Tagarchief: textiel

Mooie verhalen die gelukkig maken

Toevallig was ik er al enkele malen geweest, in de Colonia Vidal, een triest maar tegelijk boeiend overblijfsel uit de lange periode van Catalonië als grote textielnatie. Nog maar 15 gezinnen wonen er, de meeste gepensioneerden van toen. Vandaag er opnieuw naar toe, door de regen en sneeuw in het binnenland. Een Volkswagenbusje dat tóch met 130 km/u durft in te halen; 500 meter verderop stond hij,van alle kanten stuk, omgekeerd in de vangrail. De vette prijzen uit de kersloterij gingen naar Madrid en Getafe, maar toch, 50 miljoen euro aan winnende loten van een derde prijs is in een gat als Puig-reig niet mis. Alsof iedereen iets gewonnen heeft.

Dat was zeker het geval in bar Juventus, in die textielkolonie Cal Vidal, net onder Puig-reig, op de weg naar de skigebieden. Dolors Moreno had de bar een jaar geleden overgenomen, maar héél veel mensen komen er niet. Maandag had ze een tafel van 45, ze had het hele weekeinde al staan koken. Belden ze die ochtend af, konden niet komen vanwege de sneeuw. ’s Avonds zat ze aan de bar te huilen. Vandaag lachte ze breed, ontkurkte flessen champagne. Ze had voor 15 miljoen euro aan prijzen onder haar klanten verkocht. Zelf had ze, met zoontje Xavi, drie décimos gehouden. Goed voor 150.000 euro. Maar toch stond ze, om drie uur, weer achter het vuur, eten bereiden voor een tafel van twaalf. Patates enmascarades, aardappels met het vlees van de recente varkensslacht.

Daarom is deze loterij zo leuk, om de talloze verhalen die er achter de bescheiden winnaars zitten. Zoals Encarna, een schoonmaakster bij ons op de krant, El Periódico. Ze deed het onmogelijke door twee verschillende nummers op de Rambla te kopen die állebei wonnen; 140.000 euro bij elkaar. Maar morgen, zei ze, gaat de wekker gewoon weer om 4 uur ’s nachts om de redactie schoon te hebben als de slordige journalisten arriveren.

Erfenis van de textielbaronnen

IMG_6744

Kwam laatst langs Cercs, plaatsje gedomineerd door de warmtecentrale. Op de weg naar boven, de bergen in, was een prachtig uitzicht op de Llobregat, de oneindige rivier die zich door Catalonië wurmt, vanuit de Pyreneeën tot net onder Barcelona, bij het vliegveld. Aan zijn oevers liggen enkele grote plaatsen, maar vooral de sporen van heel veel vergane industrieën, de textielkolonies. Net als aan zijn broertje, de Ter, een rivier die iets meer oostwaarts loopt, vrij dicht bij de Costa Brava waar hij bij l’Estartit de Middellandse Zee opzoekt, en op sommige plaatsen een bezoek meer dan waard is.

Halverwege de 19de eeuw vestigden zich aan hun oevers tientallen textielindustrieën, waarvoor het stromende water vitaal was om de turbines op gang te houden. Het was de eerste grote industrie die Catalonië op de wereldkaart zette, maar vooral de laatste decennia zwaar te lijden heeft gehad onder de concurrentie vanuit China. Bijna alle fabrieken zijn inmiddels gesloten, maar de sporen die ze hebben achtergelaten, zijn onuitwisbaar. Om de werknemers zo dicht mogelijk bij de fabriek te hebben, lieten de eigenaren een heel dorp bouwen, met school, supermarkt, kerk, apotheek, restaurant en sociale ontmoetingsruimte. Sommige van de colonias die toen ontstonden, zijn verlaten en verwaarloosd, maar veel ervan zijn nog altijd bewoond: piepkleine huisjes of flatjes van 30 tot 50 vierkante meter. Een van de best geconserveerde is die van Borgonyà, net achter de afslag op de C-17 richting Torelló. Mooie rijtjes gekleurde woningen doen denken aan een wat vrolijker gemaakt Engels fabrieksstadje, wat niet toevallig is: het waren Schotten die hun textielfabriek hier neerzetten en de kolonie voor liefst 1200 werknemers lieten bouwen.