Categorie archief: Uncategorized

Website in plaats van blog: edwinwinkels.com

De grote schare ‘vaste’ lezers was het natuurlijk al veel eerder opgevallen: sinds maanden krijgen ze geen mails of actualisaties meer met een nieuwe post over mijn Barcelona. Sinds mijn vertrek bij El Periódico in maart ben ik nog te weinig in de stad om er nieuwe, leuke spannende stukjes over te kunnen schrijven. Het grote bestand van de bijna 700 verhaaltjes die ik door de jaren heen schreef blijft beschikbaar en wordt dagelijks nog door honderden mensen via de zoekmachines geraadpleegd. Het weblog maakt nu deel uit van een algemenere website, edwinwinkels.com waarop ik de komende maanden reportages en foto’s uit heden en verleden zal plaatsen om mij als freelancer te promoten, maar die ik nu vooral zal gebruiken voor de ondersteuning van de lancering van mijn debuutroman, waarmee ik veel mensen in de zomer op vakantie hoop te sturen… Reacties geven op het blog is niet meer mogelijk. Ik ben via de contactpagina bereikbaar.

Met enige vertraging wil ik al die duizenden lezers van mijn weblog bedanken voor hun aandacht en de bijna 2.000 reacties die zij hebben gegeven. En mijn Barcelona-gevoel is natuurlijk niet verdwenen; dat van jullie hoop ik ook niet.

Het Argentinië van Máxima

Voor de trouwe blog-lezers die, net als ik, in Spanje niet even naar een Nederlandse krantenkiosk (bestaan die wel?) konden lopen om de met lof overladen bijlage van het AD te kopen. Voor de alom geroemde foto’s van Erwin Olaf kun je hier kijken, want er zijn mensen die dus volledige website’s aan een populaire prinses wijden.

Een foto voor elke vermoorde vrouw

Op, vandaag, de internationale dag van het geweld tegen de vrouw komen natuurlijk weer de gebruikelijke, trieste lijstjes in de krant: de teller van door hun (ex-)partner vermoorde vrouwen in Spanje staat dit jaar op 64, bijna hetzelfde als de laatste zeven jaar. Er zijn er die zeggen dat je dit soort getallen niet moet publiceren, dat de krant er zelfs niet over moet publiceren, om zo de gewelddadige mannen niet op gekke gedachten te brengen – een ethische code die, bijvoorbeld, met zelfmoorden wel wordt gehanteerd. Onzin, natuurlijk, om niets over huiselijk geweld te publiceren; het doodzwijgen zou het ergst zijn, al heb ik het idee dat er in Nederland bijvoorbeeld heel weinig van die gevallen in de krant komen. Pas als óók de kinderen worden vermoord gaat het over een heus ‘familiedrama’ en komt dat (groot) in de krant. En, gek genoeg, lijken die vaders (en soms moeders) dat in Nederland eerder te doen, ook de kinderen in de dood meenemen.

Spanje houdt voortdurend campagnes tegen het macho-geweld, vooral om vrouwen ervan te overtuigen dat zij een aanklacht moeten indienen. Dat is in de laatste 3,5 jaar liefst 470.000 keer gebeurd, maar 58.000 vrouwen hebben die aanklacht daarna weer ingetrokken. Uit angst, meestal. Of omdat hun vent ineens weer zo lief doet. Hoe dat geweld, vaak ook psychologisch, in elkaar steekt werd goed geschetst in de huiveringwekkende film Te doy mis ojos uit 2007, waarvan de bovenste foto is.

Nu komt er ook een ambitieuze Nederlandse bijdrage aan dit soort campagnes in Spanje. Naomi Williams, hier aan het werk bij de Barceloneta waar ze woont, heeft vandaag met twee vriendinnen de website La próxima eres tu gelanceerd, het voorschot op een fotografisch project en een expositie volgend jaar. Naomi maakt één foto voor elke dit jaar vermoorde vrouw. Helaas, schrijft ze me, moet ze al 64 van dat soort foto’s maken…

Luisteren naar Johan Cruijff

Vanaf deze week in de winkel: nóg een kadootje voor zowel Spaanse als Catalaanse vrienden, als ze La Cena / El Sopar van Herman Koch al uit hebben, ze van voetbal houden én interesse hebben in onze eeuwige strijd met de talen, zowel het Nederlands als het Spaans, in dit geval. Want van de vijf hoofdstukken met 150 zinnen die ik voor de uitgeverijen Cossetànie en Lectio over Johan Cruijff heb geschreven in Escuchando a Cruyff / Escoltant Cruyff is natuurlijk één deel gewijd aan de zowel Nederlandse als Spaanse taalvondsten van de man die ook deze week weer, vooral bij Ajax, het nieuws blijft bezighouden. Van de vertalingen in het Spaans en Catalaans van Hollandse klassiekers als ‘elk nadeel heb zijn voordeel’, ‘utopieën wie nooit gebeuren’ en ‘die verdediging was een geitenkaas’ (ja, ik heb vaak de Spanjaarden moeten zeggen dat Johan in het Nederlands ook niet feilloos was) heb ik natuurlijk ook zijn Spaanse hoogtepunten verzameld, zinnen die de meeste van de Spanje-gangers wel kennen, denk ik. Ik noem niet alleen de zin, maar kom ook met een uitgebreide ‘taalkundige analyse’, in dit geval, of met talloze anecdotes en details uit Cruijff’s leven en carrière.

