Tagarchief: plaça de catalunya

IJsbaan en terrasjes op het Plaça de Catalunya

Ik denk niet dat het de eerste bestemming zal zijn als je deze winter als Nederlandse of Belgische toerist in Barcelona neerstrijkt. De stad wil in 2022 de Olympische Winterspelen herbergen – samen met, natuurlijk, de ski-stations in de Pyreneeën -en wil alvast in de stemming komen door à la New York een heuse ijsbaan op een centrale plek te installeren, op het centrale deel van het Plaça de Catalunya. (En al lijkt de beroemde ijsbaan in het Rockefeller Center het grote voorbeeld, ík heb nooit zo mooi geschaatst -mooi om de omgeving, niet om mijn stijl- als op de Wollman Rink in het Central Park.)

Dus opent Barcelona misschien al vrijdag, en anders in het weekeinde, zijn eerste tijdelijke ‘openlucht’ ijsbaan, naast de twee al bestaande banen, die van FC Barcelona en de Skating aan de straat Roger de Flor. Nou is dat ‘openlucht’ een beetje bedriegelijk, want de temperaturen zijn in Barcelona ook in de winter veel te hoog om er goed een ijsvloer te kunnen onderhouden. Dus wordt de piste, van 30 bij 40 meter, overdekt om binnenin de temperatuur wat lager te kunnen houden dan die +10 of soms zelf +20 graden buiten. Ga je toch de baan op (voor 8 euro/uur krijg je de schaatsen en handschoenen) dan moet je rekening houden met maximaal 350 stuntelende locals.

Leuker dan die ijsbaan zelf is misschien het terras dat ernaast wordt gebouwd, deels binnen, deels in de openlucht. Want daar heeft zo’n centraal plein als dat van Catalunya een hopeloos gebrek aan, aan authentieke terrassen. Zurich is natuurlijk een klassieker, in 1920 al geopend, maar sinds dat terras van de 30 tafeltjes voor de oude deur na de verbouwing werd uitgebreid tot meer dan 70 tafels, is een deel van de charme verloren gegaan. Verder heb je op het plein nauwelijks iets: twee terrasjes van ijssalon Farggi, en één van een bar-restaurant dat Catalunya heet, maar waar je toch ook niet snel gaat zitten.

Dat is wel eens anders geweest. Begin vorige eeuw was het Plaça de Catalunya zo’n Parijs-achtig plein waar allemaal grand café’s met hun terrassen talrijke klandizie trokken. De eerste was toevallig eentje precies op de plaats waar nu de ijsbaan komt, het Gran Café del Siglo XIX, in 1888 geopend ter gelegenheid van de Wereldtentoonstelling. De grote ‘kiosk’, hier midden, achter op de foto, kreeg de bijnaam La Pajarera, de vogelkooi.

Nog vóórdat het plein in de jaren 20 zijn huidige vorm kreeg, was er ook al het klassieke, immens populaire Maison Dorée, dat lag op het stukje tussen de Rambla en het doodlopende straatje Rivadeneyra, zeg maar naast het huidige Hard Rock Café. Het waren de Franse broers Pompidor die die klassieker aan het plein openden. Ernaast lagen El Continental en Munich, waar nu, op Pelai met Rambla, de Burger King en McDonalds liggen. Een klein verschil…

Diagonaal aan de overkant van het plein, op de hoek met Passeig de Gracia (waar  nu Banco Español de Crédito op de gevel staat), lag het majestueuze Hotel Colon, waar we het hier recent over hadden. En op de hoek met de Rambla de Catalunya kwam vanaf 1909 La Lluna. Plus dus Zurich vanaf 1920, op de volgende hoek, met Pelai. En waar nu de immense Corte Inglés het beeld van dit ‘centrum’ van Barcelona bepaalt, lag tot 1962 het Casa Vicenç Ferrer, met daarin hotel Victoria, hier links op een foto uit 1931. Later, na de Burgeroorlog, kwam daar dans- en theesalon Rigat, in die grauwe naoorlogse jaren nog één van de weinige plekken van vermaak mét terras op het Plaça de Catalunya; de rest was in de oorlog allemaal gesloten. En in plaats van al die prachtige hotels en grand café’s kwamen er talloze bankgebouwen die nu nog altijd in meerderheid zijn.

Advertenties

De drukste architect van de stad

Hij is bij de mensen niet zo bekend als zijn modernistische tijdgenoten Gaudí, Puig i Cadafalch en Domènech i Montaner die Barcelona met hun prachtige gevels zo aantrekkelijk maken, maar Enric Sagnier (1858-1931) was een stuk productiever en veelzijdiger, kreeg veel meer opdrachten van vooral de Catalaanse bourgeoisie, de rijken van de stad. De één na de ander ‘bestelde’ bij hem een heel ‘flatgebouw’ van vier of vijf hoog in de Eixample, of een prachtig chalet aan de ‘bovenkant’ van de stad, in de sjieke wijken van Bonanova, Sant Gervasi en Tibidabo. En daarnaast waren er nog de bedrijven en overheden die bij hem aanklopten.

