Praten over wielrennen

arcalis1

Even een kort eerbetoon aan Mart Smeets. Niet alleen omdat hij mij voor half Nederland een veer in de kont stopte (heb het zelf niet gehoord, maar mag hem geloof ik dankbaar zijn), maar gewoon omdat hij en zijn redactie- en productieteam er met steeds minder (financiële) middelen in slagen elke avond weer vanaf de meest onwaarschijnlijke plaatsen een Avondetappe van een uur in elkaar te stampen, met gasten die via logistieke hoogstandjes worden binnengevlogen of -gereden. Het blijft een onwerkelijk idee, dat je ergens in een mooi huis, Ca l’Areny in Ordino (Andorra) zit, met Mart aan het hoofd van de tafel en Maurits Hendriks (technische directeur NOC*NSF) en oud-renner Michael Boogerd naast en tegenover je, enkele cameramensen en verder de absolute stilte. En dat aan de andere kant van die camera’s honderdduizenden mensen je onzin of juist mooie zinnen horen uitkramen cq. -spreken.

Mart, en daar gingen we het over hebben, twee meter hoog en een nóg grotere omtrek, leidt zo’n uur TV zónder autocue (de vooraf door een scriptwriter geschreven tekst die de presentator op de camera voorbij ziet lopen en voorleest; zelfs een kanjer als Matthijs van Nieuwkerk kan niet zonder en nieuwslezen bij het Journaal is vooral dat, letterlijk, nieuws voorlezen) en zijn veelgeroemde samenvattingen van de etappe van de dag lepelt hij met zijn bombarie uit het hoofd op. Op het papiertje voor hem staat slechts één kreet en er liggen de uitslagen; meer niet.

Hij kan goed of slecht vallen, je kunt hem pedant of juist innemend vinden, je kunt het leuk of vréselijk vinden met hem te werken, maar op zijn bulk routine laat hij ons een avondje praten over en luisteren naar verhalen over wielrennen, sport, het leven, Frankrijk, of Spanje. Mét de jongens (Jeroen Stekelenburg en Han Kok) die de reportages maken en zelf nooit in beeld komen, met die hele teams anonieme werkers achter hem, moeten we blij zijn met dit soort TV-grootheden die vooral, in de eerste plaats, journalist zijn en dat ook altijd willen blijven.

En hóe mooi zo’n Tour blijft, en waarom ik hem af en toe mis (ik versloeg hem van 1990 tot 2000, o.a. de jaren van Miguel Indurain) bewijst onderstaande foto. Lance Armstrong maakt zich op voor een massaal interview, kort na de etappe in Andorra. Zie het Cristiano Ronaldo nooit doen, zoiets. En let op de man linksachter: een uitgeputte renner die zich omkleedt, zich niks aantrekkend van het persvolk. Dat is de Tour, altijd dichtbij.

arcalis2

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s