ze vroeger wél steden konden plannen en leuk maken. Eromheen vind je het bewijs hoe stedenbouwkundigen in de tweede helft van de 20ste eeuw vooral blunderden. De Catharijnesingel werd niet zo heel lang geleden (een jaartje of dertig) gedempt en heette dus de Catharijnebaan, voor auto’s, nu moet er weer water in. Het hele gebied rond het Vredenburg gaat op de schop en in en rond het CS en Hoog Catharijne zijn al talloze malen veranderingen óp de veranderingen doorgevoerd. Je vraagt je soms af waarom mensen op iets als stedenbouw hebben gestudeerd.

Een weekje weinig Barcelona dus, op dit blog, maar Nederland, met af en toe een bui. Waardoor je dus soms om vijf uur al thuis zit en gaat dobbelen, maar dat vinden opa en oma natuurlijk hartstikke leuk…

P1010700

Minder auto’s

diagonal

Vanochtend op de Diagonal, het bovenste deel van de 11 kilometer lange straat dwars door Barcelona. In Nederland staan er minder file’s, zeggen ze. Ook in Spanje is het verkeer afgenomen. Nu is het richting Barcelona alleen ’s morgens een grote drukte – hoewel de file’s nooit langer dan 5 of 6 kilometer zijn -, maar ook die intensiteit van het verkeer is afgenomen. De foto is van negen uur, het ergste is voorbij, je rijdt vanaf het zuiden eenvoudig de stad in. Volgens de gemeente rijden er op de Diagonal 5,4% minder auto’s dan een jaar geleden. Met de benzineprijzen heeft dat niets meer te maken: voor de 1,30 euro die ik in november nog voor een liter diesel bestaalde staan we nu weer gewoon op 0,88. Maar er worden bijna geen auto’s meer verkocht en de mensen kiezen voor goedkopere vervoersmiddelen om in de stad te komen.

Volle tafel

monforte

Wel eens in een Nederlands huis zomaar om een uur of zes ’s avonds binnengevallen? Bang dat de mensen net aan tafel zaten? Of je niet welkom gevoeld omdat ma of pa net in de keuken stond en ze bijna gingen eten? Hebben ze ooit gevraagd: blijf je ook eten? Hadden ze genoeg in huis? Niet net twee of drie karbonaadjes en de precieze hoeveelheid gekookte aardappelen en boontjes voor de mensen in huis? In Spanje is het meestal omgekeerd. Kom je op bezoek en wil je niet echt meeëten, gewoon even gedag zeggen, en dan toch eindig je aan een volle dis. Zoals gisteravond. Even, nog ruim vóór etenstijd, bij de schoonmoeder van de fotograaf langsgeweest, in Monforte de Lemos, een stadje diep in het binnenland van Galicië verstopt. Alleen even hallo zeggen, zei hij. Maar hij waarschuwde al: hoogstwaarschijnlijk ontkomen we niet aan het eten. Zeker niet. Binnen tien minuten stond er een enorme empanada gallega (een soort deeg gevuld met groenten en, in dit geval, konijn), chorizo en ham van het varken dat in het najaar was geslacht en vers sla met tomaten uit haar tuin op tafel. Of we ook nog tortilla wilden, en varkensribbetjes. Nee, dank u. Maar we moesten aandringen om NEE te zeggen, anders waren we er nog uren geweest. Ze is weduwe, maar de vriezer en de kasten waren bomvol. Voor haarzelf en al die mensen die langskomen, ook al is het onverwacht. Gastvrijheid, heet dat.

Cursus voor paspoortfoto’s

fotopaspoortp3Foto’s laten maken voor een nieuw paspoort. Zo ongelooflijk ingewikkeld zijn de regels voor het maken van een portretje, dat er in héél Barcelona maar één fotozaakje is die dat kan. Althans, de baas, Agustí, is voldoende door de mensen van het Consulaat geïnstrueerd om die foto’s direkt goed te maken zonder dat we keer op keer terugmoeten omdat ons portretje is afgewezen.

Hierboven een paar voorbeeldfoto’s: niet één ervan voldoet aan de eisen voor het paspoort. Zelfs een beetje reflectie op het kale voorhoofd is al uit den boze.
Het moet wel het állermooiste paspoort van de hele wereld zijn, was de cynische opmerking van Agustí. Gelukkig is zijn fotostudio dicht in de buurt van het Consulaat. Om 13.15 was ik bij hem klaar. Nee, zei hij, je kunt nu niet meer naar het Consulaat. Dat is om één uur dicht. En gaat de hele verdere dag niet meer open voor het publiek.