Een paar voorbeelden van dat Cruijffiaanse Spaans: “Ha escuchado las campanas del reloj, pero no sabe qué hora es.” (Hij heeft de klok horen luiden, maar weet niet hoe laat het is.) Halverwege de zin kwam Johan erachter dat hij echt niet wist wat klepel in het Spaans was (ik wist het ook niet, het is badajo), dus kwam hij met deze variant.

Un paloma no hace verano. De beroemde mannelijke duif die nog geen zomer maakt. Cruijff wist niet dat dat een golondrina (zwaluw) moest zijn.

Gallina de piel. Vellekip in plaats van kippevel. Zo ingeburgerd dat je op google inmiddels 320.000 hits krijgt.

En un momento dado. Niet fout, wel heel Cruijffs. Net als de eeuwige: Este es uno. Dít is één (een versimpeling van ‘in de eerste plaats’)… maar er volgde nooit een twee.

En een hele mooie, tot slot: En el mundo de los ciegos el tuerto esel rey, pero sigue siendo tuerto. Ofwel: in het land van de blinden is eenoog koning, maar het blijft wel een eenoog.

Het boek gaat natuurlijk niet alleen over die taalvondsten, maar ook over Cruijff’s genialiteiten op voetbalgebied, over zijn familie, het geld, het roken, etcetera, met een heleboel anecdotes en verhalen die, heb ik al gemerkt, veel Spanjaarden en Catalanen (nog) niet kenden.

Volgende week presenteren we het boek aan de pers, samen met schrijver Sergi Pàmies, die in 2002 het laatste Cruijff-boek in Spanje schreef. Johan zelf, die niet bij het schrijven betrokken is geweest maar ons wel toestemming gaf zijn foto voor de cover te gebruiken, is ook uitgenodigd, maar houdt niet zo van presentaties.

De flats die opzij moeten voor de Sagrada Familia

Nóg eentje over de Sagrada Familia, altijd populair thema. Op bezoek geweest bij mensen die in de straat Mallorca op nummer 410-414 wonen. Zo’n 55 flats, gebouwd in 1977. Om hun situatie te schetsen: op de maquette boven ligt, of lag, hun flatgebouw ter hoogte van de trappen die, tussen het gras en twee torens door, naar de nieuwe hoofdingang van de kathedraal van Gaudí leiden. Het is de gevel van de Glòria, waar nu al enkele jaren hard aan wordt gewerkt. (Iedere toerist bewondert nu de linker- en rechterkant van het schip, de twee zij-ingangen zeg maar.) Maar zo’n gevel verliest natuurlijk aan kracht als die aan een drukke straat ligt en er al op 20 meter aan de overkant restaurants en flats een barrière vormen. Geen mooie foto van te maken.

Toen Gaudí in 1882 met de bouw begon, stonden er nog geen blokken huizen om het terrein van de Sagrada Familia heen. En toen oud-Barça-voorzitter Núñez in 1977 dit bewuste flatgebouw liet neerzetten, mét vergunning van de gemeente, wist iedereen dat dat ooit weer gesloopt zou moeten worden als de kerk zou worden afgebouwd. Maar, en daar zit de truc, niemand dacht dat de Sagrada Familia ooit voltooid zóu worden.

“Nee, wij wonen hier nog wel even,” zegt ook bewoonster Antonia, hier op de foto, op het terras van de ático, de hoogste verdieping (op de foto hieronder hetzelfde terras, in het midden, vanaf een toren van de Sagrada Familia gezien). Niet een écht mooi uitzicht trouwens, vanaf het dakterras, want er hangen alleen maar netten voor de kerk en erachter is het voortdurende kabaal van de arbeiders te horen. “Vroeger werd alleen maar een beetje ‘s morgens aan de Sagrada Familia gewerkt, nu tot op zaterdag aan toe,” zei ze me. Toch zien de bewoners voorlopig geen gevaar, rekenen ze niet op een sloop. Achter deze flats liggen nog meer huizen, aan de smalle Passatge de la Font, die ook gesloopt zouden moeten worden om ruimte te maken voor de grote opgang naar de kathedraal.

Eén probleem hebben de eigenaren van de flats wel: ze zijn niet meer te verkopen, niemand durft dat aan. Dat was 20 jaar terug toch wel anders, maar nu is het risico echt te groot. Dus verhuren degenen die vertrekken hun flat maar, in afwachting van een onteigening die tóch eens zal komen; volgens de raad van de Sagrada Familia over 15 à 20 jaar. Iets voor de volgende generatie.

