
Trots laten de politici en de ingenieurs de immense tunnel zien. Hij is klaar. Nu moeten de rails nog worden gelegd en over 10 maanden is de Carmel eindelijk ook ondergronds bereikbaar. De Carmel is een volkswijk gelegen op en tussen twee van de zeven heuvels van Barcelona (echt, ook Barcelona ligt op zeven heuvels, al zijn ze niet zo beroemd als die van Rome – misschien iets voor een toekomstige post) en is een labyrinth van smalle en soms steile straatjes waar de stadsbussen onmogelijke draaien moeten maken. Jaren geleden werd er begonnen met het verlangen van de blauwe lijn 5 van de metro, maar technische fouten zorgden in januari 2005 voor een kleine ramp:
de tunnel slokte een heel huizenblok op. Er vielen, miraculeus, gewonden noch doden. Vijf andere woonblokken moesten ook worden afgebroken, 34 gezinnen verloren hun woning, 1.276 mensen uit 84 gebouwen moesten tijdelijk (sommigen twee jaar) ergens anders worden ondergebracht.
Dat ongeluk heeft sindsdien voor een tunnelpsychose in Barcelona gezorgd, terwijl de ingewanden van de stad al bijna een eeuw lang door tientallen verschillende tunnels worden doorkliefd. Het nu, bijna vijf jaar later, goed afronden van de tunnel onder de Carmel door is goed nieuws voor de politici, nu de lange tunnel van de AVE, de hogesnelheidslijn, onder de straten Provença en Mallorca en rakelings langs de fundamenten van de Sagrada Familia, op zoveel verzet stuit.
Om iedereen een beetje gerust te stellen werd twee jaar terug ook een congres georganiseerd met tunnelexperts uit de hele wereld. Zeer overtuigend klonken de verhalen van de ingenieurs die verantwoordelijk waren voor een tunnel onder het historisch centrum van Köln en voor de Noord-Zuidlijn in Amsterdam. Beide mannen, de laatste een aardige ingenieur van de TU Delft, werden direct door Barcelona als onafhankelijke experts en adviseurs aangetrokken. Maar een goed verhaal blijkt één ding, de werkelijkheid kan totaal anders zijn. De tunnel in Köln verwoestte dit jaar de prachtige, monumentale bibliotheek van de stad, en de Noord-Zuidlijn is een miljardenramp die ongetwijfeld nog tien jaar lang delen van Amsterdam onbegaanbaar zal maken en meer huizen zal doen kraken dan die op de gehavende Vijzelgracht.

Het verhindert me niet naar optredens in het Palau te gaan. Sterker nog, ik verheug me nú al op mijn volgende bezoek. Net de kaartjes gekocht; nog genoeg plaats, weer bijna vooraan, bij Jimmy Cobb. Wie? Cobb is drummer en de enige ‘overlevende’ van een historisch sextet, de mannen die precies 50 jaar geleden met Miles Davis één van de beste, meest invloedrijke én vernieuwende platen uit de muziekgeschiedenis opnamen. En als eerbetoon en herinnering aan mooie tijden doet Cobb het nog een keertje over. Tuurlijk, geen Miles Davis op de trompet, maar Wallace Roney schijnt er ook wat van te kunnen en voor weinig geoefende oren als de mijne zal ook deze versie ongetwijfeld betoverend klinken. Op Kind of Blue trouwens een nummer met een opvallende naam, en daarmee de band met Spanje: Flamenco Sketches. Davis was nooit in Spanje geweest, maar had een flamenco-LP bij een vriend thuis gehoord en raakte er door geïnspireerd.
Ben je een (redelijk) onbekende schrijver, dan heeft het eigenlijk geen zin een manuscript in te zenden. De winnaars zijn, zeker de laatste jaren, óf grote mensen uit de Spaanse literatuur óf in de media zeer aanwezige personen geweest; sommige TV-presentatoren wonnen zo met hun romandebuut de Planeta. Van de recente winnaars (Fernando Savater – op de foto boven -, Juan José Millas, Maria de la Pau Janer en Lucia Etxebarria) zijn andere boeken in het Nederlands vertaald, maar slechts van de winnaar van 2006, Alvaro Pombo, is ook het prijswinnende boek, Het fortuin van Matilda Turpin, in het Nederlands te krijgen. Heb ’t niet gelezen, dus kan ’t ook niet aanbevelen.


