De Nederlandse gitarist van Park Güell

Hij zit er al zo’n vijftien jaar, zegt hij. Twee, drie uurtjes per dag, ergens temidden van de 86 zuilen van de Sala Hipóstila, de enorme ruimte onder het grote plein van het Park Güell. Christiaan de Jong is er niet elke dag, verblijft ook regelmatig in Nederland, maar als hij in Barcelona is, is dit zijn gebruikelijke standplaats. Subsidies heb je niet of nauwelijks in Spanje, en met die drie uurtjes per dag van mooie gitaarmuziek in een akoestisch prachtig open ruimte verdient hij voldoende om zich de rest van de dag op zijn andere muzikale projecten te richten. Ooit componeerde Christiaan de Gaudi-suite, muziek voor de fluit speciaal voor deze bijzondere plaats in het Park Güell geschreven.

Nu speelt hij gitaar, vooral werk van de Catalaanse componist Francesc Tàrrega. Onder zijn stoeltje zit een kleine versterker verborgen, want de snaren alleen zouden het geluid niet ver genoeg brengen. Probleem is dat het verboden is in Barcelona, muziek op straat maken met een versterker. Dus komt er af en toe een agent langs die even niet de zakkenrollers en illegale straatverkopers wil achtervolgen en dan de versterker van Christiaan in beslag neemt. Boete van 90 euro en nog eens 190 extra om de versterker weer terug te krijgen.

En dat terwijl hij nog zo netjes en voorzichtig doet, zegt hij. Hij heeft de nabijgelegen school gevraagd of ze last van hem hebben. Nee, dus. En de vaste gidsen van de groepen toeristen kent hij allemaal. Sommigen willen dat hij even stopt te spelen als zij hun verhaal houden, anderen vragen of het een klein beetje stiller mag. Geen probleem.

 

De muzikale klanken van zijn gitaar zijn een verademing bij de rest van de herrie die zich van het Park Güell meester heeft gemaakt. Niet alleen door de dagelijkse, ongelooflijke drukte – als om 10 uur de poorten opengaan is het al direct behoorlijk vol met vroege toeristen -, maar ook door zogenaamde muzikanten die er helemaal niets van kunnen en verkopers van fluitjes die vogels nadoen en er zelf de hele tijd op blazen; de echte vogels zijn allang uit Park Güell weggevlucht.

Ik sprak gisteren een groep blinden in het park. Nee, echt genieten met het gehoor konden ze hier niet meer. Bleef over het gevoel, de tact, de vingers en handen die langs de bijzondere door Gaudí bedachte vormen glijden. Ook Christiaan de Jong heeft het in die 15 jaar steeds drukker zien worden. Goed voor de inkomsten, minder voor de schoonheid van het park. Toch heeft de gemeente maar afgezien van het plan om entree te gaan heffen voor een bezoek aan wat toch nog altijd één van de mooiste plekjes van de stad blijft.

P.S. Had me er trouwens nooit in verdiept, maar hoorde eindelijk eens waarom Park Güell zo geschreven is, met een k, terwijl het in het Spaans parque is en in het Catalaans parc. De rijke zakenman Eusebi Güell ontdekte in Engeland de door Ebenezer Howard bedachte Garden City, de Tuindorpen en Tuinwijken die we in Nederlandse steden ook kennen; zijn idee was om op deze heuvel in Barcelona, de Muntanya Pelada (de kale berg) zo’n tuindorp te bouwen. Het project bestond uit 60 lappen grond van 1.000 tot 2.000 vierkante meter, maar slechts twee ervan werden verkocht en bebouwd. Dus werd het een park in plaats van een luxe wijk en, ter ere van de Engelse oorpsrong, noemde Güell het Park.   

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s