Over berovingen gesproken

Het is wel om een beetje moe van te worden. Zelf ben ik in Barcelona nog nooit gerold of bestolen, althans waar ik zelf bij was. Eén keer een opengebroken kofferbak, waarin toen net een oude Pentax-camera lag; alsof ze het wisten. Verder ben ik alleen ooit gerold in Zandvoort, in de drukte van een Formule 1-race die daar in de prehistorie nog werd verreden. Maar in Barcelona doe je niet anders dan anderen waarschuwen, ook al omdat zoveel mensen nog zo nonchalant hun spullen ergens neerleggen en denken dat ze die uren later gewoon weer op dezelfde plaats zullen terugvinden.

Maar hoe snel en onopgemerkt de dieven kunnen zijn, of hoe onoplettend we zelf soms zijn, ontdekte ik gisteren weer eens. Ik was op het strand van de Barceloneta bezig met een kroniek over Jordi, de zoon van een fotograaf die een zaakje, Locals, is begonnen voor surfers. Daar kunnen ze hun spullen veilig achterlaten voordat ze de golven in gaan. Hij heeft ook een mooie website voor surfers die willen weten of er in Barcelona, Sitges of El Masnou wel golven zijn. “Ik heb zo vaak een surfer op straat in zijn pak voorbij zien lopen, omdat alles gejat was terwijl hij op zee was…” zei Jordi me. En terwijl ik naar hem keek, in de golven, zat op twee meter achter me één van de bekende rovertjes van de Barceloneta de tassen van twee andere surfers leeg te halen. Die zagen dat gelukkig en Mickey en Carlos vlogen snel het water uit om de dief bij zijn lurven te grijpen en een flinke duw te verkopen. “Ik ben het zó zat,” zei de één. En dat zijn we allemaal. Niks is veilig meer, je wordt er soms paranoïde van. Gewoon nooit meer wat bij je hebben, dat is het veiligst. Had ik meestal de portemonnee achter de broekriem bij mijn ballen zitten, nu ga ik de stad in met wat los geld en verder helemaal niets…

Barcelona in het Spaans en Catalaans

Voor degenen die er geen genoeg van kunnen krijgen, én het Spaans machtig zijn (of willen leren, waarom niet?), én het nog altijd weigeren El Periódico voor 1,20 euro te kopen, óf naar de website www.elperiodico.com te gaan: vandaag het internet op gegaan met een nieuw blog, Hoy, en Barcelona. In het Spaans, binnenkort ook in het Catalaans: Avui, a Barcelona. Geen extra werk: het zijn de kronieken over deze machtige stad die ik sinds begin deze maand drie keer per week voor de krant schrijf en ook deels voor Het Barcelona-gevoel gebruik. Een dag later, of twee, op deze nieuwe blogs te lezen.

Negen maanden gegijzeld in de woestijn

Ben benieuwd naar hun verhaal, dat ze, als alles goed gaat, vanavond of morgen kunnen vertellen. Een flinke groep ‘gewone mensen’ (ondernemers, ambtenaren, kantoormedewerkers, brandweermannen etc.) trok vorig jaar in een grote karavaan van 20 vrachtwagens en auto’s vanuit Barcelona naar Marokko, Mauritianië en Senegal om daar allerlei soorten materiële hulp af te leveren, zoals ze al jarenlang deden. Terwijl velen van deze Caravana Solidaria via een satellietverbinding op de radio naar het verslag van een voetbalwedstrijd van FC Barcelona zaten te luisteren, klonken er op 29 november vorig jaar ineens schoten. De drie personen in de laatste auto bleken ontvoerd te zijn, op de ‘grote’ weg die Mauritanië van noord naar zuid doorkruist.

Vandaag kwam er, na negen maanden, een einde aan die gijzeling, uitgevoerd door de ‘afdeling Maghreb’ van al-Qaeda. De vrijlating van een gevangene en zeven miljoen euro was de prijs die de overheden ervoor moesten betalen. De ontvoerde vrouw, rechtbankmedewerkster Alicia Gámez, werd al in maart vrijgelaten, maar wilde nauwelijks iets vertellen om haar collega’s Roque Pascual (een ondernemer én filantroop) en Albert Vilalta (oud-gemeenteambtenaar, nu directeur van een tolweg) niet in gevaar te brengen.

De twee zijn vanmorgen in Burkina Faso aangekomen, een tussenstop op weg naar Spanje, waar hun vrouwen en kinderen (twee pubers de eerste, drie kleintjes de tweede) op hen wachten. Wat is daar thuis gebeurd, die negen maanden, in Santa Coloma de Gramenet en Barcelona? Elke dag de angst dat hun geliefden nooit meer terug zouden komen? (De media beloofden de familie’s met rust te laten en hebben dat altijd gedaan, trouwens.) En daar in de woestijn van Mali, in het noorden boven Gao, in de streek waar de radicale moslims zich sterk hebben gemaakt? Hoe hebben ze daar 267 dagen geleefd, overleefd? En wat ga je doen als je eenmaal terugbent, in Barcelona, de gewone wereld waar eigenlijk nooit iets gebeurt? Nogmaals, ben benieuwd naar hun verhaal…