Categorie archief: mijn Barcelona

Obama met rugzak op de Rambla(s)

 

rambla2

Alles wat Barack Obama doet en zegt is hot. Dus was de grote vraag van de journalisten zondag in Praag: wát heeft hij gezegd tegen José Luis Rodríguez Zapatero, de premier van Spanje die jarenlang door George Bush werd genegeerd, niet omdat ZP geen woord Engels spreekt, maar omdat hij na zijn verkiezingswinst in 2004 direkt de Spaanse troepen uit Irak terugtrok.

Obama en Zapatero gaven na hun eerste bilaterale ontmoeting geen persconferentie, dus moesten de verslaggevers van ‘regeringsbronnen’ horen wat er ongeveer was besproken. En daar kwam-ie: “Ik zou graag naar Spanje komen en terugkeren in Barcelona.”

Wat heeft de Amerikaanse president met Barcelona? Daarvoor moet je één van zijn boeken, Dreams from my father, lezen. Daarin beschrijft hij, heel kort, hoe hij in 1988 bij een tussenstop op weg naar Kenia als jonge rugzaktoerist een middagje door de stad en over de Rambla slenterde, in gezelschap van een Senegalees die hij zojuist in Barcelona had ontmoet. “Terwijl we richting Ramblas slenterden, had ik de indruk of ik hem al mijn hele leven kende; alsof we allebei dezelfde reis maakten, ook al waren we uit tegenovergestelde plaatsen op de planeet vertrokken.”

De Rambla (hier zeggen we het in enkelvoud, en bijna nooit Ramblas) die Obama 21 jaar geleden zag heeft niets meer te maken met die van nu. Hij zal, waarschijnlijk, flink teleurgesteld zijn te zien hoe de populaire promenade veranderd is in één lange stroom toeristen, die ook nog eens eenvoudige prooien voor de zakkenrollers zijn. (In 2008 werden per dag 2,5 boefjes door de politie op de Rambla in fraganti betrapt en aangehouden; vaak overigens dezelfde jongens en meiden, die dezelfde dag al weer waren vrijgelaten.)

Zelfs de eigenaars van kranten-, bloemen- en dierenstalletjes, die toch van het toerisme moeten leven, zijn de hordes vaak ordinaire buitenlanders een beetje zat. Vorig jaar zomer vroegen zij via spandoeken de 27 miljoen jaarlijkse bezoekers om respect. “Lieve bezoeker. Dit is een stad waar mensen wonen en werken, het is geen pretpark. Er zijn winkels op de Rambla die al 150 jaar oud zijn. Vóórdat u met zijn allen kwam, waren wij héél gelukkig. Alstublieft, toon een beetje respect voor de stad en zijn inwoners. Dank u.”

In een enquete van Virgin twee jaar terug onder zijn Britse reizigers kwam de Rambla eruit als de vierde ‘meest teleurstellende toeristische attractie’ op aarde. De boulevard was trouwens in goed gezelschap: nummer één was de Eiffeltoren, nummer twee de Mona Lisa in het Louvre en nummer drie Times Square. Als verdediging kwan natuurlijk wel worden aangevoerd dat de Engelsen geen smaak hebben.

Uitrusten in Ciutadella

ciutadella

Vandaag nog even wat foto’s gemaakt voor de nieuwe editie van mijn boek. In april komt er een midprice-versie van Het Barcelona-gevoel uit bij mijn uitgever, Nieuw Amsterdam. Hiernaast de nieuwe cover. barcelonagevoel

De inhoud is vrijwel dezelfde als die van 2007, alleen met een actualisatie van de vele cijfers. En in beeld proberen we er iets meer een reisboek dan een voetbalboek van te maken. Dus bestaat het centrale fotokatern niet meer alleen uit foto’s van de 25 Nederlanders die bij Barça hebben gespeeld of getraind, maar ook wat plaatjes van Barcelona. Hierboven één van mijn favoriete plekjes, in de eindelijk gekomen voorjaarszon: het Parc de la Ciutadella, het grote groene hart van de stad. Lang niet zo groot als Central Park of Hyde Park, maar op een mooie plek, dichtbij het centrum (aan de rand van de populaire Borne), en veel groen gras, dat deze week overigens net bemest is. Het is hét park waar vooral op zondag gezinnen uit Barcelona bij elkaar komen, de kinderen laten spelen en eventueel wat eten. Aan één kant ligt het prachtige Hibernacle, een soort botanische tuin, dat op dit moment wordt gerestaureerd. En voor toeristen is het park natuurlijk de ideale plaats om even uit te rusten.

De tram in 1908

Prachtige, unieke video gemaakt vanaf een tram in 1908. Of hoe Barcelona precies een eeuw geleden was, van de paseo de Gràcia tot de plaça de Lesseps. Hoe de mensen waren, vooral.

Barcelona, BCN, Barna of Barça?

Een kortje, naar aanleiding van een recente reactie, om een hardnekkig misverstand uit de weg te ruimen: de stad Barcelona, afgekort, heet Barna (of BCN, dat is in de mode, de code van het vliegveld). De afkorting Barça is die van de voetbalclub.