Uitgaande van de traditionele vier hoeken zit er op één hoek een barretje of klein restaurant, op een tweede hoek een apotheek en op de twee resterende hoeken bankfilialen. Geen Europeaan die zoveel tijd als de Spanjaard doorpbrengt in de bar, de apotheek en de bank, hoewel de volgorde meestal bank, bar, apotheek zal zijn. In de Gouden Gids van Barcelona is een paginalange wandeling nodig om een schatting van het aantal banken, barretjes en apotheken te maken. De officiële cijfers van de overkoepelende verenigingen spreken van1.200 apotheken, ruim 4.900 kantoren van banken en spaarbanken en zo’n 11.000 bars en restaurants, net zoveel als er taxi’s zijn. Dat op de kruispunten toch meer banken dan bars zitten, heeft alles met prestige te maken. Een bareigenaar neemt vaker genoegen met een bescheiden en goedkopere gevel op een recht stuk straat, iets waartoe bijna geen bankdirecteur zich zal verlagen, want hij wil zichtbaar zijn vanuit allebei de straten die op het kruispunt samenkomen. 
De Spaanse bar is een mannenwereld. Het is het favoriete ontmoetingspunt, zeker daar waar de werkloosheid en het aantal gepensioneerden hoog ligt. Een caña, een klein tapbiertje, kost er niet meer dan een euro, dus de uitkering – mocht die er zijn – lijdt er niet te veel onder. Vaak wordt ‘s avonds al, te vroeg, het avondeten in de bar genuttigd, zijn de biertjes overgegaan in drankjes met gin en whisky, waarop de volgende ochtend voor een aspierientje of paracetamolletje de oversteek naar de volgende hoek moet worden gemaakt, de apotheek, die in Spanje meer een kruising is tussen een Nederlandse apotheek en drogisterij, want je kunt er ook zonder recept van alles krijgen, zelfs een beetje doping. Niet voor niets is de Spanjaard de grootste medicijnenslikker van Europa, wat dus ook nog een reden zou kunnen zijn voor die langere levensverwachting: de dozen met pilletjes die de dood een beetje uitstellen.
Totaal anders dan de Franse 14 juillet of onze Koninginnedag. Er is het onvermijdelijke militair défilé, inclusief de even onvermijdelijke geit, de mascotte van het Vreemdelingenlegioen, er zijn wat bijeenkomsten van extreem-rechts (in Barcelona 150 man vanochtend bij het kasteel van Montjuïc; Geert Wilders niet gezien) en tegendemonstraties van extreem links. De rest van het land gaat naar het strand, het park, de familie of waar dan ook. Dat vooral dat steeds verder krimpende extreem-rechts dit als zíjn feestdag beschouwt komt misschien ook door de vroegere benaming van de 12e oktober: Día de la Raza, de dag van het ras. Welk ras? Het Spaanse, als je dat een ras mag noemen; of het Latijnse ras, dat in 1492 Amerika ontdekte en veroverde.



Er zijn mensen die zeggen dat ze niet zonder de seizoenen zouden kunnen, dat ze het nodig hebben, het gure herfstweer dat over vlakke akkers raast, zo mooi bezongen door Jacques Brel.

Barcelona zit vol met Nederlanders. Gisteren was hún dag, al kon je niet overal tegelijk zijn. De
En bijna aan de overkant, in het majestueuze maar door corruptie geplaagde (dat verhaal zal ik nog wel eens vertellen) Palau de la Música, opende het Rotterdams Philharmonisch Orkest officieel het seizoen. Het was de reden dat de burgemeester na zijn lange toespraak niet met de leden van de Kring kon naborrelen: de volledige Catalaanse burgerij wachtte om het Palau een hart onder de riem te steken; dirigent Yannick Nézet-Séguin deed dat, onder anderen, met een mooie Negende van Mahler.
Nou over de kop en bijgaande foto’s. Die bovenaan wordt al het ‘tweede trio van de Azoren’ genoemd, een uitdrukking die in Spanje gelijk staat aan absoluut foute mensen. Het eerste trio staat hiernaast: op de Azoren besloten George Bush. Tony Blair en José Maria Aznar de aanval op Irak en de nooit gevonden ‘massavernietigingswapens’ van Saddam Hoessein te openen. Fout. Minder erg zijn dus de delicten van het trio bovenaan, gefotografeerd tijdens de formule 1-Grand Prix van Valencia. Flavio Briatore, net voor het leven geschorst, heeft in Italië wel eens voor oplichting in de cel gezeten, maar heeft verder niets met het PP-schandaal te maken. In het midden zit Alejandro Agag, netwerker en schoonzoon van Aznar, die volgens de laatste informatie het corrupte netwerk van Correa de PP binnenloodste. En rechts Francisco Camps, de premier van Valencia, die zelf dure pakken kado kreeg, een zaak die door de opperrechter van Valencia werd geseponeerd; dezelfde opperrechter die verklaarde dat hij en Camps méér dan goede vrienden zijn.