Tagarchief: bar

De kroeg op straat

Steeds meer barretjes en restaurants in Barcelona die niet over een eigen terras beschikken hebben iets ‘nieuws’ bedacht: geïnspireerd door de strengere anti-tabakswet, die het verbiedt overal binnen te roken, hebben ze ontdekt dat je een nieuwe markt aanboort (of je oude cliëntele behoudt) als je niet alleen buiten voor de deur een asbak op een tafeltje zet, met soms een stoeltje erbij, maar tegelijk ook de ramen volledig opent. Met andere woorden: er wordt een nieuwe ruimte gecreëerd, een soort bar op straat, met bediening van binnenuit aan de rokers buiten.

Maar dat is niet écht nieuw, natuurlijk. Al sinds mensenheugenis bestaan er in de stad ouderwetse quioscos of kioscos, minuscule barretjes die binnen geen ruimte hebben voor tafels of wat dan ook en alleen maar mensen op straat bedienen. Twee van de bekendsten zitten, natuurlijk, in de wijk Raval. De oudste is La Cazalla, uit 1912, bijna helemaal onderaan de Rambla, aan de Arc de Teatre. Hij is jaren dichtgeweest, maar bestaat nu al weer een tijdje als vanouds. En waar ik zelf het meeste langs kom is een wat drukkere straat, de Carrer Hospital, waar ik in de jaren tachtig undergorund-pizzas bij Rivolta at (een prachttent die niet meer bestaat) en waar je nu een biertje aan de bar bij Mendizábal kunt nemen, op de hoek met Junta de Comerç (een straat die vroeger Mendizábal heette, vandaar). De foto helemaal bovenaan bedriegt een klein beetje; de kiosk, die in de jaren dertig begon als een horchatería was dit weekeinde toevallig toe aan een kleine verbouwing, maar woensdag is Mendizabal, met ook nog een leuk terrasje aan de overkant, op een al even klein pleintje (Canonge Colom), gewoon weer open.

En het is inmiddels gewoon weer 20º in Barcelona, dus het échte seizoen is begonnen.

’n Biertje na het theater

Veel mooie dingen verdwijnen, zeggen de nostalgische geesten. Ik zal nooit de pizzeria Rivolta in de Raval vergeten, eentje waar ik bij elk bezoek in de jaren tachtig aan Barcelona wel eens kwam. Goedkoop, een soort rovershol, alternatief en bovendien heerlijke pizza’s. Het was, sinds de opening in 1977, één van de ontmoetingsplaatsen van de anarchistische beweging van Barcelona. Hij zat aan de carrer Hospital en als ik geluk had kon ik de auto, een blauwe Renault-9, soms op 30 meter in een klein steegje parkeren. Dat deed ik liever, in die tijd, dan de halve straat door te lopen, een gure buurt als je er om één uur ’s nachts uit de pizzeria kwam. Veel is er veranderd, sindsdien. Het gebouw bestaat niet eens meer, stond ongeveer op de plek waar nu de Rambla de Raval de straten Carme en Hospital ‘raakt’, een open ruimte nu. Soms mis ik Rivolta een beetje, ook al omdat hij ‘ineens’ was verdwenen, zonder tijd te geven om afscheid te nemen.

Maar er zijn dingen die de vooruitgang wel weerstaan. Bar Raval is er zo één. Niks bijzonders, eigenlijk, behalve de enorme flamenco-pop aan de ingang en het ontspannen sfeertje. Maar zo’n tent die, eenmaal ontdekt in de jaren tachtig, je blijft trekken, al is het maar heel sporadisch. Raval was, en is nog altijd, de plaats om na een avondje theater af te spreken en een biertje of glas wijn te pakken. Ook acteurs en regisseurs zelf komen er graag, als ze ergens in de buurt, of in één van de theaters aan de Parallel, hebben gespeeld. Oh ja, het adres: Doctor Dou, om de hoek bij het Macba…

Het leukste terrasje van de stad

Dat van dat ‘leukste’, dat is natuurlijk heel persoonlijk. Iedereen heeft z’n favoriete plekken. En dit is er niet eens één waar ik heel erg veel kom. Maar juist dat sporadische, dat maakt elk bezoek weer extra aangenaam. Zeker op dagen als deze, met net als in Nederland mooi strandweer.

Joanet zit al sinds mensenheugenis op de Plaça Sant Agustí Vell, dichtbij de markt Santa Catarina, op het einde van één van de leukste straten van de binnenstad, Carders. Joan en zijn vrouw bleven ook open toen dit pleintje, zo’n 10 tot 15 jaar geleden, een no go area was. De drugshandel tierde er welig, nooit zette hier enige toerist zijn voet en de lokale bewoners waren doodsbenauwd voor de handelaars en junks. Joan klaagde vandaag nog altijd over de chusma, het tuig dat hij elke dag voor zijn terrasje ziet hangen, maar tóch is ook hij intens verliefd op deze plek, onder de schaduw van de torenhoge almeces, die we als de ‘Europese netelbomen’ zouden moeten vertalen.

Bij Joanet eet je authentiek, uitstekende tapa’s maar ook, doordeweeks, een prima menu. Met mensen uit de buurt, klanten sinds tientallen jaren, en wat verdwaalde toeristen. Bejaarden en jonge gezinnen. Het is er net alsof je, middenin de stad, op 5 minuten van het Picasso-museum, ergens op een Spaans dorpspleintje zit. En ondanks dat ‘tuig’ dat Joan altijd ziet, is het er redelijk veilig geworden; veiliger dan op de Rambla, denk ik. Wat stadsvernieuwing in de directe omgeving en vooral het nieuwe leven dat deze wijk door talloze winkeltjes is ingeblazen hebben een positief effect gehad.

Zit Joanet vol, en die kans is groot, dan kun je trouwens ook aan de overkant, bij l’Económic. En ’s avonds voor een biertje bij een beruchte bar op de hoek, Mundial.