Eixample of Manhattan?

eixample

Een plaatje, vanochtend, van één van de vele hoeken van de Eixample, de grootste wijk van Barcelona, die met dat schaakbordpatroon. Terrasje, drankje, muziek op, klein zonnetje en het leven is weer aangenaam. In mijn boek Het Barcelona-gevoel schreef ik al over dit wonderbaarlijke stratenpatroon, en vooral het ontwerp dankzij welke dit soort terrasjes mogelijk zijn. Hieronder een fragment uit het boek, over toen Ronald Koeman hier in 1989 voor het eerst neerstreek:

“Rond. Alles rond. Of in ieder geval niet scherp. Koeman kreeg die gedachte toen hij door de Eixample reed, wat vroeger de Ensanche heette, een magistraal stedebouwkundig plan van Ildefons Cerdà, een visionair voor zijn tijd, halverwege de negentiende eeuw. Dat ‘ronde gevoel’ komt van de hoeken van het gigantische schaakbord waarmee Cerdà de uitbreiding van Barcelona buiten de stadsmuren ontwierp en die de stad zou verbinden met de nabijgelegen dorpjes Sants, Les Corts, Gràcia, Sant Martí en Sant Andreu. Het meest opvallende: hij schiep brede straten om voor voldoende ruimte te zorgen voor de paardenkarren, alsof hij wist dat er in de volgende eeuw automobielen over het plaveisel, soms acht banen breed, zoals in de Carrer Aragó, zouden moeten rijden. En hij crëerde heel ruim opgezette tuinen aan de binnenkant van elk huizenblok, dat in Spanje een manzana (appel) heet en aanvankelijk niet hoger dan de begane grond en drie verdiepingen mocht zijn. Een beetje omhoog kijken in Barcelona onthult hoe de hogere verdiepingen er later op zijn gebouwd. Maar een werkelijk geniale vondst van Cerdà was om die blokken niet tot de hoek met de volgende straat te laten doorlopen, zoals bijvoorbeeld in het Newyorkse Manhattan het geval is, maar ze ‘af te ronden’, de hoek een flink stuk af te snijden: zo ontstond er meer ruimte op al die straathoeken, als kleine pleintjes in de vorm van een ruit.”

En hieronder twee luchtfoto’s, ter vergelijking. Eerst de Eixample:

eixample2

en vervolgens Manhattan:

manhattan

Explosie van fietsers

biciaccidente

Dat van die explosie in de kop van dit stukje houdt niet direkt verband met het beeld. Ik bedoel, deze fietster is niet ontploft, maar door een auto geschept op de Diagonal, met 10,3 kilometer de langste straat van Barcelona en die met het oudste én vervelendste fietspad van de stad, daar waar fiesters en voetgangers om een plaatsje op dezelfde ruimte strijden. Dat geeft nogal eens wat conflicten.

De explosie uit de kop betreft het aantal dagelijkse fietsers, dat in 8 jaar is gegroeid van 15.000 naar 85.000. En dat zijn de mensen die hun eigen fietsen gebruiken. Daarbij komen de liefst 184.000 abbonnee’s van Bicing, de openbare fiets van Barcelona. Ze stappen niet allemaal tegelijk op één van de 6.000 fietsen, die in totaal zo’n 35.000 keer per dag worden gebruikt, maar ze zorgen wel voor de nodige problemen. Soms zijn er geen fietsen bij één van de 400 stations, soms is zo’n stalling vol en vaak zijn de fietsen defect. Zó intensief is het gebruik dat elke fiets twee keer per maand gerepareerd moet worden.

Het mag allemaal niet deren. Barcelona heeft zich opgeworpen tot dé fietsstad in Zuid-Europa. Parijs heeft een al even succesvol systeem, de Vélib, en Rome volgt binnenkort. Las bicicletas son para el verano is een Spaanse kreet die critici lang hebben gebruikt. Fietsen zijn alleen voor de zomer. Onzin, natuurlijk, en helemaal in Barcelona, waar je ook nu in januari bijna nooit handschoenen aan hoeft.

En dan nog over die foto: het is opvallend hoe weinig ongelukken er met fietsers gebeuren ondanks die explosieve stijging. Iets meer dan 300 per jaar, en zonder ernstig gewonden of doden. Houden zo.

De foto hierboven

somorrostro23

Even een uitleg over de foto in de header. Ook dit was Barcelona, en niet eens zo lang geleden. Kijk naar de kleren van de twee mannen in het midden, lijkt op de jaren zestig. Op deze plaats komen nu elk jaar zo’n zes miljoen mensen zonnen en zich baden. Het is het strand van Barcelona. Althans, nu ligt er opgespoten zand, voorheen dus niet. Tot eind jaren zestig lag aan zee één van de grootste krottenwijken van de stad, het historische Somorrostro, aan de grens van de visserswijk Barceloneta. Voor wie de stad een beetje kent: op de plaats van deze foto ligt nu ongeveer de Olympische haven met zijn twee torenflats. Het was trouwens niet de enige krottenwijk. Op de Montjuïc was er een beruchte en ook bijna midden in de stad, La Perona, aan de spoorlijn. Ja. Barcelona is een beetje veranderd.