In Caixafòrum, één van de weinige musea in de stad dat óók op maandag geopend is én altijd gratis toegankelijk, is er een kleine expositie over de architect die ongeveer 500 gebouwen ‘naliet’ aan de stad. Van hele grote, zoals het Paleis van Justitie dichtbij de Arc de Triomf of het oude douanekantoor bij het beeld van Columbus, tot religieuze (de kerk bovenop de Tibidabo), tot betoverende chalets, zoals, ook op de Tibidabo, dat huis dat iedereen aan een spookhuis of sprookjeshuis doet denken, El Pinar, gemaakt voor een bankier, Evarist Arnus. Sagnier is alom aanwezig in Barcelona, en ontwierp gebouwen in allerlei soorten stijlen. Deze week zag ik wat privé-huizen van hem die me deden denken aan woningen uit de Alpen-landen; de architect maakte eind negentiende, begin twintigste eeuw talloze treinreizen door Europa en deed daar zijn inspiratie op, onder anderen in de tijden van de Belle Époque.

Op een gegeven moment leek bijna heel het Plaça de Catalunya van hem, maar naast het gebouw op de hoek van de Rambla (waar nu winkel Sfera zit) en eentje precies in diagonaal aan de andere kant (op de Ronda Sant Pere en Passeig de Gràcia, tegenover de Corte Inglés) is zijn belangrijkste creatie verdwenen, het beroemde hotel Colon, ook op de hoek met Passeig de Gràcia, en waar later Banesto kwam te zitten (en dat nu in volledige renovatie is). Hotel Colon was tijdens de Burgeroorlog de plaats waar de republikeinen kantoor hielden; de vakbonden zaten er en de ‘rode’ soldaten namen er hun toevlucht. Dus was de sloop van dat monumentale ‘communistische’ hotel één van de eerste besluiten van overwinnaar Franco. Jammer, want het zou nog altijd een majestueze pleisterplaats zijn geweest.

Bijna twee euro per dode duif

Ter vergelijking, om ons te situeren: Amsterdam heeft, net als alle grote steden, altijd last gehad van duiven. Een duiventil op de parkeergarage van de Bijenkorf moest ooit voorkomen dat ze overal op gingen schijten; duiven zijn zo smerig dat ze ook hun eigen nest gewoon onderpoepen. Een laatste officiële telling is alweer van 2001, en toen kwamen de onderzoekers tot 12.000 duiven in A’dam. Omdat sommige delen van de stad (tuinen etc.) niet konden worden meegeteld, werd het werkelijke aantal op 25.000 geschat.

Nu Barcelona. Een telling per duivenkop is moeilijk te maken, maar de gemeente houdt het op zo’n 250.000. Die ene nul meer dan Amsterdam is geen tikfout. 250.000 duiven! Beesten die niet voor niets vleiende bijnamen als ‘patatkippen’ en ‘vliegende ratten’ meekrijgen, ook al omdat ze werkelijk alles vreten. Dat is ook het grote probleem, dat iedereen ze altijd maar te vreten geeft. Maar ja, wie van ons is niet met zijn kleine kinderen, als ze net kunnen lopen, naar de Plaça de Catalunya getogen om de peuter wat zaadjes in z’n handen te stoppen en foto’s te maken wanneer de kleine zich rotschrikt van alle vleugels die ineens rond hem gaan flapperen.

Die beesten zijn natuurlijk een plaag, schijnen per jaar twee kilo gore, alles aanvretende poep te produceren, en Barcelona onderneemt nu de zoveelste poging er iets aan te doen, want je kunt niet verwachten dat de meeuwen (die óók enorm in aantal zijn gegroeid en eveneens een plaag beginnen te vormen) in hun eentje de duiven uitroeien; daarvoor is de vis van zee veel te lekker in vergelijking met dit smerige vlees van een vuilnisvreter. De gemeente heeft daarom gespecialiseerde bedrijven uitgenodigd een offerte te doen voor het wegwerken van liefst 65.000 van deze duiven. Er is daar maximaal 118.000 euro voor begroot. De methode moet geen stress bij de diertjes veroorzaken, niet schadelijk zijn voor het milieu en ‘pijnloos en onomwendbaar’ zijn.

Het is trouwens niet voor het eerst dat zoiets gebeurt; soms waren er mannen met enorme netten te zien die de Plaça de Catalunya een beetje schoonveegden. In 2008 werden er al 20.000 Barcelonese duiven uitgeroeid en vorig jaar 40.000. Nog niets van de Dierenbescherming hier gehoord, trouwens.